Trump wil af van Iran-deal, wat nu?

Internationaal akkoord

De Amerikaanse president Trump gaat deze week tijdens een toespraak mogelijk vertellen dat hij de stekker uit de deal wil trekken. Iran denkt dat het tijd is dat de Amerikanen weer een lesje leren.

Een Iraanse vrouw in Teheran, op de eerste verjaardag van de Iran-deal, op 15 januari 2017. Hoewel Iran zich aan de afspraken houdt, wil Trump mogelijk toch onder de deal uit. Foto’s Abedin Taherkenareh/EPA

President Trump staat op het punt de Amerikaanse relatie met Iran op scherp te stellen. Hij zou van plan zijn het internationale akkoord over het Iraanse nucleaire programma deels onderuit te halen. Het akkoord moet voorkomen dat Iran kernwapens zal ontwikkelen.

Na het afscheid van het Klimaatverdrag van Parijs, afgelopen zomer, zou Trump dan een tweede belangrijke multilaterale afspraak uit het Obama-tijdperk beschadigen.

Het Witte Huis kondigde dinsdag aan dat Trump nog deze week een toespraak zal houden over Iran. Mogelijk zal hij dan ook de Iraanse Revolutionaire Garde tot terroristische organisatie bestempelen.

Na twaalf jaar van uiterst moeizame onderhandelingen kwamen Iran en de wereldgemeenschap in 2015 overeen dat Teheran het verrijken van uranium zou beperken tot kleine hoeveelheden voor vreedzame doeleinden. In ruil voor de restricties werden Amerikaanse en internationale sancties opgeschort.

Trump heeft de Iran-deal als presidentskandidaat verketterd en probeert er al maanden onderuit te komen. In de VN noemde hij de overeenkomst vorige maand „de slechtste deal die de Verenigde Staten ooit gesloten hebben”. Hij wil de afspraak openbreken en opnieuw onderhandelen in de hoop op gunstiger voorwaarden.

In de ogen van Trump is Iran een onbetrouwbare schurkenstaat die de wereldgemeenschap een rad voor ogen draait. Het openbreken van de deal zou ook een waarschuwing zijn dat deze Amerikaanse regering niet van plan is om ontplooiing van Iraanse macht in het Midden-Oosten zomaar te accepteren.

Het gaat om een internationale, door de VN-Veiligheidsraad goedgekeurde afspraak, die Trump niet zomaar kan opzeggen. Wel moet een Amerikaanse president, op basis van Amerikaanse wetgeving, elke negentig dagen aan het Congres melden of Iran zich aan de afspraken houdt en het sanctieregime buiten werking kan blijven. Trump heeft, tot zijn grote ongenoegen, al twee keer een goedkeurende verklaring moeten afgegeven. De nieuwe deadline is 15 oktober.

Als Trump zijn goedkeuring nu onthoudt, moet het Congres binnen zestig dagen beslissen of de Amerikaanse sancties weer van kracht worden. Als het Congres vervolgens geen sancties instelt, kan de internationale afspraak in theorie overleven. Als het Congres wel tot sancties besluit, dreigt de afspraak uiteen te vallen. Dat zou in principe kunnen betekenen dat Iran een kernwapen gaat ontwikkelen. Een afkeurende verklaring van de president leidt in elk geval tot politieke spanningen en onzekerheid.

Lang niet iedereen is het met Trump eens. Zijn hoogste militaire adviseur, Joseph Dunford, de voorzitter van de Joint Chiefs en zijn minister van defensie, Jim Mattis, staan achter de deal, evenals zijn belangrijkste Europese bondgenoten. China en Rusland zien ook geen redenen om op de afspraak terug te komen.

Republikeinen in het Congres moedigen Trump aan en waren altijd al fel gekant tegen de deal. In 2015 stuurden de Republikeinen Iran een brief met de belofte de overeenkomst na een machtswissel in het Witte Huis onderuit te zullen halen.

Druk vanuit het buitenland

De afgelopen weken is intensief gelobbyd om Trump op andere gedachten te brengen. De Franse president Macron deed via CNN een beroep op Trump de deal intact te laten, de Britse premier May belde Trump dinsdag met dezelfde boodschap. Federica Mogherini, de ‘Buitenland-coördinator’ van de EU riep de onderhandelaars van destijds bijeen in de marge van de Algemene Vergadering van de VN en vorige week zwierven Europese politici uit over Capitol Hill om Congresleden te overtuigen van Trumps ongelijk. Vijfentachtig veiligheidsexperts en antikernwapenactivisten waarschuwden Trump bovendien in een brief.

Het belangrijkste argument van Trumps tegenstanders is simpel: Iran heeft een afspraak gemaakt met de wereldgemeenschap en houdt zich daar ook aan. Het Internationaal Atoom en Energie Agentschap (IAEA) concludeert op basis van inspecties steeds weer dat Iran doet wat is afgesproken. Er is dus geen enkele reden om de afspraak op te zeggen. Een Amerikaans ‘nee’ tegen de deal zou de geloofwaardigheid van de VS ondermijnen. En als je een afspraak met Iran opblaast, hoe krijg je dan ooit nog Noord-Korea aan tafel?

Een zwakte van de deal is dat de restricties die Iran accepteerde op den duur vervallen. In ruil voor het opheffen van sancties moest Iran zijn kernprogramma drastisch inperken opdat een kernwapen voorlopig buiten bereik kwam: Iran mag maar kleine voorraden verrijkt uranium en zwaar water aanhouden, de toegestane verrijkingsgraad is te laag voor een kernwapen en de verrijking vindt plaats in één fabriek met verouderde centrifuges. Die restricties komen tussen 2025 en 2030 te vervallen.

Voorstanders van de afspraken onderstrepen dat Iran nu niet snel een kernwapen kan ontwikkelen, tegenstanders wijzen op de vervaldatum van de restricties. Tegenstanders vinden de afspraak ook te beperkt omdat andere bedenkelijke Iraanse activiteiten – steun aan Hezbollah, de ontwikkeling van ballistische raketten – er niet onder vallen. Voorstanders zeggen dat de deal bewust beperkt is omdat zo in elk geval het grootste gevaar kon worden ingedamd.

Iran speelde het spel oorspronkelijk heel koeltjes. Iran stelt dat er niet opnieuw onderhandeld kan worden en dat het zich niet langer gebonden voelt als de VS de afspraak opzeggen. De Iraanse minister van buitenlandse zaken Javad Zarif zei vorige maand echter ook dat de goedkeuringsprocedure een Amerikaanse aangelegenheid is en dat er internationaal maar één autoriteit is die over het Iraanse gedrag oordeelt, namelijk de IAEA.

De afgelopen dagen sloeg Iran echter een vijandigere toon aan. „De Amerikanen maken de wereld gek”, aldus een regeringswoordvoerder. „Het wordt tijd dat we ze weer eens een lesje leren.”