Een auto opblazen met een raketwerper? Het kan, voor 1.200 dollar

Wapenbezit

Las Vegas is het middelpunt van ‘gun tourism’ uit binnen- en buitenland. Dat gaat gewoon door. En de wapenverkoop is gestegen na de aanslag.

Een advertentie bij een schietbaan in Las Vegas. Foto Lucy Nicholson/Reuters

Als je schiet, weerkaatst het geluid van het schot tegen de bergen. Niet BAM, maar BAAAAM. Dat is pure macht. Het geluid draagt ver in de woestijn.

De schietbanen van de Pro Gun Club zijn niet eenvoudig te vinden. En dat is precies de bedoeling. In de stad komen de toeristen, hier vind je de kenners. De Pro Gun Club ligt een half uur rijden ten zuiden van Las Vegas. Om er te komen, moet je langs een bouwterrein en een enorme parkeerplaats, waar tientallen lege taxi’s netjes op een rij staan. Eén is doorzeefd met kogels. Een andere is opgeblazen; alleen het zwarte karkas is nog over.

Foto Guus Valk

Van handpistolen tot machinegeweren, van kleiduiven tot zwaar dynamiet: de Pro Gun Club biedt alles aan. „Denk jij te weten dat je een scherpschutter kan zijn?”, adverteert de club online. Wapens uit de Tweede Wereldoorlog, moderne vuurwapens „uit games als Call of Duty”. Een auto opblazen? Het kan, voor 1.200 dollar (circa 1.100 euro) per auto.

Foto Guus Valk

Het wordt koeler, de zon zakt achter de bergtoppen. Willy Vanhex en Johan Oosterbosch lopen de schietbaan af, een geweer in de arm. De vrienden uit de buurt van Hasselt, Vlaanderen, hebben de hele dag geschoten. Vanhex maait al jaren het gras in de tuin van Oosterbosch en kreeg een schietvakantie als beloning. In ruim een week tijd willen ze alle schietbanen in en rondom Las Vegas bezoeken. Dit is de laatste. Een dagje schieten kost ze zo’n vierhonderd dollar.

Vanhex is een gepensioneerde begrafenisondernemer. Oosterbosch is slager. „We zijn allebei gefascineerd door vuurwapens. Ik heb er 65 thuis liggen”, zegt Vanhex, terwijl hij achteroverzakt in een van de leren stoelen van de bezoekersruimte.

Hoeveel incidenten met vuurwapens vinden jaarlijks in de VS plaats? Wie bezitten de wapens? En in hoeverre willen Amerikanen een gecontroleerde vuurwapenverkoop? Dit is de Amerikaanse vuurwapenindustrie in acht graphics.

Het hoogtepunt was het schieten met een machinegeweer. Tien keer schoten ze een lading Tannerite de lucht in, ontvlambaar materiaal dat een forse explosie geeft. Vanhex: „In België zijn de regels streng. Je mag maar tien wapens in de kast hebben staan, en bij meer dan dertig heb je een beveiligde wapenkamer nodig. Geef mij maar Amerika. Het is een weelde om hier te zijn.”

Oosterbosch: „In België kijken ze ons gek aan met onze hobby. Hier niet.”

Vanhex: „Schieten geeft een heerlijk gevoel.”

Toen Stephen Paddock vorige week zondag 59 mensen doodschoot en er 527 verwondde, bracht hij een oude discussie over vuurwapens weer op gang.

Voorstanders van gun control zagen in de ontzaglijke hoeveelheid zware vuurwapens nieuw bewijs dat het vuurwapenbezit in Amerika dringend regulering nodig heeft. Voorstanders van een ruime interpretatie van het Tweede Amendement van de Grondwet, de basis voor vrij vuurwapenbezit, zeggen dat dit geen goed moment is om het debat te beginnen. Zij staan nog altijd het sterkst in de VS.

Lees ook het stuk over het vuurwapendebat in Amerika: Las Vegas lijkt wapendebat nog niet te beïnvloeden

Maar de discussie, die al jaren muurvast zit, verschoof deze week met heel kleine stapjes. Komiek Jimmy Kimmel pleit elke avond in zijn talkshow voor meer regels. De conservatieve columnist Bret Stephens schreef in The New York Times dat het tijd was om het Tweede Amendement af te schaffen. „De echte basis van Amerikaans exceptionalisme moet ons vermogen zijn om ons moreel en grondwettelijk te vernieuwen. Niet ons instinct voor zelfdestructie.” En zelfs de machtige National Rifle Association pleitte voor regels voor zogeheten ‘bump stocks’. Dat zijn hulpmiddelen waarmee semi-automatische wapens het effect van een machinegeweer krijgen.

De schutter van Las Vegas voerde zijn wapens op met zogeheten ‘bump stocks’. Republikeinen in het Congres, doorgaans wars van wapenbeperking, overwegen nu dit te verbieden.

Het debat ligt gevoelig op uitgerekend de plek waar Stephen Paddock toesloeg. Las Vegas, Sin City, is niet alleen Amerika’s casinohoofdstad of de stad met de meeste bars, stripclubs en trouwkapellen. Las Vegas is ook het middelpunt van het Amerikaanse gun tourism. Het afgelopen jaar kwamen er 43 miljoen toeristen uit binnen- en buitenland naar Las Vegas. Vele tienduizenden, niemand weet precies hoeveel, maken gebruik van de relatief milde wapenwetten in de staat, en bezoeken een van de vele schietbanen in de stad.

Foto Guus Valk

Machinegeweren beschikbaar

Las Vegas is de plek waar Amerika’s vuurwapencultuur het zichtbaarst is. Hier, in het uitgestrekte westen van de Verenigde Staten, wordt wapenbezit vooral geassocieerd met vrijheid. Nevada is bovendien een staat met soepele wapenwetten. Overal in de stad vind je schietbanen, die voor minder geld dan een show van Celine Dion of David Copperfield een dag vermaak bieden. Strenge federale regels voor de aanschaf van een machinegeweer tellen niet op de schietbaan. Daar zijn machinegeweren vrij beschikbaar.

Tien wapens had de schutter van Vegas op zijn hotelkamer. Wapens zijn in Nevada alom tegenwoordig.

Na de slachting van zondag gingen enkele schietbanen een of twee dagen dicht, uit piëteit. Maar Las Vegas is een stad van handel, niet van sentimentaliteit. Al snel waren ze dus allemaal weer geopend.

Pal tegenover Mandalay Bay, het hotel vanwaar Paddock schoot, ligt The Range 702. Deze baan biedt „de ultieme schietervaring” aan. Schieten met een machinegeweer „is een ervaring die het best te omschrijven valt als opwindend en adrenaline pompend”.

Verkoop stijgt

De bekendste plek is Battlefield Vegas, net buiten de centrale Strip. Toeristen worden opgehaald met een humvee en komen op een parkeerplaats met helikopters, rupsvoertuigen en nagebouwde militaire stellingen terecht. Binnen is het geknal van de schietbaan te horen. Soms knalt het opeens zo hard dat de bezoekers in de souvenirwinkel – te koop: nazi- en zombie-dummies die als doelwit kunnen dienen, kruisen gemaakt van kogelhulzen, lege handgranaten – ineenkrimpen van schrik. „Dat is de minigun”, stelt een verkoper ze gerust. „Die schiet honderd kogels in 1,3 seconden.” Schieten met zo’n minigun kost 199 dollar.

Jerry Tumminia is bedrijfsleider van de Green Valley Shooting Range, een paar kilometer verderop. Hij verkoopt vuurwapens en laat toeristen schieten. De laatste paar jaar is het gun tourism sterk in opkomst. Na Nevada volgen nu ook Hawaï en Californië, zegt Tumminia. „Wij trekken veel nieuwsgierige Europeanen. Die staten mikken op Chinese en Japanse toeristen. Dat zijn mensen die dolgraag eens willen schieten, maar het niet mogen in hun eigen land.”

Foto Guus Valk

Tumminia heeft weinig tijd om te praten. „Het is hier een gekkenhuis. De verkoop is enorm gestegen, en ik word platgebeld door leveranciers. Ik ken geen markt die zich zo snel aan de actualiteit aanpast als de markt voor vuurwapens.”

Vlak na de verkiezing van Barack Obama tot president, in 2008, steeg de vraag naar vuurwapens sterk. Mensen vreesden dat er regels zouden komen om het vuurwapenbezit aan te pakken. Hetzelfde gebeurde nadat in 2012 op een basisschool in Connecticut 27 kinderen en leraren werden doodgeschoten.

Het jaar 2016 was een topjaar voor de industrie: er werd een recordaantal van 27 miljoen vuurwapens verkocht, en de industrie behaalde een omzet van 13,5 miljard dollar. De onverwachte verkiezing van Donald Trump maakte een einde aan die groei. Maar de dag na de schietpartij in Las Vegas stegen de aandelenkoersen van wapenfabrikanten spectaculair, zoals na elk drama. Zo steeg het aandeel van fabrikant Sturm, Ruger & Company in één dag met 3,5 procent.

Dat heeft met het psychologische effect op klanten te maken, zegt Tumminia. „Sommige mensen worden bang, en willen zich beschermen. Anderen zijn bang dat er alsnog beperkingen komen.” De snelst groeiende markt: 70-plussers. „Dat zijn er drie keer zoveel als voorheen. Ze kopen sneller en gaan vaker naar de schietbaan. Ze zoeken daar de adrenaline op.”

Thuis bezit Tumminia vijftien vuurwapens. „Het Tweede Amendement staat voor mij voor een manier van leven. Ik wil de vrijheid om een vuurwapen te kunnen dragen en me altijd te kunnen verdedigen.” Nooit zal hij zijn vuurwapens zichtbaar dragen, wat veel bezitters juist wel graag willen. „Dan is het verrassingselement weg. Dat maakt me kwetsbaar.”

Tumminia is bezorgd dat de schietpartij in zijn stad het nationale debat beïnvloedt. Republikeinen in het Huis van Afgevaardigden wilden de regels over geluidsdempers versoepelen, maar stelden de behandeling deze week uit. „Ik snap niet dat dat gevoelig ligt. Een geluidsdemper maakt niemand dood. Het doet niks zonder een vuurwapen. Ik wil wat meer gezond verstand in het debat.”

En zeg nu zelf, zegt Tumminia. „Jullie in Europa hebben aanslagen met vrachtwagens gehad. Die zijn ook nog altijd verkrijgbaar. Een vrachtwagen is een potentieel moordwapen, net als een geweer. Het gaat erom dat de gekken ze niet in handen krijgen.”

Lees ook het achtergrondverhaal van correspondent Guus Valk: in Las Vegas is alles alweer bij het oude