Kunststofvloeren, bedacht in de appelschuur

Bolidt

Het gaat weer goed met de Nederlandse maakindustrie, dus is er weer ruimte voor experimenten. Zoals bij kunststofspecialist Bolidt.

Wie iets nieuws probeert, maakt onvermijdelijk fouten. Zijn vader, die toen nog bij verffabrikant Sikkens werkte, had met een collega iets nieuws bedacht. Een vloeibare kunsthars die na een tijdje keihard werd. Dikker dan verf, maar je kon het met een troffel wel overal op smeren. Op schepen, brugpijlers, betonnen vloeren. En dan beschermde het tegen roest, breuken en slijtage. Maar wat ze niet precies wisten, was hoe dat goedje zich onder alle omstandigheden gedroeg.

In het Dolfinarium ging het mis. Zoon Rientz Bol (52): „Ze gingen een bak voor dolfijnen waterdicht maken. Maar na een tijdje liep toch al het water eruit . Moesten gauw die dolfijnen eruit.” Bol, baas van familiebedrijf Bolidt, lacht er nu hartelijk om.

Waar hij minder hartelijk om lacht, is een experiment dat onder zijn eigen bewind mislukte. Bolidt had een nieuwe manier bedacht om rails te bevestigen aan de ondergrond voor de HSL. Het bedrijf had er zeven jaar aan gewerkt en er „duizenden en duizenden euro’s aan verspijkerd. We hadden echt het ei van Columbus, dachten we.” De aanbesteding liep toch mis. Bol wipt nijdig op zijn stoel als hij eraan denkt. „De verzekeraars wilden het niet dekken, want het was nog nooit eerder gedaan. Daar hadden we geen rekening mee gehouden. Zóveel energieverspilling.” Maar goed, Bol weet weer: wie iets nieuws probeert, maakt fouten.

Slijtvast of waterbestendig

Bolidt is een familiebedrijf, weggestopt op een onopvallend industrieterrein bij Hendrik-Ido-Ambacht. Wat begon als een tweemanszaakje van vader Bol en een laborant, is nu een productiebedrijf met 250 mensen in vaste dienst en 150 mensen in ‘vaste inleen’. Het bedrijf maakt en legt over de hele wereld kunststof vloeren, scheepsdekken en slijtlagen, met allerlei bijzondere eigenschappen. In 2002 kwam zoon Rientz in het bedrijf, nadat hij eerst een eigen handelsbedrijfje in chemische producten had opgezet.

Het gaat zo goed met Bolidt dat het bedrijf, ruim vijftig jaar oud, een eigen ‘innovation and experience center’ bouwt, waar klanten van over de hele wereld kennis kunnen maken met de producten. In Hendrik-Ido-Ambacht, ja, waarom niet? Je moet gewoon wat meer je best doen om die mensen te trekken. Het laatste plan is een rad in de brug naar Kinderdijk met bewegende hotelkamers.

De kans is groot dat je al een keer een product van Bolidt onder je voeten hebt gehad. Op de Moerdijkbrug, op de Zeelandbrug en op de Galecopperbrug bij Utrecht ligt Boligrip, een lichte, geluidsdempende toplaag die spoorvorming tegengaat. Bolidt heeft slijtvaste vloeren gegoten in talloze parkeergarages, zoals de nieuwe bij Hoog Catharijne in Utrecht. Er ligt Bolidt in het EYE in Amsterdam, in het Kröller-Müller, in Boijmans van Beuningen. In het Erasmus MC komt straks 60.000 vierkante meter Bolidt-laag op de wanden en vloeren. Naadloos aangesloten, om bacteriegroei tegen te gaan. Bolidt legt vloeren in gevangenissen, kazernes, laboratoria, slachthuizen, fabrieken, op stations en op cruiseschepen – overal waar de ondergrond slijtvast, waterbestendig en schoon moet zijn. Of met een opvallend profiel of print, zoals in het London Science Museum of het Europees Parlement.

Over de vloer bij vloerenfabrikant Bolidt, in Hendrik-Ido-Ambacht. Foto Olivier Middendorp

De stoel van Rientz Bol schuift geruisloos over een lichtgrijs Bolidtvloertje in de vergaderzaal. Ook Bolidt heeft de crisis achter zich gelaten, vertelt hij. Vorig jaar steeg de omzet met 15 procent. De jaaromzet is nu 65 miljoen euro, de winst „gaat wel goed”. Bolidt haalt 75 procent van de omzet uit het buitenland. De tijd dat Bol ’s nachts wakker lag, zich voorbereidend op de speech waarin hij zijn personeel moest zeggen dat er niks meer te doen was, is voorbij.

Bolidt moet het hebben van klanten die iets speciaals zoeken dat grote producenten van kunstharsen zoals BASF niet kunnen leveren. Wil je een kunststof scheepsdek met een houtprofieltje? Een vloer met airbrush-print? Toverbaleffecten, anti-slip, anti-statisch, anti-bacterieel, met wiskundige patronen? Het kan.

Vloer van Bolidt, deze ligt ook als fietspad op de Erasmusbrug.Foto Olivier Middendorp

We maken een rondje door de fabriek, langs grote mengkuipen waar mannen in een lobbig mengsel staan te mixen. Bolidt heeft 15.000 tot 20.000 recepten voor verschillende harsen, zegt directeur Bol. Pas vlak voordat de vloer wordt gegoten of de wand wordt ingesmeerd, gaan de laatste ingrediënten erbij, waardoor het mengsel gaat harden.

Het grootste deel van het personeelsbestand van Bolidt bestaat uit ‘applicateurs’. Marketingmanager Michel van der Spek loopt mee: „Die doen het moeilijkste werk.” Met de kuipen vol ingrediënten reizen zij naar de plekken waar de vloeren of coatings moeten komen. Op het dek van een cruiseschip in Zuid-Korea bijvoorbeeld. Voor het aanbrengen bekijken de applicateurs met satellietbeelden of er echt geen regenbui aankomt, want „water is de vijand”. Dan moet het hele dek leeg worden geveegd, wat qua organisatie en taalbarrières een hele klus kan zijn. Een vloer moet in één keer worden gegoten. ’s Nachts werken de applicateurs door. En dan mag er niemand meer overheen. Bol weet uit ervaring dat je schoenen uit de vloer moet snijden als die vast komen te zitten.

Bolidt heeft een lab waar 25 mensen werken, maar de meeste ideeën worden bedacht, op pallets in de appelschuur achter het huis van Rientz Bol. Van der Spek haalt dan gevulde koeken, Bol zorgt voor een Nobeltje, een likeurtje. Er is geen verwarming en geen riolering. Plassen moet buiten. Bol: „Poepen is verboden.”

Elke zaterdagochtend nodigt hij een paar mensen uit het bedrijf uit en brainstormen ze over nieuwe recepten, robotisering, of hoe ze het bedrijf slimmer kunnen runnen. De antibacteriële vloer is in die schuur bedacht. En het innovatiecentrum. En dat rad met de bewegende hotelkamers. Weg van de gladde kantoorvloeren gaat het denken op één of andere manier beter.