Jan liet S. naaktfoto’s maken als huiswerk

Wie: Jan

Kwestie: kinderporno, aanranding, grooming

Waar: rechtbank Utrecht

In de zaak tegen Jan, een veertiger, draait het om de vraag: wist hij het of had hij het kunnen weten? Jan geeft toe dat hij expliciet seksuele chatgesprekken voerde met S. Zij moest naaktfoto’s naar debaas1@live.nl sturen. Maar dat ze pas 14 was, ontdekte Jan na een week of tien.

Tenminste, dat zegt Jan zelf – hij ging ervan uit dat ze zeker 18 jaar was, de grens voor deelname aan de sekssite. Maar S. vertelt dat zij vanaf het eerste contact duidelijk maakte dat ze nog zo jong was. Hij verdedigt zich: „Op zo’n site is niemand echt wie hij zegt te zijn.” Foto’s, namen, identiteiten – met alles wordt een spel gespeeld.

Jan, een getrouwde IT-specialist, werkzaam bij een wetenschappelijk instituut, ging ervan uit dat ze een rol speelde. Dat ze als meerderjarige haar eerste seksuele ervaringen wilde herbeleven. En dat vond Jan opwindend. Toen hij in de gaten kreeg dat ze écht 14 was, verwijderde hij alle foto’s en chats van zijn computer en mailde haar het contact te gaan verbreken. Wat hij volgens justitie niet echt deed.

Bij S. was het leed toen al geschied. Zij had zich ernstig bedreigd gevoeld. Zijn opdrachten om pornografische opnamen van zichzelf te maken, voerde ze steeds uit. Iedere dag zoemde haar telefoon ten minste één keer. Dan kwam er weer ‘huiswerk’ en ging ze foto’s maken. Ze moest naakt teksten tonen met ‘sletje’ en ‘please n… me’.

S. raakte in paniek. Gehoorzaamde ze niet, dan zou Jan haar ouders inlichten, stelt het OM. Toen haar ouders het doorkregen, werd de politie ingelicht. Voordat S. gehoord kon worden, verstreek er een half jaar. Daarna duurde het twee jaar om Jan op te sporen en te verhoren.

Ook de rechtbank heeft moeite met de zaak. In totaal worden er drie zittingen aan gewijd. Steeds is het dossier niet voldoende compleet om te kunnen vonnissen. Ook worden meer rafels in het onderzoek zichtbaar. De verdachte wijst op gebreken in het digitale bewijs. Kalmpjes legt hij uit dat in het dossier e-mails voorkomen met foto’s die zijn genomen nadat de mails zijn verstuurd, wat technisch niet kan. In een WhatsApp-conversatie lijken de antwoorden eerder gegeven dan de vragen werden gesteld.

De advocaat vraagt het digitale bewijs door een externe IT-deskundige te laten beoordelen. Maar de rechtbank vindt dat het lang genoeg heeft geduurd. „We moeten hier een klap op geven”, zegt de voorzitter.

Sinds de aangifte, vijf jaar geleden, werd het slachtoffer tweemaal psychiatrisch verpleegd – met de diagnose posttraumatisch stresssyndroom en suïciderisico. De officier wil Jan negen maanden in de cel, waarvan drie voorwaardelijk, en 240 uur werkstraf. Jan zegt „met pijn” het dossier te hebben gelezen. Hij zegt „niet bewust” een strafbare handeling te hebben gepleegd.

De rechters zijn sceptisch. Ze lezen uit chats voor, waarin hij lijkt te erkennen dat ze (te) jong is. Maar Jan ontkent met nadruk dat hij „op zoek” was naar seks met kinderen. Zijn advocaat noemt het onderzoek warrig; de officier erkent dat het dossier „geen schoonheidsprijs” verdient. S. blijkt behalve met Jan met nog vijf „manspersonen” op andere sekssites te hebben gechat. Ze stuurde aan nog één man foto’s.

Bij de laatste zitting citeert de advocaat uit haar e-mails, die haar juist belasten. „Ik wil nog wel een opdracht.” „Hoe wil je de foto hebben, stuur mij je huiswerk, ik heb vanmiddag tijd.” De zaak zit vol onduidelijkheden, zegt de advocaat. Jan verklaart zijn seksexcursies op internet uit relatieproblemen.

De rechtbank oordeelt twee weken later dat Jan wel degelijk wist dat hij met een minderjarige in de weer was. Maar er is niet bewezen dat Jan dwang gebruikte, bijvoorbeeld door te dreigen haar ouders te informeren. Jan maakte misbruik van uit „feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht”, wetend dat ze minderjarig was. Ook verbrak hij niet het contact toen hij dat beloofde. Jan krijgt twaalf maanden cel, waarvan zes voorwaardelijk, en moet een schadevergoeding van 4.258 euro betalen. Ook toonde hij onvoldoende inzicht in de ernst van de feiten en nam hij dus onvoldoende verantwoordelijkheid.