Recensie

Uitblinkende acteurs dragen knappe toneelversie ‘Revolutionary Road’

In een knap tot de essentie ingedikte toneelversie van het boek ‘Revolutionary Road’ van Richard Yates (uit 1961) bij Theater Rotterdam excelleren de vier acteurs.

Alejandra Theus en Teun Luijkx in 'Revolutionary Road' bij Theater Rotterdam Foto Sanne Peper

‘Zo. Ik zit.” Het is geestig, maar ook treurig hoe tevreden Jacob Derwig dat zegt. Die ene lullige, overbodige mededeling past naadloos bij zijn personage Shep. En het zegt waar hij voor staat: de burgerlijkheid waar de hoofdpersonages uit Revolutionary Road, April en Frank, aan zouden willen ontsnappen door naar Parijs te verhuizen.

Frank (Teun Luijkx) ziet scherp de hypocrisie om zich heen: kantoormuizen met consumentendriften dolen rond in existentiële leegte en maskeren dat met oppervlakkige blijheid over hun gezinnetje. Dat zal hem niet overkomen.

In deze knap tot de essentie ingedikte toneelversie van het boek van Richard Yates (uit 1961) loopt het anders. De revolutionair in Frank blijkt te zijn gekneed uit jeugdige overmoed, die oplost zodat het er op aankomt. Hij blijkt vatbaar voor kleinburgerlijk fatsoen en materialistisch geluk. Luijkx is gemaakt voor zijn rol als zacht ei en gewiekste prater.

Het oprechte vuur bij zijn vrouw April redeneert hij weg. Alejandra Theus toont meer verscheurdheid dan haar man: als ze Frank voorhoudt dat het zijn wezen is dat wordt bekneld, dan spreekt ze over zichzelf. Mooi is ook haar donkere blik, vlak voor ze aan het slot van de voorstelling een fatale stap zet.

Naast dit paar schitteren Malou Gorter en Jacob Derwig in meerdere tragikomische rollen. Eerst als het bevriend echtpaar Milly en Shep, die met hun gekakel symbool staan voor de truttigheid die Frank en April omringt. Maar ze spelen ook moeder en zoon. Zoon is psychiatrische patiënt en hij stelt Frank en April impertinente vragen, met precies de nieuwsgierigheid en doortastendheid die de beschaafde omgang van het milieu verbiedt. Met zijn kritiek prikt hij moeiteloos door hun dun idealisme heen. In beide rollen zorgt Derwig met zijn gortdroge optreden voor comic relief.
Erik Whien heeft dit historische huiskamerdrama glashelder en tot op de millimeter precies geregisseerd. Er is hoogstens te weinig voelbaar van de onderhuids borrelende pijn en frustratie die April en Frank zouden moeten plagen. Hun demasqué is pijnlijk, maar niet aangrijpend. Dat maakt dat je deze Revolutionary Road wel bewondert, maar dat de tragiek je niet geheel overrompelt.