Opinie

Het wantrouwen heerst in de EU

Het nieuwe kabinet ziet zich als „voortrekker in een slagvaardigere Europese Unie” die burgers beschermt. Het zet vol in op een Europese aanpak van asiel, migratie en grensbewaking, inclusief het type deals met Turkije waardoor GroenLinks eerder afhaakte. Het besef is ingedaald dat onze zuidgrens loopt aan de Middellandse Zee. Daarentegen trapt Rutte III flink op de rem van de financiële Europese plannen. Wantrouwen heerst. Herstel van no-bailout-clausule door meebetalen van private financiers bij een staatsbankroet of kwijtschelding van schulden. Geen vergemeenschappelijking van schuld. Pas een gezamenlijk depositostelsel als banken in alle lidstaten gezond zijn. Dit laatste is tekenend. Toen de euro in 2012 bijna bezweek, vonden leiders een reddingsboei in de bouw van een ‘bankenunie’, die de vicieuze cirkel tussen zwakke banken en zwakke staten kon doorbreken. Kort erna stond de bankenunie ongeclausuleerd in het vorige regeerakkoord. Maar nu krabbelt Rutte III terug: de sluitsteen pas onder strikte voorwaarden. In Berlijn kunnen scheidend financiënminister Schäuble en de liberale FDP tevreden zijn: hun losse ideeën zijn alvast regeringsbeleid. Als onderhandelinzet is het begrijpelijk. Maar Rutte zet zichzelf vast. Duitse financiële linies sneuvelen steeds in de Frans-Duitse politieke dynamiek op ‘chefniveau’. Achter het doctrinaire Nein is het niet goed schuilen. Teleurstelling is ingebouwd.