Recensie

Wees eens lief voor de cycloop

Daan Remmerts de Vries en Floor Rieder laten de cycloop herleven in een spitsvondig prentenboek.

Cerberus de hellehond, het zeemonster Leviathan, de Medusa met haar slangenkop: hoe wanstaltig sommige monsters ook zijn, ze zitten in ons collectieve geheugen, en weten steeds weer te reïncarneren in nieuwe kunstwerken. Zo herschiepen Floor Rieder en Daan Remmerts de Vries de oud-Griekse mythe van de eenogige cycloop uit Homerus’ Odyssee tot een eigenzinnig prentenboek. Rieder, bekroond met een Gouden Penseel voor haar illustraties bij Jan Paul Schuttens Het raadsel van alles dat leeft (2013), maakte de illustraties in linoleumdruk, en klaarde daarmee letterlijk en figuurlijk een indrukwekkende monsterklus. De uitgebalanceerde tekst is van Daan Remmerts de Vries. Terwijl kinderboekenmonsters nogal eens onverwachts goedaardig zijn, is het gedurfde uitgangspunt in De cycloop ‘eens een monster, altijd een monster’. Rieders cycloop heeft dan ook geen zoetsappige expressie. De krachtige lijnvoering – eigen aan de linoleumdruktechniek – en het amfibisch uiterlijk met groengrijze schubbenhuid passen de alles verslindende reus, wiens ene, grote boze oog al direct effectief bevreemding oproept. Naarmate het soms stripachtig aandoende verhaal vordert, neemt die alleen maar toe.

In minimale, visueel fraai onopvallende zinnen vertelt Remmerts de Vries hoe de inwoners van Spritskruim worden opgeschrikt door de komst van de cycloop, waarna het dorpje – Rieders (soms te) volle illustraties laten er geen misverstand over bestaan – in chaos achterblijft. De uit insecten bestaande gemeenschap is de schok echter snel te boven. Gewend elkaar altijd te ondersteunen vanuit eigen kracht (de rode kruisspin verzorgt zieken, de kakkerlak haalt emmertjes poep op) vinden de Spritskruimers dat je een halfblinde reus niet kan verwijten dat hij een dorp over het hoofd ziet en vernielt. Ze besluiten ‘die eenzame meneer’ te helpen met een bril op maat. Maar of dit de cycloop ten goede verandert?

Dit is natuurlijk een origineel en grappig gegeven. En de gedachte dat het goede in de mens regeert en dat het zinloos is je door angst te laten regeren, geeft jonge lezers de benodigde hoop. Maar wat De cycloop vooral bijzonder maakt, is dat het kinderen laat kennismaken met subversief denken. Want met wie moet je nou medelijden hebben? Met de Spritskruimers en hun verwoeste dorp? Of met de cycloop die – monsters eigen – een eenzelvig, tragisch wezen blijkt?

Mooi dat Rieder en Remmerts de Vries de cycloop in zijn mythologische waarde laten. Hun verhaal is zo een spitsvondig moreel kompas en bewijst dat monsters nodig zijn om het leven te kunnen leven.