Cultuur

Interview

Interview

Ravi Coltrane.

Foto Goodmusiccompany

‘Ik wil mezelf zijn, gewoon Ravi’

Ravi Coltrane

Zijn vader was John Coltrane. Lang vocht Ravi Coltrane (52) om uit de schaduw van deze jazzlegende te komen. „Het zou simpel zijn om de makkelijkste weg te kiezen.”

Wie de beroemdste achternaam in de jazz draagt, valt zijn hele leven buigende en knikkende reacties ten deel. „Ah, de zoon van John Coltrane…”, de jazzgod, de legende, de invloedrijke vernieuwer. Bijna ondoenlijk voor een kind om dan een eigen muziekcarrière op te bouwen. Zeker als die zoon in precies dezelfde voetsporen stapt als die van zijn fabelachtige vader, spelend op dezelfde instrumenten, de tenor- en de sopraansaxofoon.

Het is een stekelige route langs vooroordelen en hoge verwachtingen, weet Ravi Coltrane, die leeft met het wrange feit dat hij zijn vader bovendien nauwelijks heeft gekend. Toen John Coltrane in 1967 op zijn veertigste overleed aan leverkanker, moest Ravi nog twee jaar worden. Zijn passie voor muziek dankt Ravi aan zijn moeder, pianist, harpist en organist Alice Coltrane – fameus om haar spirituele jazz. In haar kielzog bij concerten en repetities zag hij hoe er altijd aandacht was van Coltrane-bewonderaars, al zei de naam Coltrane hem als tiener nog weinig.

Of ik Coltrane, Smith of Jones heette, maakt voor mijn jeugd niet veel uit.

Dat was anders toen Ravi in 1986 jazz ging studeren aan het California Institute of the Arts. Mede-studenten moest hij ervan overtuigen dat ook hij echt een beginner was. Toen hij zich net na zijn studie vestigde in New York om er zijn jazz te gaan ontwikkelen in bands waren er musici die zich, geïmponeerd door zijn naam en instrument, fluks terugtrokken.

Om verkeerde redenen toonden platenlabels juist meteen veel interesse in Ravi. Die zagen de zoon van Coltrane maar wat graag deelnemen aan een supergroep vol andere bekende jazz-zonen, van bijvoorbeeld Roy Haynes, Jimmy Harrison en Von Freeman. Vreselijk, vond Ravi Coltrane. „Dat zijn werkelijk vreselijke gimmicks. Het druist tegen alles in waarom we spelen.”

Nee, hij heeft nooit munt willen slaan uit zijn achternaam, vertelt Ravi Coltrane (52) met een bedeesde, zeer lage stem over de telefoon vanuit zijn huis in New York. Of ik Coltrane, Smith of Jones heette, maakt voor mijn jeugd niet veel uit. Maar het duurde als muzikant echt een tijd voordat mensen zagen wie ik zelf was. Niemand was vijandig, maar er was toch wel een houding van: wie denkt die gozer wel dat-ie is. Ik ben zeer blij deze naam te dragen, maar ik ben er niet het type naar om zich te laten voorstaan op een naam. Respect heb ik moeten winnen. Het is extra lastig geweest. Ik wil mijzelf zijn, gewoon Ravi. Ik maak zelf muziek, niemand anders doet dat voor mij.”

Doorbraak

Lang had zijn vaders reputatie een verlammend effect op hem. Want welke muziek Ravi ook maakte, op alles viel die immense slagschaduw van pa Coltrane. En dat musici die alles met zijn vader te maken hadden – zoals Elvin Jones, de drummer die John Coltrane aan het begin van de jaren zestig genadeloos achter zijn broek aan zat – zich als vaderfiguren over hem ontfermden, kon ook de ban niet breken.

Tot zijn zesde album Spirit Fiction in 2012 uitkwam. Ravi vond zijn eigen geluid en stootte door. Spirit Fiction was het bewijs: deze musicus wist wat hij wilde zeggen. Met twee verschillende bands ging het op het album van aangename, om de melodie draaiende, gestroomlijnde postbop naar wat vrijere, abstractere duikelingen.

Een volgende bevestiging was het wonderschone album In Movement in 2015 dat hij met drummer Jack DeJohnette en bassist Matthew Garrison, zoon van contrabassist Jimmy Garrison, opnam voor ECM. Ravi werd voor een Grammy genomineerd voor de ‘best geïmproviseerde solo’ in het titelnummer. Eervol, en al ging de prijs uiteindelijk naar gitarist John Scofield, hij was er echt blij om. Zijn opmerking dat er tijdens de studio-opname „helemaal geen moment was dat hij voelde dat hij iets uitzonderlijks had gespeeld”, tekent Ravi Coltranes bescheidenheid. „Het was voor mijn gevoel maar gewoon een van de vele takes in een lang opnameproces. ”

Dat hij soms kan tobben over zijn vooruitgang, heeft hij niet van een vreemde, weet Ravi. Hij kende zijn vader niet, maar lijkt hem altijd bij zich te hebben. Ook Ravi gaat het soms allemaal te langzaam. Compositorisch wil hij grote sprongen maken en zijn eigen voetafdruk achterlaten in de jazz. „Ik wil composities schrijven die jazzvormen veranderen, die impact hebben. We kunnen ons hele leven anderen kopiëren of interpreteren, of we kunnen iets nieuws verzinnen.”

En daar is zijn vader weer. John Coltranes Giant Steps was een game changer; het is een van de meest bestudeerde albums in de jazz, waarop Coltrane de grenzen van harmonisch materiaal en akkoordenprogressie oprekte. „Maar ook een componist als Steve Coleman schrijft weergaloos nieuwe taal. Daar werk ik ook naartoe.”

Dagdroom

De vraag wat hij zijn vader van muzikant tot muzikant zou hebben willen vragen is als een mooie dagdroom. „Zoals ik er velen over hem heb.” Graag stelt hij zich voor hoe hij John in jaren zestig bezig had gezien met zijn bands, hoe de musici in de studio platen opnamen, hoe ze jamden. „Hoe ik met ze zou praten en uitwisselen, en vooral natuurlijk wat ik mijn vader zou vragen. Een van zijn mooiste eigenschappen vind ik zijn lef om nieuwe muziek te creëren. Ook al werd het lang niet allemaal goed ontvangen of door iedereen begrepen, dat weerhield hem niet. Hij had makkelijk kunnen denken: goh, de mensen vinden het niets, ik ga weer wat conservatievere muziek maken. Maar hij bleef erin vertrouwen en bleef buiten de stroom, ook al wist hij niet waar het naartoe zou leiden.”

Die onafhankelijke drive behouden blijft een streven, zegt Ravi. Als inmiddels op eigen naam bekende muzikant komt hij steeds weer voor keuzes te staan. ‘Tribute to John Coltrane’-tournees? Allstar-bands? „Het is simpel om de makkelijkste weg te kiezen, omdat het meer geld oplevert, een goede recensie oplevert of beter zal vallen bij een groter publiek.” Hij weigert het allemaal.

Het onbekende

Zijn optreden, volgende week in Den Haag op het nieuwe Mondriaan Jazz Festival met het Amsterdam Mallet Quartet, is daar een voorbeeld van. Ravi Coltrane is headliner, maar speelt niet met zijn eigen band. Op verzoek voert hij met twee vibrafonisten en twee marimbaspelers de hynotiserende Canto Ostinato van componist Simeon ten Holt uit, een inmiddels neo-spirituele klassieker. Hij zal improviseren over de gecomponeerde lagen die door het kwartet worden gespeeld. Het idee is geïnspireerd op het optreden begin dit jaar bij de Grammy-show. Samen met de formatie Third Coast Percussion improviseerde hij op Steve Reichs Mallet Quartet.

„Het ongewone idee om een jazzimprovisator over een dergelijk bestaand stuk te laten spelen, spreekt me zeer aan. Ik ken de Canto Ostinato nog niet, maar ik heb het beluisterd en het biedt veel ruimte voor improvisatie. Het is open en flexibel genoeg om met de sopraansaxofoon in feite een extra laag aan te brengen. Een extra stem bij de cadans van de muziek die er al is. Van de creatieve risico’s houd ik juist als improvisator.”

Met zijn beide nieuwe bands wijkt hij af van de traditionele jazzvorm van piano, bas, drums en saxofoon. In een kwartet met gitarist Adam Rogers speelt hij tenor. En met een instrumentarium van orgel, percussie en harp eert hij de muziek van zijn moeder, Alice Coltrane. Dat veel jazzmusici nu experimenteren met elektronica spreekt hem ook aan. De bijdrages aan de muziek van zijn neef, producer Flying Lotus, geven blijk van die interesse.

„Op weg naar het onbekende weet je nooit hoe lang de reis zal duren”, stelt hij filosofisch. Het doel dat hij voor ogen heeft is elk geval „meer persoonlijk” te worden in zijn jazz. Muziek die zijn fantasie en intuïtie verklankt, zijn impressies en observaties weergeeft. „We leren van de meesters”, zegt Ravi. „We lenen hun licks en methodes, we versmelten hun uitvindingen tot nieuwe muziek. Maar het grote onbekende, waarin je zoals niemand anders klinkt, dat je speelt wat echt van binnen komt en nog niet eerder klonk. Dát kunnen enkel grote belangrijke artiesten.”

Ravi Coltrane speelt 14/10 op Mondriaan Jazz Festival in o.a Het Paard, Den Haag. Inl: mondriaanjazz.nl