Intel slaagt, Philips zakt

Philips en LG kregen in 2012 een Europese boete wegens hun betrokkenheid bij verboden prijsafspraken over kleurenbeeldbuizen. Het Hof wees het hoger beroep af als zijnde onjuist dan wel irrelevant.

Foto Remko de Waal/ANP

Waar de Amerikaanse chipsfabrikant Intel er afgelopen maand in slaagde een boete van ruim 1 miljard euro af te wenden, althans voorlopig, daar faalde de poging van Philips en het Zuid-Koreaanse LG Electronics om onder een nagenoeg even hoge geldstraf uit te komen. In 2009 deelde de Europese Commissie de boete aan Intel uit wegens misbruik van zijn dominantie op de markt voor microprocessoren. Het Gerecht van de EU verwierp Intels bezwaren, maar in hoger beroep wist het bedrijf het Europees Hof ervan te overtuigen dat er een gat zat in de argumentatie, doordat het Gerecht niet al zijn tegenwerpingen had onderzocht. Het Hof verwees de zaak daarom terug naar het Gerecht.

Philips en LG kregen de Europese boete in 2012 wegens hun betrokkenheid bij verboden prijsafspraken over kleurenbeeldbuizen in de periode 1996-2006. Ook hun protesten werden door het Gerecht verworpen. In hoger beroep voerden zij aan dat de rechten van hun verdediging waren geschonden, de berekening van de boete niet deugde en de Commissie bij de strafoplegging met twee maten had gemeten. Het Hof wees dit allemaal af als zijnde onjuist dan wel irrelevant. Daarmee werd de boete voor Philips en LG onherroepelijk.

ECLI:EU:C:2017:632 en ECLI:EU:C:2017:679