Column

Pixel Buds: het magische visje van Google

Made by Google is het uitpakfeest waar Google afgelopen week zijn nieuwe gadgets presenteerde. Denk aan slimme speakers, laptops en Pixel telefoons. Het meest spraakmakende ontwerp was de Pixel Buds, een koptelefoon die je veertig talen laat verstaan én spreken. Je moet even wachten tot de ander is uitgesproken, dan spreekt een computerstem de vertaling.

Dat lijkt op de Skype Translator die Microsoft in 2014 introduceerde. Googles vertaaloortjes werden meteen vergeleken met de Universal Translator uit Star Trek en het babelvisje uit Douglas Adams’ The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy – de bijbel voor sciencefictionfans die van absurde humor houden.

De tekst gaat verder onder de video:

De babelvis is de vreemdste uitvinding van het universum, schrijft Adams: hij voedt zich met onbewuste gedachten van omstanders en „scheidt een telepathische matrix uit” naar degene die het gele visje in zijn oor stopt. Die kan vervolgens elk wezen in het heelal verstaan.

Spraakherkenning werkt prima op een muisstil podium, maar in een rijdende auto of een druk restaurant is het niet altijd een voltreffer. Zeker niet bij minder gangbare woorden. Mijn gesproken zoekopdracht naar ‘Pixel Buds’ – op een Pixel-telefoon, in een lege kamer – werd door Google achtereenvolgens begrepen als pixie butts (feeën- of kabouterbillen), big sea birds, pixel birds, pics of bats en pixiebobs (een kattensoort). Douglas Adams zou tevreden knikken.

Adams schreef ook: „Omdat het babelvisje alle drempels wegneemt tussen rassen en culturen, heeft het meer en bloedigere oorlogen veroorzaakt dan elk ander wezen dat de schepping ooit voorbracht.”

Verwarring

De wereldomvattende netwerken die bedrijven als Google en Facebook bouwen, scheppen orde in chaos – ze wijzen de weg in een doolhof van informatie – maar creëren daarmee ook nieuwe verwarring. Ze lijken op de echte toren van Babel, die de mensheid na de zondvloed zou verenigen met één taal en één gemeenschap. Dat bleek te hoog gegrepen.

De techbedrijven worden nu ter verantwoording geroepen voor hun bouwsels. Niet alleen in de EU, waar de privacy- en mededingingsregels strenger zijn. In de VS moeten Google, Twitter en Facebook uitleggen hoe hun diensten gebruikt werden voor de verspreiding van Russische desinformatie. Voorlopige conclusie: de drempels zijn nog te laag. Je kunt te makkelijk nepaccounts aanmaken en de geautomatiseerde verkoop van advertenties manipuleren; controlemechanismes achteraf schieten tekort.

De zelflerende algoritmes van Google en Facebook lijden aan zelfoverschatting

Zelfoverschatting

Zelflerende algoritmes lijden aan zelfoverschatting. Hoewel de regels na elk incident aangeschroefd worden, laten webdiensten zich nog steeds beetnemen met nepnieuws. Opnieuw verschenen onzinberichten op prominente plekken bij Google en Facebook, in de uren na het bloedbad in Las Vegas.

Facebook meldde trots hoe het tienduizenden nepaccounts in de aanloop naar de Duitse verkiezingen verwijderde. Maar een week eerder schrok het sociale netwerk zich nog te pletter dat het beledigende termen toestond bij advertenties.

Zo’n trial and error-aanpak past niet bij bedrijven met een miljardenomzet en een miljardenpubliek. Statistisch gezien zal de foutratio vast te verwaarlozen zijn. Maar daar gaat het niet om. Een zee aan data vertalen naar menselijke maatstaven, dat is de taak van de babelvis.