Konden we hem maar terrorist noemen

De schutter van Las Vegas was niet arm, niet ziek, niet net ontslagen. Wat wilde hij zeggen?

Foto Mike Blake/Reuters

Poppoppoppop. Prrrrrrpoppoppoppop. Waar kwamen de kogels vandaan? De mensen op de grond wisten het niet, ze vluchtten de laarzen van hun voeten. En we weten het nog steeds niet. Ja, ze kwamen uit die ramen boven. Maar waarom?

Het is de grootste schietpartij uit de Amerikaanse geschiedenis. Er is geen motief, geen plot. Konden we hem maar terrorist noemen, klonk het.

En nu? Twee kapotte hotelkamerramen, als dode pixels. Snel het glas vervangen. Kijk, een vertrekkend vliegtuig. Toren, vliegtuig: de beeldtaal doet denken aan 11 september.

Maar in het vliegtuig zit de president. Het is de Air Force One. De president heeft net woorden van troost gesproken. Thoughts and prayers. En doei.

En de kwaliteitspers dan, kan die ons troosten? Die spuwt, al even voorspelbaar, cijfers over wapengeweld. Statistieken, grafieken, keiharde feiten, maar ze voeden vooral de verlammende wetenschap dat er niets zal veranderen.

Feiten falen weer. En o wee wie toch een motief suggereert.

Witte man

De dader was een witte man, opende het NOS Journaal. Het regende kritiek: ‘politiek correct’, ‘racisme’. Dat woordje ‘wit’ leek nog erger dan die 59 doden, terwijl de NOS enkel de schaarse feiten noemde. Man. Wit. Beide zijn helaas relevant.

Amerikanen bezitten bijna evenveel wapens als Nederlanders fietsen: 89 per 100 inwoners. Maar die cijfers misleiden, want die wapens zijn niet gelijk verdeeld, zoals onze fietsen. Een meerderheid van de Amerikanen heeft nul wapens. Dan is er een groep met één wapen, voor de jacht of zelfverdediging. Een kleine groep heeft er tientallen per persoon. Dat zijn overwegend witte, conservatieve mannen. Of zoals Time schreef: er is een subcultuur van witte, mannelijke wapenobsessievelingen.

Na 11 september vroegen velen zich af: waarom haten ze ons toch? Amerikanen moeten zich afvragen: waarom haten we onszelf? Dat is, vermoed ik, de kernvraag van de schutter van Las Vegas. Waarom haat ik mij zo?

Niet omdat hij arm was. Hij bezat ruim twee miljoen dollar en behoorde daarmee tot de rijkste één procent. Hij was niet religieus, althans niet publiekelijk. Hij was niet net ontslagen, geen schuldenaar, niet ziek. Geen hekel aan countrymuziek of casino’s, integendeel. Hij had vier huizen, maar leefde in hotels. Hij was een welgesteld hotelmens.

Kortom: rijk, wit, man. De top drie aan privileges. Hij plande zijn aanslag nauwgezet. Hij bestudeerde locaties. Hij installeerde camera’s. Hij regelde 23 wapens. Hij zat letterlijk hoog in de toren van de samenleving en zei toch: dit leven is zinloos. Dat zegt ook iets over die samenleving.

Wat hij wellicht niet had, was zingeving. Zijn gebrek aan motief is zo frappant dat dat gebrek zelf het motief is: leegte. Het is YOLO-nihilisme. Geen passender theater dan Las Vegas, oord van wanhopig spelplezier.

Hij zocht dus zingeving via de roem. De terreurgroep IS zegt dat hij op de valreep moslim werd. Dat kan goed zijn, dat is namelijk zo gepiept, maar er is nog geen bewijs voor. Het zou zijn roem vergroten.

Het belangrijkste medium van onze tijd, Facebook, bestaat uit een blind algoritme dat niet kijkt naar goed of kwaad. Voor de mens zonder talent is een automatisch wapen de vlugste weg naar kliks: je hoeft niet eens te mikken, maaien volstaat.

Je kunt de vraag omdraaien: welke levensovertuiging had deze man van zijn daad kunnen weerhouden?

Lastig. De dominante ideologie van deze tijd is: géén ideologie. Koopkracht is de zin van het leven. En de schutter was een braaf burger in dit extreem kapitalistische en individualistische systeem. Spaarde meer Air Miles dan hij op kon maken, een man zonder binding, thuis, gezin, God. De gedroomde consument.

Ik lees zijn boodschap als: geld maakt niet gelukkig.

Dat zou een open deur zijn als het niet zo vaak over geld gaat, over koopkracht of kijkcijfers. Ook bij ons minacht de premier, als kind van zijn tijd, het woord ‘visie’.

Voor zingeving moet je nu vooral bij extremisten zijn. Dat is iets wat Donald Trump en moslimfundamentalisten goed begrijpen. Zij bieden hun aanhangers niet per se geld, maar iets ‘waar je het allemaal voor doet’, een vlag om voor te strijden. Bij Trump is dat ’Merica. Bij IS is het Allah. En ze verheerlijken beiden geweld.

De kapotte ramen van het hotel zullen ons blijven achtervolgen, schreef fotoblog Reading the Pictures. Ik weet het niet. De vraag is of we andere manieren van zingeving vinden. Anders is het poppoppoppop en klaar.