Na jaren van bezuinigingen krijgt Defensie eindelijk weer geld

Buitenland en defensie Rutte III erkent de noodzaak van internationale en Europese inbedding.

Foto Bas Czerwinski/ANP

Defensie krijgt er de komende jaren veel geld bij: na onderwijs is het de tweede grootste investeringspost. 1 De uitgaven stijgen de komende jaren tot ruim 1,5 miljard euro extra per jaar in 2021. Na jaren hard bezuinigen erkent het nieuwe kabinet de noodzaak daarvan: het extra geld moet worden gebruikt om „de basisgereedheid op orde” te brengen, de „operationele inzetbaarheid” te vergroten en voor „de vervanging en vernieuwing van materieel”.

1 Nog ver van NAVO-norm. Met de 1,5 miljard euro extra voldoet Nederland nog lang niet aan de NAVO-norm van 2 procent van het bbp voor Defensie. Zelfs het Europees gemiddelde haalt Nederland nog niet: daarvoor zou jaarlijks 3,6 miljard euro nodig zijn bovenop het huidige budget van 8,4 miljard euro. Ook is de investering minder dan wat CDA en ChristenUnie wilden: respectievelijk 2,1 en 2 miljard extra.

Daarnaast wordt er structureel 20 miljoen extra uitgetrokken voor „forse uitbreiding van cybercapaciteit en technologie bij alle krijgsmachtonderdelen”. Opvallend is dat er in het akkoord niks staat vermeld over de salarissen van defensiepersoneel. Bij defensie is er inmiddels al vier jaar geen cao, en de onvrede over de arbeidsvoorwaarden bij het personeel is groot. Voor militairen die tijdens een missie gehandicapt of getraumatiseerd zijn geraakt, wordt binnen de defensiebegroting wel een apart fonds opgericht waarin 20 miljoen euro wordt gestort.

In plaats van de bestaande Internationale Veiligheidsstrategie wil het nieuwe kabinet een nieuwe, gecombineerde veiligheidsstrategie formuleren waarin naast buitenlandse dreigingen ook binnenlandse dreigingen, zoals terrorisme, worden opgenomen. In het regeerakkoord wordt verder benadrukt dat eventuele nieuwe missies „voor langere duur” en met „voldoende omvang” moeten worden aangegaan. 2De investeringen in de krijgsmacht zijn mede hierop gericht”, schrijft het nieuwe kabinet.

2 Dat laatste moet na de recente harde conclusies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over gebreken tijdens de missie in Mali worden gezien als een signaal: het extra geld moet zulke incidenten in de toekomst voorkomen.

Defensie trekt bij de buitenlandse missies nauw op met het ministerie van Buitenlandse Zaken. Er komt meer geld bij voor de Nederlandse ambassades in het buitenland: 40 miljoen euro. Hiermee wordt een deel van de bezuinigingen van vorige kabinetten teruggedraaid. „Nederland streeft ernaar koploper te worden in consulaire dienstverlening”, aldus het regeerakkoord.

In de buitenlandparagraaf van het regeerakkoord is wederom 3 een passage opgenomen over het Midden-Oostenconflict: „Nederland benut de goede betrekkingen met Israël en de Palestijnse Autoriteit voor het behoud en de verwezenlijking van de tweestatenoplossing: een onafhankelijke, democratische en levensvatbare Palestijnse staat naast een veilig en internationaal erkend Israël.”

3 Geen nieuwe Israël- politiek. De tekst over het Midden-Oosten is een evergreen. De passage is vrijwel gelijk aan eerdere regeerakkoorden. Er wordt gesteld dat Nederland zich zal inzetten voor een tweestaten oplossing. Maar nieuw is dat gesproken wordt over een onafhankelijke Palestijnse staat. In de nieuwe coalitie staat D66 het meest kritisch tegenover Israël. Aan de andere kant van het spectrum bevindt zich de ChristenUnie die uitgesproken pro-Israël is.

De coalitiepartijen vinden dat op zoek moet worden gegaan naar een alternatieve vorm van samenwerking tussen de Europese Unie en Turkije 4in plaats van een volledig Turks EU-lidmaatschap waarover nu wordt onderhandeld.

4Er bestaat al wel een douane-unie tussen de Europese Unie en Turkije. Deze samenwerking kan worden uitgebreid. De Duitse bondskanselier Angela Merkel heeft zich ook al meerdere keren uitgesproken voor zo’n bijzonder lidmaatschap.

Nederland en Duitsland hebben beide gespannen relaties met Turkije. Deze zijn terug te voeren op de bemoeienis van Turkije met in Nederland en Duitsland woonachtige Turken.

Over Europa schrijft het aanstaand kabinet dat het 5 „geen voorstander is van een stabilisatiemechanisme (fiscal capacity) op EMU-niveau”. De mogelijkheid van een minister van Financiën voor de eurozone wordt überhaupt niet benoemd.

5 Anti-Macron. De passages over Europa lezen bijna als een aanklacht tegen de grootse plannen die de Franse president Emmanuel Macron onlangs ontvouwde. Centraal in zijn plannen staat een speciale begroting voor de eurozone, met daarin honderden miljarden euro’s, om economische schokken op te vangen. Een passage over een Europese minister laat het kabinet misschien wel bewust weg, omdat de kans groot is dat die er wel degelijk zal komen en Rutte III dan gezichtsverlies zou leiden.

Wel wil het nieuwe kabinet strenger toezicht in EU-verband op nationale begrotingen. En verder wil het de klok eigenlijk terugdraaien in de muntunie. „De afspraak dat schulden van het ene land niet door andere landen worden overgenomen 6(de no bail out-clausule ), moet geloofwaardig worden hersteld”. De positie van het aanstaande kabinet vertoont grote gelijkenissen met een rapport van scheidend Duits minister van Financiën Wolfgang Schäuble, dat maandag uitlekte. In de eurozone kijkt Rutte III hoopvol naar Berlijn – en wantrouwend naar Parijs.

6 De no bail out-clausule schrijft voor dat eurolanden elkaar niet te hulp schieten bij financieringsproblemen. Die regel kwam onder druk te staan door de miljardenleningen aan onder meer Griekenland, via het noodfonds ESM waar kapitaal van alle eurolanden in zit.