‘Het lijkt me interessant een periode in de bijstand te zitten’

Verdienen en uitgeven Peter Kasbergen (33) is oprichter en algemeen directeur van Public Cinema. Samen met een team werknemers legt hij complexe onderwerpen via beeld uit op allerlei media. Met twee huisgenoten woont hij in Amsterdam.

Foto Bob van der Vlist

IN

‘Je hebt twee soorten ondernemers: de ene soort doet het voor het geld, dat zijn de foute mannen met een dure auto. De andere soort wil iets moois opbouwen, de onderneming is daar enkel het middel voor. Ik ben van dat laatste soort. Ik wil met Public Cinema visuele producties maken die iets kunnen betekenen in de wereld – een deuk in een pakje boter kunnen slaan. Als puber was ik een angry young man, zo’n jongen die boos is op de wereld om alles wat er niet deugt. Nu besef ik dat je met boosheid in de praktijk niet verder komt en wil ik mijn rol in het leven beter invullen.

„Hoeveel ik daarmee verdien, vind ik niet interessant. Sterker nog, ik probeer zo simpel mogelijk te leven. Het lijkt me interessant eens een periode in de bijstand te zitten, om te kijken hoe het leven dan is. Of het dan ingewikkelder is om een leuk leven te leiden bijvoorbeeld. Mijn opa en oma hebben ook armoede gekend, en zij waren niet per se ongelukkig.

„Met mijn bedrijf gaat het nu heel goed en ik wil zeker nog even zo doorgaan, maar het lijkt me ook interessant om de politiek in te gaan of een boek te schrijven. Het leven is kort. Ik ben net drieëndertig geworden en ervan uitgaande dat ik, in een gunstig geval, nog veertig jaar op deze wereld rondloop, heb ik wel haast met mooie dingen doen. Ik zou met mijn werk bijvoorbeeld heel graag bijdragen aan de transitie naar een meer duurzame ecologische en sociale wereld.”

UIT

‘Natuurlijk is het voor niemand fijn om geldzorgen te hebben, maar ik zou mensen wel eens uit willen dagen te kijken of ze met minder kunnen leven dan ze in het dagelijks leven doen. Ik eet bijvoorbeeld bewust geen vlees, dat scheelt veel geld én is beter voor het milieu. Zeker de productie van rundvlees is heel belastend voor het milieu. Vroeger at ik elke dag vlees, maar je kunt er dus aan wennen. Op een gegeven moment gaat de prikkel die maakt dat je er behoefte aan hebt vanzelf weg. Dat geldt trouwens ook voor alcohol, ik drink steeds minder en vind dat helemaal niet erg. Ik heb het niet nodig om een leuke avond te hebben.

„Per maand geef ik aan kleding hoogstens een paar tientjes uit, want ik koop alles bij de tweedehandswinkel. Ik kwam daar al toen het nog niet hip was, dat ben ik altijd blijven doen. Ook de meubels in mijn huis komen er vandaan en ik koop bijna nooit nieuwe spullen. Ik heb wel veel boeken verzameld in de loop der tijd, want ik lees graag. Maar die zijn meestal ook tweedehands.

„Verder probeer ik te recyclen waar ik kan en repareer ik spullen die kapot zijn zelf, als me dat tenminste lukt. De auto deel ik met m’n broertje, want zo vaak heb ik hem niet nodig. Al met al probeer ik dus weinig te besteden, maar als ik mijn vaste lasten zo optel, geef ik eigenlijk toch meer uit dan ik had verwacht.”