In vijf jaar van niets naar de Champions League

Vrouwen Ajax

Vijf seizoenen na de oprichting werden ze kampioen en bekerwinnaar. Nu wacht de Champions League. Het verhaal achter de opmars van Ajax vrouwen.

Duel op De Toekomst, tussen Ajax en Achilles ’29. Foto Aaron van Zandvoort / Soccrates

Het is mei 2012 als Marleen Molenaar een kleine maand de tijd krijgt om een Ajax-waardig vrouwenteam te starten. Vanuit niks moest alles geregeld worden: spelers, een trainer en staf, velden en shirtjes. Nu, vijf jaar later, staat er een kampioensteam. Afgelopen seizoen won Ajax vrouwen de dubbel: kampioen van de eredivisie en winnaar van de KNVB-beker. Woensdag spelen ze voor het eerst een wedstrijd in het hoofdtoernooi van de Champions League.

Aanvankelijk zou het team geformeerd worden met spelers van het CTO Amsterdam, een fulltime opleidingsprogramma voor getalenteerde voetbalsters. Daar wilde Molenaar (54), tot 2010 manager vrouwenvoetbal AZ en nu in diezelfde functie bij Ajax, niet aan. „Dat zijn speelsters van 15 tot 18 jaar. Talentvol, maar nog niet goed genoeg.” Het zou volgens de manager hetzelfde zijn als alle B-jeugd van Ajax naar het eerste doorschuiven. Dat gaat niet. Uiteindelijk zijn er vijf spelers van het CTO gekomen en nog dertien van buitenaf aangetrokken.

Achter gesloten deuren

Een hele dag zat Molenaar op een kantoor waar alle spelers om de beurt langs kwamen. Ed Engelkes, daarvoor vier jaar hoofdcoach bij AZ vrouwen en assistent bij het Nederlands vrouwenelftal, werd aangesteld als coach en bleef dat ook vijf jaar. Een vlot proces was het, dat plaatsvond achter gesloten deuren. Molenaar: „Ajax is een beursgenoteerd bedrijf. Als dan zoiets naar buiten komt, is er geen weg meer terug.”

Dat het binnen zo’n korte tijd geregeld kon worden, was mede te danken aan de naam die Ajax heeft. „Speelsters willen hier graag spelen”, merkt Molenaar. Maar niet iedereen is geschikt om bij Ajax te spelen, vindt Benno Nihom (30), vijf jaar assistent van Engelkes en nu hoofdcoach van de selectie.

Ajax-mentaliteit

De ‘Ajax-mentaliteit’ gaat steeds meer een rol spelen. „We kijken nu, voor het derde seizoen, niet alleen naar kwaliteit, maar ook wat meer of ze bij de club en het team passen”, vertelt Nihom na een training op De Toekomst. „Je hebt niet 23 speelsters met exact hetzelfde karakter, maar ze moeten wel om kunnen gaan met de verwachtingen van mensen rondom deze club, om in dat shirt te spelen. Voor de een is dat heel moeilijk, bij anderen gaat het vanzelf.”

Bij Linda Bakker (24) ging dat niet vanzelf. De aanvaller zat bij de eerste groep van Ajax vrouwen maar maakte na twee seizoen de overstap naar Telstar (nu VV Alkmaar). Ze moest wennen om alles maar op voetbal te richten en verder vooral heel veel laten, terwijl dat bij de Amsterdamse club wel van iedere speler wordt verwacht. In twee seizoenen Telstar werd ze volwassen en ze ronde haar studie af. „Nu kan ik het beter aan.”

Ondanks haar acht jaar ervaring bij Standard Luik moest ook de Belgische Davina Philtjens (28) wennen op De Toekomst. „Van een Belgisch ploegje naar het grote Ajax. Zo voelde dat wel ja.” In de BeNe League (voorganger eredivisie vrouwen met zowel Nederlandse als Belgische teams) speelden ze al vaak tegen haar huidige club. „Dan waren we extra gedreven om te winnen. Dat merk je nu nog bij tegenstanders, ze kunnen altijd iets extra geven tegen ons.”

Eigen gedeelte en staf

Wat maakt voetballen bij Ajax dan zo anders? Volgens Philtjens de professionaliteit. Niet te vergelijken met andere clubs in Nederland en België. „Ook de trainingen zijn langer, zwaarder en harder.” Bakker wijst op de verzorging en begeleiding van spelers. Ieder teamlid wordt fysiek en mentaal goed in de gaten gehouden. Naast hoofdtrainer Nihom staan er nog drie andere coaches op het veld, onder wie oud-prof Simon Tahamata. Daarnaast heeft de ploeg nog een leider, teamarts, twee fysiotherapeuten en een bewegingswetenschapper.

De Ajax vrouwen hebben een apart gedeelte met onder meer eigen kleedkamer en een eigen fitnessruimte. Bewust wordt er in de ochtend getraind, wat volgens Molenaar de sfeer van topsport creëert. „Anders komen ze na een hele dag werken of studeren ’s avonds op de club. Dan hebben ze niet eens tijd om fatsoenlijk te eten en zit er veel minder energie in trainingen.”

Nihom is anders gaan spelen, meer typisch Ajax. „Omdat ik vind dat dat hier hoort. Dat wil het publiek zien en de mensen die hier iets te zeggen hebben. Spelers met bepaalde bluf over zich, bepaalde zelfverzekerdheid, lef, creativiteit en aanvallend vermogen.”

Prestaties zorgen binnen de organisatie voor meer respect. Maar ook voor meer druk.

Benno Nihom, trainer Ajax vrouwen

Met de jaren zijn de verwachtingen steeds hoger geworden. Vijf jaar duurde het om kampioen te worden in de eredivisie. De beker werd al een keer eerder gewonnen in 2014. Hoe beter de prestaties, hoe hoger de verwachtingen voor de toekomst. Nihom: „Het zorgt binnen de organisatie voor meer respect. Maar ook voor meer druk. Er wordt verwacht dat we die prestaties evenaren. Dat was de eerste paar jaar minder.”

De voorbije jaren heeft de ploeg ook financieel stappen gemaakt. In de eerste fase kregen spelers onkostenvergoedingen, nu hebben ze allemaal contracten voor twintig uur. Een aantal spelers die ernaast nog in een nationale ploeg speelt kunnen hiervan rondkomen, omdat zij als international ook nog een vergoeding krijgen. Andere spelers studeren of werken ernaast. Het streven: iedereen een contract van veertig uur. Alleen dan kan Ajax volgens Nihom aansluiting vinden bij landen waar vrouwen nu al fullprof zijn. „Het gaat er niet om dat ze iedere dag de hele dag hier zijn. Het gaat erom dat ze nergens anders hoeven te zijn.”

Lees ook dit interview met Nicole Edelenbos, voorzitter RvC Eredivisie vrouwen:

‘Ik verwacht geen zakken vol geld voor de voetbalsters’

Jeugdteams krijgen voorrang

Vijf jaar na de oprichting blijft Molenaar vooruitkijken. Ze wil stappen maken zodat de vrouwen bij Ajax nog meer meetellen dan nu. Ondanks de steun en faciliteiten van de club, moet het vrouwenteam nog altijd plaats maken voor jeugdteams. Door de slechte conditie van het hoofdveld op De Toekomst kunnen er nu maar drie teams op spelen: Jong Ajax, de A1 en B1. Molenaar hoopt dat de Ajax vrouwen in de toekomst ook vast op het hoofdveld kunnen spelen.

„Andere vrouwenteams spelen in lege stadions van de mannen. Dat willen we niet. Maar we willen wel een bepaalde uitstraling hebben als team. Daar past het hoofdveld bij.” Op nog langere termijn hoopt ze op een jeugdopleiding voor meisjes. „Het zou natuurlijk heel erg passen hier, zelf opleiden”, stelt Molenaar.

Maar de club is daar nog niet klaar voor. Als Ajax iets doet, dan moet het goed, zegt Nihom. Gewoonweg jonge spelers in Ajax-shirtjes steken, maakt het geen Ajax. „Die opleiding moet dan dezelfde faciliteiten en mogelijkheden hebben als alle jeugd hier. Daar is nu geen tijd en ruimte voor.”