Macron concentreert zich eerst op welgesteld Frankrijk

Begroting

De Franse president krijgt kritiek omdat zijn begroting rijken zou bevoordelen. Een ‘patsertaks’ op luxegoederen als jachten moet die indruk wegnemen.

Is Emmanuel Macron „president van de rijken”? Al sinds zijn aantreden beticht uiterst links hem ervan vooral de belangen van bemiddelde Fransen te behartigen. Zijn vorige maand gepresenteerde eerste begroting is voor de hardlinkse oppositieleider Jean-Luc Mélenchon (La France Insoumise) maar ook voor de meer gematigde Parti Socialiste het bewijs dat Macron, ondanks zijn balanceeract tijdens de campagnes, meer naar rechts dan naar links helt.

Dat heeft vooral te maken met zijn voornemen om de vermogensbelasting (de Impôt de Solidarité sur la Fortune, ISF) grotendeels af te schaffen. Terwijl nu nog bijna elke vorm van vermogen boven de 1,3 miljoen euro belast is, debatteert de Assemblée volgende week over Macrons plan om die heffing alleen te laten gelden voor onroerend goed. Het idee is dat rijken dan extra geld in de economie investeren en zo werk creëren.

Dat is een „zware morele, economische en historische fout”, oordeelde linkse econoom Thomas Piketty, specialist in ongelijkheid, in Le Monde. „Het is zinloos om fiscale cadeaus te geven aan oudere en gefortuneerde groepen die de laatste decennia al voorspoed hebben gekend.”

Eerder al wilde Nicolas Sarkozy (2007-2012) van de ISF af. Door zijn nauwe banden met grands patrons stond ook hij te boek als „president van de rijken”. Maar hij kreeg het niet voor elkaar. „Macron? Dat ben ik, maar dan beter”, zou hij volgens weekblad Le Canard Enchaîné hebben gezegd. Macron is „de verborgen zoon van Sarkozy”, kopte de linkse krant Libération vorige week.

Dat is ook een stijlkwestie. Net als Sarkozy grossiert Macron in terloopse uitspraken die polemiek veroorzaken. Vorige week nog. Op bezoek bij een bedrijf dat moeilijk personeel kan vinden, liet hij zich ontvallen dat „sommigen beter een baan kunnen zoeken dan rotzooi trappen”. Het was duidelijk op wie hij doelde: de stakende arbeiders van een bedreigde fabriek twee uur verderop. Eerder hekelde hij „luiaards” die tegen zijn hervormingen te hoop liepen.

Hoewel Macron volgens het Élysée zijn woordgebruik (het vulgaire foutre le bordel, rotzooi trappen) „betreurt”, zou hij „de inhoud” onderschrijven. Zijn woordvoerders proberen er intussen op te wijzen dat Macron wel degelijk oog heeft voor minder bedeelde Fransen. Zo neemt de koopkracht toe doordat voor de meeste huishoudens de woonbelasting verdwijnt en krijgen arme ouderen een hogere toelage. Maar uit onderzoek van denktank OFCE blijkt dat de hoogste inkomens het meest van de nieuwe begroting profiteren.

Dat is „de beperking van het macronisme”, analyseert filosoof Marcel Gauchet deze maand in het blad Le Débat. „Hij praat tegen het Frankrijk waarmee het goed gaat, maar heeft tegen het andere niet veel te zeggen.” Om het beeld bij te stellen, belooft Macrons République en Marche een amendement op het plan voor de vermogensbelasting: luxegoederen als jachten, extreem dure auto’s en goudstaven mogen extra belast worden.

    • Peter Vermaas