Hennis toont in ferm debat alsnog zelfreflectie

Tweede Kamerdebat

Het was bijna zeker dat Hennis zou aftreden, maar in haar laatste debat ging ze toch in op alle vragen. Toen viel het doek.

Demissionair minister Jeanine Hennis (Defensie, VVD) voor het debat over het kritische OVV-rapport.

Halverwege het debat met Jeanine Hennis ontstaat er even verwarring onder Kamerleden. Wil ze tóch aanblijven?

De minister van Defensie toonde zich dinsdagavond deemoedig en strijdbaar, maar ook ontspannen en ad rem. En ze kondigde allerlei maatregelen en verbeterplannen aan naar aanleiding van de verpletterende conclusies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV). Die ze ook nog zelf leek te willen gaan uitvoeren. Toch was de uitkomst na vijf uur debat niet verrassend: een zichtbaar geraakte Hennis trad af. „Ik stop als minister van Defensie.”

Ze was naar de Kamer geroepen nadat de OVV vorige week hard oordeelde. Defensie had de dood van twee militairen bij een mortieroefening in Mali kunnen voorkomen als de krijgsmacht zich aan zijn eigen regels en procedures had gehouden. Een derde militair raakte zwaar gewond toen een kapotte mortiergranaat vroegtijdig ontplofte. Een granaat die Defensie onvoldoende gekeurd had en dus nooit gebruikt had mogen worden. De organisatie was „ernstig tekortgeschoten” en had de zorg en veiligheid van militairen ondergeschikt gemaakt aan de wens om mee te blijven doen aan internationale missies.

Voorafgaand was de verwachting rond het Binnenhof dat Hennis al vroeg in het debat de eer aan zichzelf zou houden. De conclusies van de OVV waren daar zwaar genoeg voor en haar primaire reactie afgelopen donderdag noemde Hennis terugblikkend „tenenkrommend”. Toch koos ze er bewust voor eerst alle vragen van de Kamer te beantwoorden. Voelde zij wel genoeg mee met de nabestaanden? Waarom reageerde zij in eerste instantie stuntelig op de conclusies van de OVV? Zijn militairen die internationaal opereren op dit moment wel veilig? Deugt de zorg wel? Welke maatregelen zijn er genomen? Is ze wel eerlijk geweest tegen de Tweede Kamer?

Hennis hoorde het aan en begon vervolgens aan een ferm betoog waarin ze het opnieuw opnam voor haar organisatie. Ze vond al snel vrijwel de gehele Tweede Kamer tegenover zich. Naarmate het debat vorderde, verzandde ze bij haar beantwoording in details.

Hennis val was onvermijdelijk. Allereerst door de ernst van de bevindingen. Maar ook de demissionaire status van Rutte II (VVD en PvdA) en de lange formatie speelden een rol. De PvdA had vrijdag in de persoon van partijleider Lodewijk Asscher al de handen van haar afgetrokken, aanstaande coalitiepartners CDA, D66 en ChristenUnie voelden zich niet geroepen Hennis’ politieke carrière te redden.

In de wetenschap dat ze zou aftreden, koos Hennis niet de makkelijkste weg. Ze zei weliswaar dat ze alle aanbevelingen tot verbetering van de OVV onderschreef, maar daarmee omarmde zij niet alle bevindingen. De onderzoeksraad stelde onomwonden vast dat een reeks fouten bij Defensie de oorzaak is geweest van de dood van de militairen. Hennis nuanceerde dat. Ze had het over „omissies die hebben geleid tot de context waarbinnen dit ongeval heeft kunnen plaatsvinden”.

Hennis wachtte een gegarandeerde motie van wantrouwen niet af en bood, met een snik in haar stem, zelf haar ontslag aan. Voor de „onverteerbare” dood van de twee militairen „ben ik politiek verantwoordelijk en die verantwoordelijkheid neem ik ten volle”, zei ze.

Hennis gaf hiermee gevolg aan haar politieke verantwoordelijkheid voor alles wat er binnen Defensie mis is gegaan. De verrassing was dat ook generaal Tom Middendorp, die donderdag eervol ontslag zou krijgen als commandant der strijdkrachten, per direct opstapt.

Hennis wachtte een gegarandeerde motie van wantrouwen niet af en bood, met een snik in haar stem, zelf haar ontslag aan

Hennis’ opvolger, in ieder geval die in Rutte III, zal opnieuw met de Kamer in debat moeten over alles wat Defensie door de OVV wordt verweten: het niet keuren van granaten waarvan intern gemeld was dat ze niet in orde waren en het uitbesteden van de zorg aan een derde gewonde militair aan een Togolees VN-hospitaal. Maar vooral de structurele problemen in de organisatie: het niet luisteren naar interne kritiek en onvoldoende leren van fouten.

Over een mogelijke terugkeer van Hennis in het nieuwe kabinet, waagde na afloop niemand zich. Daarvoor is het respect voor de bij veel Kamerleden geliefde Hennis te groot. Zelf gaf ze ook geen duidelijkheid over een mogelijke terugkomst. „Die vraag is totaal niet relevant.” En weg was ze.