Gelukkig blijven een paar modemerken in Parijs wel eigenzinnig

Tijdens de Parijse vrouwenmodeweek was veel hapklare mode te zien.

De show van Chanel tijdens de modeweek in Parijs. Foto Patrick Kovarik/AFP

Een groepje stoelen, dat was vorige week woensdag het hele decor van de show van Lemaires vrouwencollectie voor voorjaar 2018 in museum Palais de Tokyo in Parijs. Dezelfde stoelen als waarop de genodigden zaten, maar dan leeg. Het paste niet alleen bij de eigenzinnige, stijlvolle en functionele mode van het Franse merk, het was ook een goede metafoor voor de toestand in de modewereld.

Bij Lemaire, een klein en onafhankelijk huis, staat gewoon oprichter Christophe Lemaire aan het hoofd, samen met zijn partner Sarah-Linh Tran. Maar bij veel grote modehuizen is het al een paar jaar stoelendans. Ontwerpers lijken het steeds minder lang vol te houden als creative director bij die veeleisende bedrijven, en wisselen dus steeds sneller van plaats. Het zorgt ervoor dat veel merken snel aan kracht verliezen.

Of het door die snelle wisselingen komt of niet, het lijkt wel of er tegenwoordig minder ruimte is voor vernieuwende visies waar het grote publiek misschien even aan moet wennen. Hapklare mode en veel logo: dat lijkt vaak de opdracht die wordt meegegeven aan de ontwerpers.

Het treurigste voorbeeld daarvan tijdens de vrouwenmodeweek in Parijs was de eerste show van Olivier Lapidus, zoon van couturier Ted, voor Lanvin – al zou hapklare mode nog een compliment zijn. Lapidus is de opvolger van Bouchra Jarrar, die na twee collecties alweer het veld kon ruimen. Van tevoren was al duidelijk dat zijn eerste collectie niks te maken zou hebben met de verfijnde, uitbundige mode van Alber Elbaz, de ontwerper die het oudste modehuis van Parijs in 2002 weer op de kaart zette, maar twee jaar geleden na een conflict werd ontslagen. Modesite Business of Fashion meldde dat het management van Lanvin een Franse Michael Kors wil maken. Maar dat Amerikaanse merk mag dan bekend staan om de populaire, betaalbare tassen en schreeuwerige horloges, het heeft wél leuke shows. Dat kon je van de matte vertoning van Lapidus niet zeggen. Hij liet vooral jurken zien, weinig modieuze, spannende of zelfs maar luxe jurken met een korte asymmetrische zoom. Het maakte de tassen waar de merknaam zo groot mogelijk was opgezet, een beetje potsierlijk.

Smalle broeken, kekke laarzen

Voor het debuut van Clare Waight Keller (ex-Chloé) bij Givenchy was het imposante Palais de Justice voor het eerst beschikbaar gesteld als showlocatie. Waight Kellers voorganger Riccardo Tisci stond bekend om zijn seksueel geladen, donker-romantische mode. Haar visie is veel toegankelijker. Smalle broeken met kekke laarsjes en leren jacks, mouwloze overhemden of jasjes met een dierenprint voor mannen; voor vrouwen mouwloze blouses met brede schouders, korte rokken, vrij korte jurken met laarzen eronder, dessins gebaseerd op het werk van oprichter Hubert de Givenchy. Aantrekkelijk, jong, mooi gemaakt. Maar niet een debuut dat de mode omver zal blazen. Dat geldt ook voor de eerste Chloé-collectie van Natacha Ramsay-Levi, de voormalige rechterhand van Nicolas Ghesquière bij Balenciaga en Louis Vuitton: westernlaarzen, smalle broeken tot net over de knie en veel jurken: sommige romantisch gebloemd, andere wat stoerder en versierd met een tekening in Tex-Mexstijl, weer andere in het moderne ‘patchwork’ dat we kennen van Ghesquières Balenciaga en Louis Vuitton.

De show van Dries Van Noten. Foto Dries Van Noten

Maria Grazia Chiuri, voorheen Valentino, is nu ruim een jaar verbonden aan Dior. Naast opmerkelijk normale kleding als jeans en T-shirts komen in haar collecties steeds transparante rokken, jurken en korsetjes terug, die gemaakt lijken te zijn met mainstream-bloggers als Chiara Ferragni (10,4 miljoen volgers op Instagram), in gedachten, net als de behatopjes en broekjes met op de bandjes en tailleband de tekst ‘J’adior/Christian Dior’, waarin Ferragni zich dan ook vaak heeft laten fotograferen. De accessoires van Dior lijken soms eerder merchandise dan mode: in de showroom lagen onder meer kleurrijk geweven polsbandjes in Ibiza-stijl met, uiteraard, de merknaam erop.

Ontwerpen voor voorjaar 2018, van links naar rechts: Chanel, Céline, Louis Vuitton, Junya Watanabe, Givenchy, Y/Project, Lemaire, Christian Dior, Dries Van Noten en Balenciaga

Foto Getty Images
V.l.n.r: Chanel, Céline en Louis Vuitton

Meer nog dan die ongegeneerd commerciële koers stoort dat Chiuri pretendeert feministische mode te maken. In haar eerste collectie zette ze de slogan ‘We should all be feminists’ (titel van een essay van Chimamanda Ngozi Adichie, 2014) op T-shirts. Voor voorjaar 2018 was het ‘Why have been no great women artists?’ (essay van kunsthistoricus Linda Nochlin, 1971), en waren flink wat accessoires en, vaak transparante, kledingstukken opgesierd met afbeeldingen van werken van woman artist Niki de Saint Phalle. Niks mis met een beetje engagement natuurlijk, behalve als het totaal haaks staat op het product; dan laat het mode juist van haar oppervlakkigste kant zien.

Wat dat betreft is de mode die Phoebe Philo sinds 2009 voor Céline maakt een stuk feministischer. Natuurlijk, ook haar tassen zijn statussymbolen, al staat de merknaam er dan discreet op. Maar haar bijzondere, vaak erg wijde kleding is van het soort dat vrouwen voor zichzelf kopen. Voor Céline had Phoebe Philo de stijl van haar werkgever uit de jaren zeventig en tachtig, toen het een uitgesproken bourgeois merk was: denk breedgeschouderde rode jasjes met grote goudkleurige knopen.

Philo wist dat om te buigen naar een moderne, gedurfde collectie: het oude logo met de twee C’s kwam sterk uitvergroot terug als gesp van een ceintuur, een jurk stond dankzij een heupstuk van dik leer gewaagd uit, onder een oversized colbert kwam een elegante plooirok, er waren glamoureuze jarenzeventig-kaftans. Wat op het eerste gezicht een klassieke shawlprint leek, bleek een dessin van oude foto’s van vrouwen in een naaiatelier. Een zeer oversized dubbele trenchcoat had de allure van een gigantische cape, haar korte rubber laarsjes waren grappig, maar smaakvol.

Crocs en dollarbiljetten

Dat kun je niet zeggen van de Crocs met plateauzolen met speeltjes erin van Balenciaga. Ontwerper Demna Gvasalia, ook de man achter Vetements, is een van de weinig recent aangestelde ontwerpers bij een groot huis die vernieuwende ontwerpen maakt (en daar ook groot succes mee heeft; de sneakers en logo-kledingstukken zijn niet aan te slepen). Met de Crocs, die ongetwijfeld een hit worden, zocht hij opnieuw de grenzen op. Gvasalia’s dessins van dollarbiljetten, biljetten van 10, 20 en 50 euro en zelfverzonnen krantenartikelen waren niet anders uit te leggen dan een commentaar op de actualiteit in de mode en ver daarbuiten.

V.l.n.r: Junya Watanabe, Givenchy en Y/Project

Dries Van Noten, een van de succesvolste onafhankelijke modeontwerpers, heeft net twee boeken uitgebracht over zijn eerste honderd shows. De 101ste was deze zomer, voor de mannencollectie voor voorjaar 2018, maar die was grotendeels gemaakt tijdens de voorbereidingen van de 100ste. Nu dat verhaal is verteld, zei Van Noten een paar weken voor de show, kon hij „met een gevoel van vrijheid” werken aan zijn nieuwe collectie. Dat was te zien; die was feestelijk, losjes en, om een ouderwets woord te gebruiken, zwierig. Aan (lange) jurken, colberts en broeken waren shawls bevestigd, op een manier alsof ze per ongeluk aan waren komen waaien en blijven plakken. Feestelijke brokaten laarzen kwamen bij een brokaten broek met hetzelfde dessin, of juist een heel ander. Over een zwart pak kwam een transparante hoes met rhinestones, met pailletten was op een top een sterrendessin aangebracht, er waren transparante rokken. Gedurfd waren de kleuren en kleurcombinaties: zachtpaars met geel en oranje, oranje met roze, lila met rood, oranje met bruin.

Transparantie, sowieso een van de grote trends van Parijs, speelde een hoofdrol in de show van het Y/Project, een klein merk waarvan de collecties elk seizoen sterker worden. De Belgische ontwerper Glenn Martens kwam dit keer met ondermeer broeken en sweatshirts van tule, met als tegenhanger preppy poloshirts, een combinatie die wonderwel werkte.

Foto Getty Images
V.l.n.r: Lemaire, Christian Dior, Dries Van Noten en Balenciaga

Net zo vrolijk was de collectie van de Japanse ontwerper Junya Watanabe, die van stof van het Finse Marimekko – beroemd om de artistieke prints – kunstig geconstrueerde jurken had gemaakt.

Waterval van 15 meter

De shows van Chanel staan tegenwoordig bijna meer bekend om de decors dan om de kleding. Nadat Karl Lagerfeld het Grand Palais al had omgetoverd tot onder meer een vliegveld en een brasserie en er vorig seizoen een raket had laten opstijgen, was te verwachten dat hij dit keer een ommezwaai zou maken, al was het natuurlandschap van dit seizoen verre van een simpel gebaar. Negen dagen kostte het om de vijftien meter hoge waterval plus beplanting te installeren, die na acht dagen van modeshows een weldadig effect op het publiek hadden. Op de houten catwalk die over het water was gelegd liepen modellen crop-tops, shorts en mini-jurkjes en opvallend breedgeschouderde jasjes van het beroemde tweed en lieflijke zachtgetinte cocktailjurkjes, alles gecombineerd met hoedjes en lieslaarzen van doorzichtig plastic, een natuuronvriendelijk materiaal dat buitengewoon goed van pas komt in deze tijden van hevige regenval.

De show van Chanel. Foto Patrick Kovarik/AFP

Mode kijkt graag terug om vooruit te komen, maar zelden zie je verleden en toekomst zo goed samengaan als in de nieuwe zomercollectie van Louis Vuitton. De show, dinsdagavond de laatste van de modeweek, had plaats in een ondergrondse zaal van het Louvre waar de middeleeuwse muren nog staan waarop het paleis ooit werd gebouwd en waarin de meer dan 4.500 jaar oude sfinx van Tanis staat opgesteld. Het draaide er vooral om één voorstel: een rijkelijk versierde jas in de stijl van de mannenmode uit de achttiende eeuw, gecombineerd met boksbroekjes dan wel lak-jeans, en futuristische sneakers. Het zag er logisch, aanstekelijk en nieuw uit. Echte mode, die je deed vergeten dat een aantal modellen een logotas in de hand had.

De modeshow van Louis Vuitton.