Column

Alleen het Jeugdjournaal bracht Rutte uit evenwicht

Zap

Televisierecensent Arjen Fortuin zag dat de vier partijleiders niets aan het toeval overlieten. Alles was erop gericht fouten van de beeldregie uit het verleden te voorkomen.

Foto’s David van Dam

Er is een klassieke SDAP-poster waarvan in de jaren zeventig vaak een reproductie hing bij hoogopgeleide socialisten. Erop zag je een geweldig gebouwde arbeider vastberaden naar voren stappen. Achter hem een donkere lucht, grijze fabrieken, in zijn hand het stembiljet met het juiste vakje rood gekleurd en dat alles met de tekst: ‘Uit het donker naar het licht. Proletaren kent uw plicht.’

Ik moest aan het affiche denken bij de opkomst van de vier partijleiders voor de presentatie van het nieuwe regeerakkoord. Rutte, Buma, Pechtold en Segers stapten via een zijdeur uit een schemerige gang de marmerwitte helderheid van de oude Tweede Kamer binnen: rechtop en met ferme stap. De boodschap: met deze vier mannen laten we de duistere crisistijd achter ons en stappen we over de drempel, vol vertrouwen in een kraakheldere toekomst. Slechts één detail onttrok zich dinsdagmiddag aan die beeldregie van de entree: Alexander Pechtold sloeg juist voor de drempel de ogen even neer en maakte daardoor toch een wat weifelmoedige indruk.

Lees ook vijf reacties op het regeerakkoord: Gemiste kans of knap staaltje werk?

Veel was er bij de presentatie op gericht om fouten van de beeldregie uit het verleden te voorkomen. Lees: fouten van vijf jaar geleden. Toen stonden Mark Rutte en Diederik Samsom voor een grote foto van een brug: het kabinetsmotto was immers Bruggen bouwen. Maar ja, ieder symbool kan tegen je gebruikt worden, en dat gebeurde dus ook. Bovendien was er dit jaar vast ook niet een-twee-drie een foto van ‘vertrouwen in de toekomst’ beschikbaar. Dus bleef het bij witte muren. Voor het kleine stukje wand in de zaal met foto’s van het roemruchte vergaderverleden van de ruimte was een wit paneel geplaatst met een bleek embleem van de Tweede Kamer. De kleur bleef beperkt tot de grote vakken van het tapijt, waarbij het katheder op het paars was geplaatst.

De presentatie-opstelling ademde vóór alles afstandelijkheid. De vier mannen trokken niet samen op. Ze namen bij toerbeurt het woord, waarbij de anderen een paar meter rechts achter de spreker hun best deden om er zo stil en uitdrukkingloos mogelijk bij te staan. Want dat was ook een les van 2012: de bromance van Rutte en Samsom had beider achterbannen het beeld gegeven dat al hun standpunten kraaiend van plezier waren opgegeven – met alle frustraties van dien. Dat nooit weer, dus zetten de fractieleiders hun allerernstigste gezichten op. Toen Rutte sprak, draaiden alleen de duimen van Buma.

Dat liep volgens plan zolang Rutte aan het woord was, maar toen hij na een herenhanddruk het woord aan Buma had gegeven, moest hij zelf in het rijtje plaatsnemen. En de premier van Nederland heeft vele kwaliteiten, maar stilstaan is, zeg maar, niet echt zijn ding. Rutte bewoog evenveel als de andere drie bij elkaar. Hij knikte mee als Buma iets verstandigs zei, moest zich bedwingen om niet te openlijk de zaal in te spieken en had op diverse plaatsen last van kriebeltjes. Hij zat aan zijn manchetknopen, aan zijn das en aan zijn bril.

Vervolgens braken ook stukjes onderlinge chemie naar buiten: de ironische blik van Pechtold naar Rutte op het moment dat Buma het woord Wilhelmus in de mond nam. Rutte en Pechtold die tegen elkaar smoesden toen Segers sprak, waarna Buma – die net iets verder weg stond – ook iets zei. Na zijn praatje kreeg Pechtold geen zakelijke handdruk van de premier, maar een hartelijke klap op de schouder. Je begrijpt meteen waarom Pechtold en Rutte ’s avonds niet samen bij Humberto Tan aan de kaasstengels zaten: dat zou veel te gezellig worden. Rutte ging nu met Segers naar RTL Late Night, waar Humberto Tan hem geen rustige avond gunde. Met scherpe vragen over vertrouwen en de ‘sleepwet’ kreeg de presentator Rutte bijna echt kwaad.

Buma („vanaf nu zeggen we allemaal hetzelfde”) en Pechtold ‘deden’ Nieuwsuur. De linkse oppositie zat bij Pauw.

In de nieuwsuitzendingen op tv deed de witte muur zijn werk: een achtergrond waartegen geen politicus bleek afsteekt. Waarbij in de montage dankbaar gebruik gemaakt werd van het enige moment waarop werd gelachen. Dat was toen Alexander Pechtold zijn praatje begon met de vaststelling dat het zelfs voor zijn partij heel wat was om met vier mannen tegelijk het jawoord te geven. Het bracht ook bij zijn christelijke aanstaanden de mondhoeken in beweging – het haalde DWDD, Pauw en EenVandaag.

Het heilige ernstvoornemen van de beeldregie werd vooral op de proef gesteld door de verslaggevers van RTL Boulevard en het Jeugdjournaal. Aan Bridget Maasland (RTL) gaf Rutte toe dat er sprake was van ‘Bumor’ aan de onderhandelingstafel. Het Jeugdjournaal slaagde erin de premier uit zijn evenwicht te brengen, door hem te vragen naar het begin van het Wilhelmus. „Wilhelmus van Nassouwe, zijn wij van Duitsen bloed”, zei de premier opgewekt. Oepsie, zeggen wij thuis dan. Was er toch nog één element aan de regie ontsnapt.