Ze vragen zich ineens af: hoor ik er wel bij?

Twee jaar vluchtelingencrisis

De vluchtelingencrisis heeft het imago van ‘de vluchteling’ in Nederland veranderd. Dat raakt aan het zelfbeeld van Nederlanders die hier ooit heen zijn gevlucht. Vier van hen blikken terug op de afgelopen twee jaar.

Foto's Olivier Middendorp

Hoe kun je je thuis voelen in Nederland als je hier als vluchteling bent aangekomen? Hoogleraar integratie en diversiteit Halleh Ghorashi doet hier al meer dan twintig jaar onderzoek naar.

De afgelopen twee jaar, waarin de internationale vluchtelingencrisis ook zichtbaar werd in Nederland, gebeurde er iets opvallends, zegt ze: „Er is een grote kloof ontstaan tussen de manier waarop mensen met een vluchtelingenachtergrond naar zichzelf kijken en de manier waarop de samenleving naar hen kijkt.”

Dat komt omdat het imago van de vluchteling de laatste jaren is veranderd, zegt Ghorashi. „Vóór de vluchtelingencrisis werden vluchtelingen als succesvolle migrantengroep gezien. Ze waren hoogopgeleid, minder traditioneel ingesteld dan andere groepen, en het idee bestond dat ze weinig problemen veroorzaakten.” Maar die tijd lijkt voorbij. „Vluchtelingen worden nu dood gewenst, sommige Nederlanders hopen dat hun bootjes zinken.”

Dat komt hard aan, ook bij mensen die al decennia geleden als vluchteling naar Nederland zijn gekomen. „Ze hebben het over ‘vluchtelingen’, en dus ook over jou en je ouders”, zegt Ghorashi. En dat is een raar gevoel: „Vluchtelingen die hier zijn opgegroeid hebben er in hun beleving alles aan gedaan om succesvol te zijn. Ze denken dus dat ze geaccepteerd worden, en dan merken ze ineens dat er haat bestaat tegen hun lotgenoten. Ze vragen zich dan af: hoor ik er wel echt bij?”

Geen ander land dan Nederland

Het is lastig om precies te achterhalen hoeveel Nederlanders er eigenlijk zijn met een vluchtelingenachtergrond. De zeven grootste groepen die het Centraal Bureau voor de Statistiek onderscheidt, zijn mensen die geboren zijn in Afghanistan, Eritrea, Irak, Iran, (voormalig) Joegoslavië, Somalië en Syrië, of wier ouders daar vandaan komen. Bij elkaar zijn dat zo’n 350.000 mensen.

Vooral jongeren uit deze en andere groepen voormalige vluchtelingen, ervaren de veranderde stemming als een probleem, zegt Ghorashi. Zij kennen namelijk geen ander land waar ze zich ooit hebben thuisgevoeld dan Nederland.

Maar er waren toch ook positieve ontwikkelingen? Denk aan de vele vrijwilligers die vluchtelingen willen helpen? „Natuurlijk”, zegt Ghorashi, „maar de negatieve berichtgeving over vluchtelingen, die als profiteurs en potentieel gevaar worden gezien, domineert.”