Veel meer bezoekers voor Nederlandse musea

Hoewel de groei uit zowel binnen- als buitenland komt, wint het aantal internationale bezoekers terrein.

De Nachtwacht, het meest beroemde schilderij van Rembrandt van Rijn, in het Rijksmuseum. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Nederlandse musea hebben vorig jaar veel meer bezoekers ontvangen, zowel uit binnen- als buitenland. Het totale aantal bezoeken steeg in 2016 naar 31,7 miljoen, zo maakte de Museumvereniging donderdag bekend in een jaarlijks rapport. Dat is een toename van 8,7 procent in vergelijking met een jaar eerder.

Het overgrote deel van alle bezoekers kwam volgens de koepelorganisatie, die keek naar de cijfers van 420 aangesloten musea, uit Nederland zelf. In totaal ging het om zo’n 71 procent van de bezoekers. Zij gingen in vergelijking met voorgaande jaren vooral vaker naar musea voor natuurhistorie, volkenkunde en wetenschap.

Buitenlandse bezoeken winnen echter snel aan terrein, zo concludeert de Museumvereniging. Het aantal internationale bezoekers steeg namelijk drie keer zo snel als het binnenlandse museumbezoek. Die trend houdt al een aantal jaren aan: in vijf jaar tijd steeg het aantal buitenlandse bezoekers met 71 procent.

Meeste bezoekers in Noord-Holland

Vooral in de provincie Noord-Holland komen veel museumbezoekers vanuit het buitenland. Het aandeel bedraagt daar ongeveer 46 procent. In Drenthe en Utrecht is dat heel anders: daar komt respectievelijk 4 en 5 procent van de bezoekers van buiten Nederland. Buitenlandse bezoekers gaan in verhouding juist vaak naar kunst- en geschiedenismusea.

Ook in absolute aantallen ontvingen Noord-Hollandse musea de meeste bezoekers: meer dan 15 miljoen. Dat heeft echter weinig te maken met het aantal musea, zo benadrukt Museumvereniging. De museumdichtheid – het aantal musea per 100.000 inwoners – is in Noord-Holland (3,3) namelijk kleiner dan in Zeeland (4,2) en Friesland (4,0).

Musea zijn voor een groot deel afhankelijk van subsidies. Om financieel rond te komen leunen ze zwaar op vrijwilligers

Al die extra bezoekers merkten de Nederlandse musea ook in de kaartverkoop. De eigen inkomsten stegen vorig jaar met ruim 7 procent naar 516 miljoen euro. Doordat de hoeveelheid subsidie met een vergelijkbaar bedrag afnam bleven de totale inkomsten van musea echter gelijk, op iets meer dan 1 miljard euro.