‘De balans was wel wat zoekgeraakt’

Concurrentie

Toeristenwinkels verbieden? De winkeliers zelf zitten er niet zo mee.

Het is rustig donderdagmiddag in de Ice Bakery aan het Rokin. Uitgestorven zelfs. Wafels, Nutella, cupcakes en natuurlijk ijs kun je er krijgen – alles waar de gemeente Amsterdam genoeg van heeft – of te veel. De twee jonge verkopers schrikken uit een omhelzing als ze merken dat iemand binnenstaat. „Can I help you”, vraagt het meisje. Ze is Portugees, Nederlands spreekt ze niet.

Ze roept haar baas, Roberto Fava (49), die boven zit. Fava is naar eigen zeggen ‘conceptontwikkelaar en -uitvoerder’ van de Ice Bakery. In 2014 opende hij de eerste. Nu zijn er al tien.

„Ik ben wel positief over het verbod”, zegt Fava, die schat dat 65 procent van zijn klandizie uit toeristen bestaat. Een conservatieve schatting, afgaande op het handjevol klanten dat binnendruppelt tijdens het gesprek. „We hebben geen uitbreidingsplannen meer. En het is ook wel goed dat er straks niet alléén nog maar toeristenwinkels zijn.”

Fava zegt niet verrast te zijn door het verbod – iedereen wist volgens hem dat er zoiets aankwam. In zekere zin helpt de gemeente de ijsondernemer zelfs. Over nieuwe concurrenten hoeft Fava zich voorlopig geen zorgen te maken. Toch denkt hij in de praktijk weinig te merken van de maatregel. Er kwamen de laatste tijd toch al nauwelijks concurrenten bij, zegt hij.

Is de markt al verzadigd? Dat ook weer niet, zegt Fava. De zaken lopen goed, ofschoon het nu niet druk is. Hij verwacht dit jaar een omzetgroei van zo’n 3 procent. „Het hoogseizoen is net afgelopen. Straks als het herfstvakantie is, neemt de drukte weer toe.”

Van veelgehoorde kritiek op de ‘venetianisering’ van de Amsterdamse binnenstad door ondernemers als hijzelf wil Fava niets weten. „Vroeger waren mensen boos omdat de ijssalon sloot in de winter of omdat de speciaalzaak verdween. Zo is er altijd iets”, zegt hij. „Ik ben ondernemer, betaal mijn huur en wil geld verdienen.”

Jeantine Geelhoed van de winkeliersvereniging Nieuwendijk vertelt een vergelijkbaar verhaal. „De balans is zoek”, erkent ze. „Verdere uitbreiding van de toeristenwinkels wil je voorkomen.”

Maar al die toeristenwinkels zijn er natuurlijk ook niet voor niets. „Iedereen profiteert ervan, ook de grote kledingzaken als Primark. Als we het alleen van de Amsterdammers moeten hebben, wordt het een lastig verhaal. Zeker met deze huurprijzen.”

Daarbij komt: wat is op toeristen gericht en wat niet, vraagt Geelhoed zich af. De slager die vooral broodjes verkoopt? De kledingwinkel die truien met een Amsterdamse vlag verkoopt? Er zijn veel mengformules, wil ze maar zeggen. Daar zijn dan ook weer regels voor, maar die worden volgens Geelhoed niet of nauwelijks gehandhaafd.

Ze verwacht dat het verbod aangevochten gaat worden. „Er zijn genoeg ondernemers die willen uitbreiden. Er zullen wel rechtszaken komen.”