Spannen Nederlandse banken samen tegen Facebook en Google?

Onderzoek EU

De Europese Commissie verdenkt banken van kartelvorming om te voorkomen dat ze data moeten delen met digitale concurrenten.

Banken hebben een schat aan betalingsgegevens, die alleen zij op dit moment kunnen gebruiken.Foto Lex van Lieshout/ANP

Hebben Nederlandse banken onderling afspraken gemaakt om het nieuwe digitale concurrenten op een oneerlijke manier moeilijk te maken? Met die vraag hebben ambtenaren van de Europese Commissie vorige week onaangekondigde bezoeken gebracht aan onder meer de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), de Betaalvereniging Nederland en waarschijnlijk ook aan meerdere Europese banken zelf.

Afgelopen weekend bracht de Commissie al een cryptisch persbericht uit waarin het bekendmaakte dat het in ‘enkele lidstaten’ invallen had gedaan. De Europese Commissie wil niet vertellen welke banken in welke landen worden onderzocht.

Concurrenten dwarsbomen

De NVB en de Betaalvereniging geven toe dat ze bezoek hebben gehad van de onderzoekers, maar willen niet verder verder ingaan op de inhoud. Woordvoerders van Rabobank en ABN AMRO ontkennen onderdeel te zijn van het onderzoek, ING geeft geen commentaar. „Dat doen we nooit bij lopende onderzoeken.”

De Commissie uit zorgen dat banken illegale, kartel-achtige afspraken hebben gemaakt om nieuwe concurrenten, zoals tech-start-ups en bedrijven als Facebook en Google te dwarsbomen, te dwarsbomen. De verdenking: banken zouden weigeren om data van klanten te delen met internetbedrijven, ook als klanten daar expliciet om vragen.

Dat de Europese Unie onderzoekt of banken niet wat te voorzichtig zijn met het delen van klantendata: dat klinkt vreemd. Maar het onderzoek vindt plaats in het licht van grote veranderingen in de bankensector die eraan komen dankzij een nieuwe Europese richtlijn: PSD2. Die gaat volgend jaar in en is onder meer bedoeld voor meer concurrentie en het stimuleren van startende bedrijfjes in financiële technologie (‘fintech’).

Lees meer over 'fintech': Sprong vooruit of in de afgrond

Als de fintech-bedrijven klantendata van banken kunnen gebruiken, kunnen zij betere producten maken. Nu hebben banken een schat aan betalingsgegevens die alleen zij kunnen gebruiken. PSD2 moet de concurrentie eerlijker maken.

Amazon, Facebook en Google

De richtlijn is vanzelfsprekend niet populair bij banken. Maar de nieuwe regels liggen ook gevoelig bij privacy-organisaties. PSD2 zet namelijk niet alleen de deur open voor innovatieve start-ups, maar ook voor de grote internetreuzen zoals Amazon, Google en Facebook. Die kunnen straks naast alle privacy-gevoelige data die zij al bezitten ook financiële data verzamelen, na toestemming van klanten. De grote Amerikaanse techbedrijven hebben de laatste jaren diverse Europese vergunningen gekregen voor het aanbieden van financiële diensten. Het lijkt een kwestie van tijd voordat zij bankdiensten en betaalapps gaan aanbieden.

De invoering van de nieuwe bankenrichtlijn is sowieso al een zeer complex samenspel van concurrerende belangen van miljardenbedrijven, ingewikkelde wetgeving, nieuwe technologieën en meerdere toezichthouders die de boel in de gaten moeten houden. De Autoriteit Financiële Markten, De Nederlandsche Bank, de Autoriteit Consument en Markt, én de Autoriteit Persoonsgegevens zijn betrokken bij toezicht op de invoering van PSD2.

Amazon, Apple, Facebook, Google en Microsoft groeien zo hard en zijn zo onmisbaar geworden in ons dagelijks leven, dat ze de ‘Frightful Five’ worden genoemd. Lees ook: De tech-revolutie groeit helemaal scheef