De nieuwe commandant is een echte zeeman met imago van een ambtenaar

Rob Bauer Commandant der strijdkrachten

De nieuwe commandant der strijdkrachten Rob Bauer krijgt de zware taak de foute cultuur bij Defensie te veranderen. Hij zal al zijn ervaring als marineman en ambtenaar nodig hebben.

Portret van de nieuwe Commandant der Strijdkrachten Rob Bauer Foto: Remko de Waal

Niemand die halverwege de jaren tachtig op het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM) studeerde, zal de tekst van het Adelborstenlied ooit nog vergeten. Daar zorgde Rob Bauer wel voor. Luid en toonvast stampte hij het lied van de opleidingsvereniging er in bij de rekruten, zin voor zin. „Waar De Ruyter eens moest sneven. Waar een Tromp zijn roem behield”, galmde het dan uit tientallen kelen. Ontelbare keren moest het over. Ouderejaars Bauer wachtte wel. Wie een fout maakte, mocht opnieuw beginnen.

Het is dertig jaar later nog altijd de methode van Bauer, zeggen mensen die met hem samenwerken. Hij geeft je de ruimte om fouten te maken, maar corrigeert je streng en in klare taal indien nodig. „Hij zegt waar het op staat, maar met respect en vaak met humor”, zegt studievriend Jan van Gulik.

Lees ook dit achtergrondverhaal over Tom Middendorp: de eerste commandant ooit die opstapt

Donderdag wordt Bauer luitenant-admiraal en treedt hij aan als nieuwe commandant der strijdkrachten, het hoogste militaire ambt. Bauer (55) had zich de omstandigheden van zijn aantreden ongetwijfeld anders voorgesteld. In een militaire ceremonie op het Binnenhof zou voorganger Tom Middendorp het commando aan hem overdragen. Dinsdagavond maakte Middendorp echter bekend terug te treden, in reactie op het vorige week verschenen rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid naar een mortierongeval waarbij in Mali twee Nederlandse militairen omkwamen en een derde zwaargewond raakte.

De afgelopen jaren vervulde Bauer al verschillende functies in de top van het ministerie van Defensie in Den Haag. Als plaatsvervanger van Middendorp was hij sinds september 2015 diens logische kroonprins. In die rol had Bauer al eens een zware taak. Toen in juli 2016 in Mali het ongeluk gebeurde, moest Bauer de pers inlichten over het „afschuwelijke ongeval” en een onderzoek naar de toedracht aankondigen. De resultaten van dat onderzoek dwongen deze week zowel minister van Defensie Jeanine Hennis als Middendorp tot aftreden.

De problemen van Defensie reiken verder dan de huidige crisis. Bauer erft een krijgsmacht die na jaren van harde bezuinigingen in de touwen hangt. Scheidend commandant Middendorp zei het in zijn afscheidsspeech duidelijk: „De grens van wat de krijgsmacht kan, is allang bereikt.” Er is een groeiend tekort aan (reserve)materieel en personeel. Onder het personeel is de onvrede over de defensietop en de politiek groot.

Groot strategisch potentieel

Voordat Bauer in 2011 naar het ministerie in Den Haag vertrok, voer hij circa vijftien jaar op verschillende schepen. Met een dubbel gevoel maakte hij de overstap naar het ministerie, vertelt viceadmiraal Matthieu Borsboom, die Bauers meerdere was. „Rob heeft echt een passie voor het zeemanschap.” Op school vertelde zijn zoontje trots over de baan van zijn vader. Toch werd Bauer al na driekwart jaar op het militair transportschip Johan de Witt bevorderd naar Den Haag, op voordracht van Borsboom. „Ik dacht: we moeten hem nu naar Den Haag halen. Anders lopen we zijn grote strategisch potentieel mis.”

Op het ministerie maakte Bauer naam binnen de planningsafdeling. Zijn inmiddels zes jaar op ‘het Plein’ komen hem straks als commandant goed van pas. Juist ambtelijke ervaring, politiek gevoel en inzicht in de bureaucratische processen zijn daarvoor onontbeerlijk, zegt Rob de Wijk van het Haags Centrum voor Strategische Studies (HCSS), die Bauer vaak meemaakte. „Hoor je hem praten, dan weet je meteen: dit is een bestuurder. Als je alleen ervaring als troepenman hebt, overleef je niet in Den Haag.” Toch kan zijn ambtelijke imago Bauer ook dwarszitten. Voorganger Middendorp kreeg het verwijt onvoldoende voor „zijn mensen” op te komen en niet bestand te zijn tegen de politieke druk om aan nieuwe missies deel te nemen.

Veel hangt voor Bauer af van de plannen die het aankomend kabinet met de krijgsmacht heeft. Dat er geld bij komt lijkt zeker, maar hoeveel is cruciaal. Wordt het minder dan 1 miljard extra, dan moet de krijgsmacht nog verder reorganiseren. Maar ook als Defensie de komende tijd weer kan groeien, wacht Bauer een ingewikkelde taak. Na decennia van bezuinigen is de hele organisatie ingericht op krimp. Nadenken over wat Defensie nog meer zou kunnen en moeten was lange tijd ondenkbaar. Het vereist een flinke cultuuromslag om die instelling te veranderen.

Belang van modernisering

Bauers ervaring in het plannen komt van pas nu de organisatie weer gaat groeien, denken collega’s. „Hij denkt creatief”, herinnert luitenant-generaal buiten dienst Lex Oostendorp zich, die als directeur operaties Bauer meemaakte als hoofd planning, zich. Zo regelde Bauer voor een eerste reis voorafgaand aan de missie in Tsjaad in 2008 dat in het ruim van het Hercules-transportvliegtuig auto’s werden meegenomen. Taxi’s waren er ter plekke niet – dus zo kon er tenminste direct verkend worden. En heel belangrijk, zeggen (oud-)collega’s: Bauer is weliswaar de eerste CDS uit de marine sinds de functie in 2005 werd ingevoerd, maar hij is ook ‘paars’. Dat is militair jargon voor iemand die over de afzonderlijke krijgsmachtonderdelen heen kijkt, in het brede belang van Defensie. Bauer kent bovendien het belang van de modernisering van de krijgsmacht, denkt TNO-onderzoeker Henk Geveke, die met hem in de Raad voor Defensieonderzoek zat. „Als het aan tafel gaat om de besteding van geld, kan Rob opeens inbreken. ‘Mijne heren,’ zegt hij dan, ‘dit gaat nu wel heel erg om staal tegen staal, maar denken we ook na over cyber?’”

Geboren Amsterdammer Bauer groeide op in Groningen. Af en toe zet hij zijn noordelijke accent nog op, bijvoorbeeld als hij in zijn vriendengroep van oud-marinestudenten, moppen tapt. Scherpe grappen gebruikt hij ook in vergaderingen, om zijn boodschap overtuigender te maken. Geveke: „Hij kan heel vervelende boodschappen bijzonder vriendelijk overbrengen.” Bekenden omschrijven hem als rustig en aimabel, charmant zelfs. Maar als het niet gaat zoals hij wil, dan gaan „de oogjes aan”, zegt Frits de Ruyter de Wildt, die op de opleiding door Bauer werd ontgroend. „Dan wist je meteen dat je iets goed fout had gedaan.”

Vorige week constateerde de OVV dat Defensie maar nauwelijks van fouten leert. Aan Bauer de zware taak die cultuur te veranderen.

Correctie: In een eerdere versie van dit artikel werd Rob Bauer een marinier genoemd. Dat moet zijn: marineman.