Soedan een bandietenstaat? Maar wel eentje die medestrijdt tegen terreur

Het geleidelijk opheffen van de twintig jaar oude sancties door de VS helpt de Soedanese president Bashir van een groot trauma af. De overlevingskansen van de door het Strafhof aangeklaagde leider nemen toe.

De Soedanese president Bashir (links) en de Zuid-Soedanese president Kiir op een persconferentie in Juba in april. Bashir was voor het eerst sinds de onafhankelijkheid in 2011 op bezoek in Zuid-Soedan. Foto AP

Met het einde van de twintig jaar oude sancties tegen Soedan verdwijnt de ideologie uit de relaties met de eens verafschuwde bandietenstaat. Opportunisme en pragmatisme komen er voor in de plaats. De winnaar is de door het Internationale Strafhof (ICC) wegens oorlogsmisdaden aangeklaagde president Omar el Bashir.

„De Amerikanen helpen Bashir van een groot trauma af, hij heeft altijd het gevoel gehad dat de VS hem in een houdgreep hadden”, zei onlangs een voormalige Soedanese minister die anoniem wil blijven. „Het is psychologisch. Bashirs instinct is dat zijn regime overleeft en de kans daarop is vergroot met het intrekken van de sancties. Zijn grootste kopzorg blijft echter de aanklacht door het ICC, daar heeft hij slapeloze nachten over”, vertelde de minister.

Ibrahim Ghandour, Soedans minister van Buitenlandse Zaken, onderhandelde met de VS over de opheffing. Hij betoogde dat Bashir een heel andere man is dan ten tijde van het uitvaardigen van de eerste sancties in 1993, gevolgd door nieuwe strafmaatregelen in 1997 en 2006. „Toen stond de president nog onder invloed van radicale moslims, maar die groep heeft hij uit zijn regime verwijderd.” Deze mening sluit aan bij de nieuwe, door oud-president Obama begonnen pragmatische politiek waarbij door de VS is beloofd stapsgewijs de sancties op te heffen als Bashir zich netjes gedraagt bij de vele rebellieën in en rond zijn land.

De Amerikaanse oud-president Bill Clinton stelde de eerste sancties in wegens Soedans rol in het internationale terrorisme. Al-Qaeda-leider Osama bin Laden leefde tot 1996 in Soedan. Zijn handlangers in Soedan waren vermoedelijk betrokken bij de aanslag op de Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania in 1998, waarbij meer dan tweehonderd burgers omkwamen. De daders van een mislukte aanslag op de toenmalige Egyptische president Hosni Mubarak tijdens een bezoek aan Ethiopië in 1996 kregen onderdak in Soedan. Bovendien heette de regering van Bashir radicale groepen welkom als Hezbollah en Hamas en was het jarenlang de drijvende kracht achter de Oegandese terreurbeweging het Verzetsleger van de Heer (LRA) en moorddadige Arabische milities in Zuid-Soedan en de West-Soedanese regio Darfur.

Bondgenoot

Intussen is in Amerikaanse ogen van Soedan geëvalueerd van een sponsor van terrorisme tot een sterke partner in de oorlog tegen terreur. De aanslagen door Al-Qaeda in de VS op 9/11 betekende in 201 een keerpunt. Hoewel ze op het politieke toneel aartsvijanden bleven, gingen de geheime diensten van beide landen nauw samenwerken. Soedan verstrekte waardevolle info aan Washington over terroristen die eens welkom waren in de Soedanese hoofdstad Khartoum, evenals over hun toenmalige bondgenoot Iran.

De voorstanders van de opheffing wijzen erop dat Bashirs leger de afgelopen maanden geen militaire offensieven zijn begonnen in de rebelse regio’s Darfur, Blue Nile en Kordofan. Bashir heeft afstand genomen van het LRA en rebellengroepen tegen de Zuid-Soedanese president Salva Kiir ontberen sinds een jaar zijn steun. Verder verbrak Bashir vorig jaar officieel zijn banden met Iran en vecht hij nu samen in de door Saoedi-Arabië gesmede coalitie in Jemen. Vroeger hielp Soedan Iran met steun aan de rebellen in Jemen, die het nu dus bestrijdt.

Van normalisering van de verhouding tussen de VS en Soedan is echter nog geen sprake. Om pressie te kunnen blijven uitoefenen zullen de sancties stapsgewijs worden opgeheven. Soedan blijft het predicaat houden van staatssponsor van terreur. De individuele strafmaatregelen blijven gehandhaafd tegen betrokkenen bij de verbrande aarde-politiek in Darfur. Zo blijft de molensteen rond Bashirs nek hangen, namelijk de aanklacht van het ICC wegens vermeende genocide in Darfur. Daarom zal Amerika geen wapens leveren aan Bashir of helpen bij schuldenlastverlichting.

De Amerikaanse stappen tot normalisering van relaties met een regime beschuldigd van steun aan terroristen en aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden zijn in lijn met de toenadering van de Europese Unie tot Soedan. Brussel geeft geld aan en werkt samen met Soedanese veiligheidstroepen om migranten naar Europa te stoppen. Deze speciale antimigranten-eenheden zijn samengesteld uit voormalige Arabische milities die samen met het regeringsleger in Darfur een militaire tactiek van de verschroeide aarde toepasten, waardoor twee miljoen burgers ontheemd raakten. Zij leven nog steeds, vaak in miserabele omstandigheden, in kampen in Darfur.