Recensie

Je kijkt vooral naar de reacties van het publiek

‘For the time being’ is opnieuw een bijzondere voorstelling van Boukje Schweigman. De aantrekkingskracht zit in de manier waarop andere toeschouwers reageren op toenadering van de acteurs.

Schweigman met Slagwerk Den Haag: For the time being. Foto Jochem Jurgens

Het lijken wassen beelden, maar ze leven en tonen blije, verstarde gezichten. De ogen glinsteren, een spiertje trekt in een mondhoek. Ze staan in de spots in een verduisterde ruimte, waar het publiek vrijelijk mag rondlopen. Hun bevroren positie houden ze lang vol, totdat er bij een acteur zelfs kwijl uit de mond loopt.

Als ze ontspannen, verdwijnt de glimlach. En dan gaan ze rennen. En weer stilstaan, waarbij ze contact zoeken met de toeschouwers. Soms donkert het en worden het elftal acteurs door lichtvlakken de hoek in gedreven.

For the time being is opnieuw een bijzondere voorstelling van Boukje Schweigman, die op een prettige manier afwijkt van het reguliere theateraanbod. Met haar conceptuele en ervaringsgerichte theater is zij al jaren toongevend in Nederland.

De manier waarop For the time being iets wil zeggen over onze beleving van tijd, met alle vertragingen en versnellingen, is aan de primitieve kant. Veelzeggender voor de voorstelling is de confrontatie met de opdringerige acteurs. In wezen kijk je vooral naar de reactie van andere toeschouwers. Hoe reageren zij als ze in het gezicht worden gestaard? Of als grenzen, die ze buiten het theater ongetwijfeld zouden hanteren, worden overschreden? De code van het theater maakt elke toenadering van de acteurs veilig, maar het ongemak en de schaamte uiten zich vaak in gegiechel en gelach van publiek. En soms zelfs tot een gedeeld toneelstukje.

Interessant, maar het nadeel van deze aanpak is dat de psychologie van het opgedrongen contact aan de vrijblijvende kant is. Dat de toeschouwers aan het eind braaf aanwijzingen opvolgen, kan wijzen op kuddegedrag, maar waarschijnlijker is dat niemand het spel wil verstoren. En voor de aandrang om het spel te saboteren, die ik toch echt kreeg, was de opdracht ook te onschuldig. Zodat de uiteindelijke ‘ontsnapping’ van de toeschouwers komt zonder bevrijdend gevoel.