Op weg naar de republiek Catalonië?

Referendum

Catalonië is een relatief welvarend deel van Spanje, maar voor een zelfstandige staat moet aan meer voorwaarden voldaan zijn. Een checklist.

Foto Francisco Seco/AP

Deze dinsdag kan het al zover zijn: midden in Europa wordt een nieuw land geboren, de onafhankelijke republiek Catalonië. Althans, als het aan een deel van de Catalaanse politiek ligt. Op 1 oktober hield de regio een door het Spaanse grondwettelijk hof verboden afscheidingsreferendum.

Bij die chaotische stembusgang werden ondanks fors politie-ingrijpen ruim twee miljoen stemmen, ofwel 90 procent van het totaal, uitgebracht vóór onafhankelijkheid. Ruim 5,3 miljoen Catalanen waren kiesgerechtigd, waarmee de opkomst 43 procent bedroeg. Een internationale waarnemersmissie stelde dat het plebisciet „niet voldeed aan de internationale standaarden”. Maar de regiopresident spreekt van een „bindende uitslag” en zou een eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring overwegen.

Na de Tweede Wereldoorlog nam het aantal soevereine staten fors toe: van 49 in 1945 tot 195 in 2011, toen Zuid-Soedan als jongste land ontstond. Kan dit aantal stijgen tot 196? Welke hokjes kan Catalonië afvinken op zijn checklist voor een eigen staat?

  • ? Een volk

    De 7,5 miljoen inwoners van Catalonië vormen allesbehalve een homogeen blok. In een enquête die het regiobestuur begin dit jaar hield, gaf 25 procent van de ondervraagden aan zich ‘alleen Catalaan’ te voelen. Nog eens 23 procent voelde zich ‘meer Catalaan dan Spanjaard’. Het grootste deel (40 procent) echter voelde zich in gelijke mate Spanjaard én Catalaan. En 5 procent voelde zich ‘alleen Spanjaard’ of meer ‘Spanjaard dan Catalaan’ (3 procent).

    Foto Albert Gea/AFP

    Zondag gingen honderdduizenden mensen de straat op die bij deze laatste groepen horen: zij vroegen de eenheid van het land te verdedigen.

    Een ruime meerderheid van de Catalanen, zo wijzen peilingen al jaren uit, wil een eerlijk, ook door Madrid erkend referendum over de toekomst van Catalonië. Maar slechts een grote minderheid van 41 procent zou daarbij onafhankelijkheid steunen, wees een peiling in juni uit. Na het geweld op 1 oktober kan deze steun zijn aangezwollen. En de Spaanse regering zou die verder kunnen doen groeien door met nog meer repressie of geweld te reageren.

    Bij de laatste officiële stembusgang, in 2015, stemde in ieder geval 52 procent van de Catalanen op niet-separatistische partijen. De pro-afscheidingspartijen kregen tezamen 48 procent, maar dankzij het kiesstelsel een meerderheid van de zetels. Die gebruikten ze om in hoog tempo wetten aan te nemen die het referendum en afscheiding mogelijk moesten maakten. Het Spaanse grondwettelijk hof heeft die wetten opgeschort, maar de Catalaanse separatisten zien dat hof als gepolitiseerd en partijdig en negeren het liever.

  • Een territorium

    De huidige grondwet, die in 1978 per referendum (en ook in Catalonië met grote meerderheid van stemmen) werd aangenomen, verdeelt Spanje in 17 ‘autonome gemeenschappen’. Catalonië is er daar één van.

    Ter rechtvaardiging van hun onafhankelijkheidswens gaan nationalisten graag verder terug in de geschiedenis. Zij stellen dat Catalonië al ruim duizend jaar geleden werd geboren, toen enkele graafschappen, waaronder Barcelona, zich in de late negende eeuw verenigden. In de Middeleeuwen ontstond zo een imperium aan de Middellandse Zee. In Madrid wijzen ze erop dat het Catalaanse gebied na het huwelijk tussen Isabella van Castilië en Ferdinand van Aragón, in 1479, opging in wat tot op de dag van vandaag Spanje heet. Catalanen probeerden tijdens een boerenrevolte (in 1640) en de Spaanse Successieoorlog (begin 18de eeuw) tevergeefs los te breken.

  • ? Soevereiniteit

    De Grondwet legt de volkssoevereiniteit bij alle 47 miljoen Spanjaarden. Als er al iets aan de staatsindeling of de status van Catalonië verandert, moet dus de hele bevolking of het nationale parlement zich daarover uitspreken. Niet alleen de inwoners van één regio, zoals de Catalanen willen.

    Een van de vervolgstappen die de separatisten willen nemen na hun onafhankelijkheidsverklaring, is het oprichten van een ‘grondwetgevende vergadering’. Die zou een nieuwe constitutie moeten opstellen, die vervolgens in een referendum aan de Catalanen kan worden voorgelegd.

  • Regeringsmacht

    De grondwet geeft regio’s recht op meer zelfbestuur. De afgelopen veertig jaar wisten vooral de Catalanen (en Basken) via dealtjes met de landelijke politiek meer competenties te regelen. Van een eigen politiemacht en onderwijscurriculum tot het leidend maken van het Catalaans boven het Spaans. Vergeleken met andere regio’s in Europa geniet Catalonië zo al een grote mate van autonomie. Maar de ‘Generalitat’, zoals de regioregering heet, blijft ondergeschikt aan de landelijke. Zo kan de landelijke volksvertegenwoordiging onder artikel 155 van de grondwet het regiobestuur buiten werking stellen. Hiermee heeft Madrid al gedreigd.

    De ‘Republiek Catalonië’ lijkt kortom nog allesbehalve ‘af’. Zonder „exclusieve controle over het territorium kan je geen eigen staat zijn”, stelde Julio González García, hoogleraar bestuursrecht, dit weekeind op de Spaanse tv-zender La Sexta. „Als de Catalaanse republiek wordt uitgeroepen, bestaat de dag erna nog steeds de landelijke overheid. De politie en de Guardia Civil [militaire politie, red.] zullen er nog zijn [..] De praktische doorwerking zal nihil zijn.”

    De Catalaanse regering kijkt hier heel anders tegenaan. Zij nam enkele jaren terug al het advocatenkantoor PILPG in de arm, dat wereldwijd volkeren en regio’s adviseert over ‘zelfbeschikking’. PILPG-directeur Paul Williams stelde in 2014 in een opinie-artikel in de New Atlanticist dat „het internationaal recht referenda door staten met aspiraties verbiedt noch toestaat. Onder internationaal recht moet een staat een territorium hebben met een bevolking die ondergeschikt is aan overheidscontrole – criteria waaraan Catalonië voldoet. De staat moet soeverein zijn, wat betekent dat andere staten hem als onafhankelijk erkennen. Dit is hoe de Catalaanse kwestie er een van andere Europese staten wordt.”

    Op dit gebied, internationale steun vinden, heeft de Catalaanse republiek ook nog wel werk te verzetten.

  • Foto Pau Barrena/AFP

  • Steun van Europa

    Een onafhankelijk Catalonië zou opnieuw lid moeten worden van de EU. Daartoe zou het een toetredingsprocedure moeten doorlopen, waarbij Spanje als bestaande lidstaat vetorecht heeft. Madrid zou Catalaanse toetreding eindeloos blokkeren.

    De Europese Commissie riep vorige week voor het eerst op tot dialoog, maar blijft verder op het standpunt staan dat het een interne Spaanse affaire betreft. Veel lidstaten reageren ook volgens die lijn.

    Hoofdsteden in andere landen lieten weerspannige regio’s of landsdelen wél stemmen. Zo mocht Québec in 1980 en 1995 stemmen, Schotland in 2014. (Beide kozen overigens tegen afscheiding). Kosovo ging in 1991 ook naar de stembus, tegen de wil van moederstaat Servië. Een deel van de internationale gemeenschap erkent de onafhankelijkheid die Kosovo in 2008 uitriep. Maar Rusland en tientallen andere landen doen dit niet. En ook Spanje niet, als een van de weinige Europese landen – uit angst voor precedentwerking.

    Ook de Krim hield een referendum over afscheiding van Oekraïne, maar de onafhankelijkheid van dit schiereiland wordt alleen erkend door Moskou. Catalonië heeft zo’n grote buitenlandse bondgenoot niet. Alleen medenationalisten, zoals de Vlaamse N-VA (regeringspartij in België) en Lega Nord (regionale machtspartij in Noord-Italië) en het Britse UKIP-kopstuk Nigel Farrage tonen sympathie voor de Catalaanse zaak.

  • Steun buiten de EU

    Partijgenoten van de Catalaanse regiopresident Carles Puigdemont opperen dat hij deze dinsdag de weg inslaat die Slovenië al koos. Dat riep na een referendum in 1991 de onafhankelijkheid uit, maar schortte die op om te kunnen onderhandelen met moederstaat Joegoslavië. Uiteindelijk kregen de Slovenen zo een eigen land, zij het na een korte oorlog en veel westerse druk op Joegoslavië.

    Catalanen hebben zulke westerse steun vooralsnog niet. Het ‘recht van zelfbeschikking’ wordt toegekend in gevallen van kolonialisme, buitenlandse bezetting, zware discriminatie en andere mensenrechtenschendingen. Volgens separatisten is dit op de Catalaanse situatie van toepassing. De meeste kenners van het internationaal recht gaan hier niet in mee.

    De beelden van het politiegeweld tegen stemmers op 1 oktober waren voor de separatisten daarom publicitair zeer welkom. Ze gebruikten ze om de wereld te laten zien dat ‘Madrid’ de Catalanen zou onderdrukken. Mocht de huidige crisis escaleren tot gewapend Spaans ingrijpen, dan zou de internationale perceptie verder in die richting gaan schuiven. Vooralsnog houdt Madrid elke bemiddeling af, omdat het zich niet wil laten „chanteren door maffiosi”.

  • Steun bedrijfsleven

    Nu is Catalonië nog een relatief welvarend deel van Spanje. Net als in Vlaanderen, Schotland en Noord-Italië is dit ook een belangrijk gangmaker achter het nationalisme: men wil minder afdragen aan de landelijke schatkist. Een onafhankelijk Catalonië zou echter onder zeer lastige omstandigheden van start gaan. Het zou buiten de EU en buiten de eurozone vallen. Catalaanse banken zouden dan geen toegang meer hebben tot de Europese Centrale Bank. Het is de vraag hoe het geldverkeer dan blijft functioneren. Een ‘Catalexit’ is „een economische zelfmoordmissie”, stelde FT-columnist Wolfgang Münchau maandag vast.

    Banken en grote bedrijven zetten de afgelopen dagen druk op Puigdemont door hun zetel op papier te verhuizen naar steden buiten Catalonië.

    Alles overziend, zit Catalonië nog wel even aan Spanje vast. Tegelijkertijd is de nationalistische geest uit de fles – en die lijkt amper nog terug te duwen. De regering-Rajoy en koning Felipe VI hebben met hun legalistische houding veel Catalanen en een deel van de mondiale publieke opinie van zich vervreemd. Dit weekeind waren ook in meerdere Spaanse steden demonstraties die opriepen tot dialoog.

Een Nederlandse ondernemer in Barcelona is het separatisme zat, vertelt hij in dit interview: „Er is een staatsgreep gepleegd.”