‘Op een gegeven moment ben je versleten’

Vergrijzing Ook werkgevers zetten steeds meer vraagtekens bij de automatisch stijgende AOW-leeftijd.

‘Sjorders’ maken zeecontainers aan elkaar vast met zware stalen stangen, op een schip in de Rotterdamse haven. Foto Rien Zilvold

In de kantine van Matrans Marine Services op de Maasvlakte zitten alleen maar mannen. Brede schouders en dikke, veelal getatoeëerde armen. Zij zijn de ‘sjorders’ van de Rotterdamse haven. Hun werk is een vorm van gewichtheffen: op de schepen maken zij de zeecontainers aan elkaar vast met lange stalen stangen. Dat doen ze 24 uur per dag, zeven dagen per week, in ploegendiensten. Zelf vinden ze: dit is de zwaarste baan die er is. „Bouwvakkers stoppen als het -10 is”, zegt sjorder William de Bie (39). „Wij gaan door. Door weer en wind.”

En dan zou je pas ná je 67ste met pensioen gaan? Dat zien de sjorders niet zitten. „Op een gegeven moment ben je versleten”, zegt Michel Kaptein (55) die dit werk al 32 jaar doet.

Zijn gezicht ziet er getekend uit, maar hij is gezond. Om hem heen zag hij de ene na de andere collega afhaken, vaak met gewrichtsklachten. „Versleten schouders, rug, heupen, armen.” Voor zijn collega’s is hij als vijftiger al oud. Op zijn witte helm, voor hem op tafel, is met een blauwe viltstift ‘opa’ geschreven, daaronder een smiley.

Korter leven

De AOW-leeftijd stijgt naar 67 jaar in 2021 en blijft daarna meestijgen met de gemiddelde levensverwachting – zo is dat in 2012 besloten. Ook voordelige regelingen om eerder met pensioen te gaan, zoals de VUT, bestaan niet meer. Mensen met zware beroepen laten steeds meer van zich horen: zo lang kunnen wij niet doorwerken, zeggen zij. Ze beginnen veelal rond hun achttiende – veel eerder dan hoger opgeleiden. En ze leven gemiddeld korter.

Niet alleen vakbonden, ook werkgevers zien dit probleem, blijkt nu uit onderzoek door het demografisch instituut NIDI. Vier op de vijf werkgevers vindt dat er een einde moet komen aan de automatisch stijgende AOW-leeftijd. Bijna de helft wil zelfs terug naar de pensioenleeftijd van 65 jaar. „Werkgevers maken zich zorgen”, zegt hoogleraar pensioensociologie Kène Henkens, die het onderzoek leidde. „Voor werknemers die het werk moeilijk volhouden zijn minder mogelijkheden om vervroegd uit te treden.”

Eerder dit jaar waarschuwden de werkgeverskoepels in de bouw, metaal en de installatiebranche al dat de politiek moet ingrijpen. Anders zouden grote groepen werknemers voor hun pensioendatum kunnen uitvallen. De pensioenkosten zouden wel dalen, maar de ziektekosten nemen dan toe.

Speciale regelingen

Wat is dan de oplossing? Vakbond FNV eist een veel langzamere stijging van de AOW-leeftijd en wil ook dat de AOW-leeftijd flexibeler wordt: mensen zouden ervoor mogen kiezen om hun staatspensioen al eerder op te nemen. Driekwart van de werkgevers steunt zo’n maatregel, blijkt uit het NIDI-onderzoek. En D66 had de flexibele AOW in het verkiezingsprogramma staan. Ouderen die de AOW eerder laten ingaan, krijgen dan wel een lager maandbedrag, omdat hun totale aanspraak gelijk blijft.

Maar zo’n flexibele AOW blijkt helemaal niet te werken, ontdekte economisch onderzoeksbureau SEO eerder dit jaar. Mensen die te weinig ‘eigen’ aanvullend pensioen hebben gespaard, kunnen met zo’n flexibele AOW niet meer dan vier maanden eerder stoppen. Als ze eerder willen stoppen, zouden ze zo weinig geld overhouden dat ze onder het sociaal minimum komen.

Een andere veel genoemde oplossing is een speciale regeling voor mensen met zware beroepen. Ook dat is lastig uit te voeren. Want waar ligt dan de grens voor zo’n zwaar beroep? En tel je ook de mentaal zware beroepen mee? Het is al vaak geprobeerd, maar het lukt niet om zware beroepen te definiëren. Daar komt bij dat geen enkele overheidsinstantie tot 1998 heeft bijgehouden wat voor werk Nederlanders hebben gedaan – en voor hoe lang.

rotterdam ect terminal sjorders foto rien zilvold
‘Sjorders’ maken zeecontainers aan elkaar vast met zware stalen stangen, op een schip in de Rotterdamse haven. Rechtsonder: William de Bie.

Foto’s Rien Zilvold
rooterdam ect terminal sjorders foto rien zilvold
Foto’s Rien Zilvold

Zelf oplossen

Het lijkt al makkelijker als je de AOW laat ingaan na bijvoorbeeld 45 arbeidsjaren. Mensen met fysiek zware beroepen beginnen vaak eerder met werken. Maar ook hiervoor ontbreekt administratie: de overheid weet van veel mensen niet wanneer ze zijn begonnen met werken. En ook hier heb je definitiekwesties. Telt een studentenbaan mee als eerste baan? En een praktijkopleiding? Wat doe je met mensen die midden in hun loopbaan tien jaar zijn gestopt met werken om voor een kind of een ziek familielid te zorgen?

Al deze politieke oplossingen zijn „bewerkelijk”, zegt onderzoeker Lucy Kok van SEO, die het rapport schreef over de flexibele AOW. „Het is nog maar vraag of de politiek zich hier überhaupt mee moet bemoeien”, zegt zij. „Sectoren met zware beroepen kunnen het ook zelf regelen, met een vroegpensioen.”

Haar idee: in zulke sectoren gaan de werkgever en werknemer meer pensioenpremie afdragen, zodat het personeel eerder met pensioen kan. Een deel van die hogere premie verdient de werkgever terug, omdat de ziektekosten van oudere werknemers zullen dalen. Ook de politiek zou kunnen meehelpen, zegt Kok, „omdat het een maatschappelijk probleem is”. Den Haag kan dan geld storten in de pensioenpotjes van sectoren met zo’n vroegpensioenregeling.

Sjorder Michel Kaptein hoopt dat hij fit blijft, want met zijn 55 jaar verwacht hij niet makkelijk aan nieuw, licht(er) werk te komen. Zeker niet met gezondheidsklachten: „Ze zien me al aankomen met mijn versleten heup.” In de haven is sowieso al minder werk, nu er steeds meer geautomatiseerd wordt. „Ik werk al vanaf mijn zestiende”, zegt Kaptein. „Als ik op mijn 63e met pensioen zou kunnen, dan kan ik nog een beetje gaan genieten.”