Genderselectie bij embryo’s

Medisch-ethische kwesties D66 en de ChristenUnie hebben elkaar medisch-ethische thema’s gegund. De vier partijen blijven praten.

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers staat de pers te woord voor wijkgebouw Eltheto, waar zijn fractie bijeen is om het regeerakkoord te bespreken. Foto Lex van Lieshout/ANP

Ouders die het risico lopen een zeer ernstige erfelijke ziekte door te geven aan hun kinderen, krijgen de mogelijkheid bij een ivf-behandeling te kiezen of ze een jongen of meisje geboren laten worden. 1 Deze mogelijkheid tot genderselectie (1) zal alleen geboden worden als het risico op het doorgeven van een ernstige erfelijke ziekte aan het nageslacht zeer groot is. Sommige ziektes worden (vrijwel) alleen aan jongens of aan meisjes (erfelijke borstkanker) doorgegeven: met embryoselectie kan dat worden voorkomen.

1 Klassieke uitruil. Hier heeft de ChristenUnie moeten slikken. De ‘beschermwaardigheid van het leven’ is voor de christenpolitici een zeer groot goed. Genderselectie bij embryo’s, hoe beperkt ook, is voor hen moeilijk verteerbaar.

De ChristenUnie krijgt ook wisselgeld voor de compromissen op medisch-ethisch gebied: het manifest Waardig Ouder Worden, bedacht door de partij, wordt volledig uitgevoerd. Daarvoor is komend jaar 180 miljoen euro beschikbaar en daarna structureel 30 miljoen. Er staat bijvoorbeeld in dat er een coördinerend minister van ouderenzaken moet komen, meer geld voor mantelzorgers, en meer aandacht voor pijnbestrijding in de laatste levensfase.

De discussie over een ‘Wet voltooid leven’ gaat verder. Dit wetsvoorstel van D66 moet regelen dat ouderen die niet ziek zijn maar hun leven voltooid achten, euthanasie kunnen krijgen. 2 Er komt een wetenschappelijk onderzoek naar de groep mensen die eventueel gebruik zou maken van een dergelijke wet.

2 Truc: onderzoek. Dit was een groot strijdpunt tussen D66 en de ChristenUnie. Een onderzoek is een bekende truc om de discussie voort te zetten, zonder direct maatregelen door te voeren. Bewust laten de partijen in het midden welke stappen na zo’n onderzoek genomen zouden kunnen worden.

D66-Tweede Kamerlid Pia Dijkstra mag haar initiatiefwet over voltooid leven doorzetten in de Tweede Kamer, besloten de partijen. De Kamer, zo staat in de tekst, „kan zelfstandig besluiten over initiatiefwetgeving”. Of Dijkstra met de voortzetting moet wachten op de uitkomsten van het onderzoek naar de ‘voltooid leven-groep’ wordt uit het akkoord niet helemaal duidelijk. De ChristenUnie en het CDA zijn in ieder geval niet verplicht Dijkstra’s voorstellen te steunen.

3 Het regeerakkoord volgt daarnaast de conclusies van de onderzoekscommissie-Voltooid Leven, die vorig jaar onder leiding van Paul Schnabel schreef dat de huidige euthanasiewet (2002) veel ruimer geïnterpreteerd kan worden. Mensen met dementie kunnen bijvoorbeeld onder de huidige wet vaak euthanasie krijgen, ook al kunnen ze die wens zelf niet meer uiten. Veel artsen werken daar niet aan mee, uit angst voor vervolging. Een nieuw kabinet zal naar aanleiding van het rapport- Schnabel meer voorlichting gaan geven aan artsen en patiënten over de mogelijkheden die de huidige euthanasiewet biedt.

3 Rutte III breekt met Rutte II. Het vorige kabinet kwam vorig jaar met een eigen wet die mensen met een ‘voltooid leven’ de kans wilde bieden op euthanasie – nog voor D66-Kamerlid Pia Dijkstra háár initiatiefwet had ingediend. Demissionair minister Schippers (VVD, VWS) maakte zich er hard voor. Dit voorstel ging in tegen de conclusies van de commissie-Schnabel. Die was door het ministerie ingesteld, maar vond een ‘voltooid leven-wet’ overbodig. Rutte III schaart zich wél achter Schnabels conclusies.

Een andere belangrijke initiatiefwet van Pia Dijkstra, over orgaandonatie, wordt door het nieuwe kabinet niet tegengehouden. Die wet regelt dat mensen automatisch orgaandonor zijn, tenzij ze daar ‘nee’ tegen zeggen. Deze wet is al door de Tweede Kamer en ligt nu in de Eerste Kamer.

De vier partijen blijven praten over gevoelige medisch-ethische thema’s. Onder voorwaarden: alle vier de partijen moeten zich steeds scharen achter gevoelige medisch-ethische beslissingen. Het gaat dan bijvoorbeeld om nieuwe wetenschappelijke mogelijkheden voor het repareren van het DNA van menselijke embryo’s.

Over de zogenoemde NIP-test is al wel duidelijkheid. Dit is een test die in een vroeg stadium onder meer het syndroom van Down kan opsporen. Deze test komt niet in het basispakket, maar de subsidie die de eigen bijdrage verlaagt tot 175 euro blijft in stand.