Cultuur

Interview

Bij de Bijlmerramp op 4 oktober 1992 kwamen 43 mensen om, de driekoppige bemanning en één passagier van het El Al-toestel meegerekend.

Foto Benelux Press

De wonden van de Bijlmerramp zijn nu littekens

Hulpverlening

Aan de hulp bij de Bijlmerramp, 25 jaar terug, schortte veel. Daar zijn lessen uit geleerd voor rampen die volgden. „Het is ontzettend belangrijk nazorg langdurig aan te bieden.”

Rampen blijven rampen. Het is al een kwarteeuw geleden dat een Boeing 747 van de Israëlische luchtvaartmaatschappij El Al zich op zondag 4 oktober 1992 om 18.36 uur in twee flats in de Amsterdamse Bijlmermeer boorde, maar toch is Rinus de Haan (61) er nog altijd ziek van. „Ik slik kalmeringsmiddelen en slaappillen.”

De internationale accountmanager van ABN Amro, destijds twee jaar gescheiden, woonde met twee katten op de tiende verdieping van flatgebouw Klein Kruitberg, nummer 464. „Het was mooi weer. Mijn katten zaten op het balkon op hun krabpaal. Ineens kwamen ze naar binnen.” Hij stond bij de balkondeur. „Ik zag een Boeing op me afkomen, en zag mijn leven als in een film aan me voorbijgaan. Ik zag de Boeing op z’n kant gaan en neerstorten, op twintig meter afstand.” De Haan viel achterover door de druk van de inslag. „Toch ging ik niet dood. Ik had blijkbaar nog een taak te vervullen.” Hij kwam met z’n hoofd op de salontafel terecht. Daarna zag hij wat hij nooit zou vergeten. „Ik heb mensen als brandende fakkels naar beneden zien gaan.” Door de klap was de flat tientallen centimeters verschoven. Zijn voordeur zat klem. „Buurtbewoners hebben met een koevoet de deur opengebroken. Zo kon ik weg.”

De Haan werd drie maanden opgevangen in het huis van goede vrienden. Hij mocht halve dagen gaan werken. Kocht een huis in Hoorn. „Maar toen kreeg ik flashbacks.” Hij raakte arbeidsongeschikt. „Destijds verdiende ik een goed salaris. Nu moet ik van 50 euro per week rondkomen.” Gelukkig is hij weer getrouwd. De bruiloft was op dezelfde datum als de ramp, 4 oktober. „Het idee was: de dag van rouw vertrekt, de dag van trouw begint.” Dat hij nog leeft, schrijft hij toe aan zijn geloof. „Ik ben een overtuigd christen. Dat houdt mij op de been.”

Bij de vliegramp kwamen 43 mensen om, de drie bemanningsleden en één passagier meegerekend. De Haan heeft dankzij therapie geen last meer van de beelden die hij heeft gezien, maar de Bijlmerramp heeft zijn leven wel voor altijd veranderd.

ANP

Nabestaanden en anderszins getroffenen kampen nog altijd met de gevolgen, al hebben de meesten de gebeurtenissen goed kunnen verwerken. „De wonden zijn littekens geworden”, zegt dominee Otto Ruff, voorzitter van de Stichting Nabestaanden Bijlmerramp, woensdag een van de sprekers bij de herdenking. Ruff heeft veel slachtoffers begeleid, en is daar nooit mee opgehouden. „In de eerste jaren na de ramp doken mensen ineen als ze ergens een vliegtuig hoorden. Dat zijn menselijke reacties op absurde omstandigheden. Langzaam gaat het beter.”

Verhalen

Er zijn de afgelopen jaren veel verhalen verteld. Van nabestaanden die het gevoel hadden dat zij óók hadden moeten sterven, net als hun geliefden. Van achtergeblevenen die zich van het leven hadden willen beroven, in al hun wanhopig verdriet. „Veel nabestaanden zijn door onbeschrijfelijke emoties gegaan. Toch zijn ze weer gaan leven”, zegt Ruff. Dat gaat soms langzaam. „Mensen kunnen jaren later ineens weer genieten van de zon. Of ze pakken tien jaar na de ramp voor het eerst weer een bioscoopje.”

ANP

De Bijlmerramp was de eerste in een reeks rampen die Nederland zou treffen. De vliegramp in het Portugese Faro. De crash met het Dakota-toestel boven de Waddenzee. De ramp met het Hercules-toestel in Eindhoven. De vuurwerkramp in Enschede. De brand in Volendam. Tijdens de hulpverlening bij die rampen werden lessen in de praktijk gebracht die waren geleerd in de Bijlmer.

Dominee Ruff: „Het is ontzettend belangrijk nazorg langdurig aan te bieden. Veel slachtoffers en nabestaanden van de Bijlmerramp werden erg wantrouwig tegenover hulpverleners, omdat er telkens weer nieuwe kwamen. Wat ontbrak, was trouw.” Zelf zegt hij jarenlang dag en nacht klaar te hebben gestaan voor nabestaanden en slachtoffers. „Het is belangrijk er voor de mensen te zijn als ze je nodig hebben. Ook als ze daar midden in de nacht om vragen. Erover praten helpt. Er zijn.” Nabestaanden hebben regelmatig hun verhaal verteld aan slachtoffers en nabestaanden van andere rampen, zoals in Volendam en Enschede. Ruff is met nabestaanden zelfs naar New York gevlogen, na de aanslag op de Twin Towers. „Het vertellen van het verhaal is ontzettend belangrijk. Dat komt bij mensen binnen. Het steunt hen. Het is echt gebeurd. Het wordt verteld door mensen die hetzelfde hebben meegemaakt.”

Er is in Amsterdam-Zuidoost een kleine tentoonstelling met filmbeelden, geluidsfragmenten, interviews en persoonlijke aandenkens aan de Bijlmerramp. De expositie emotioneert menig bezoeker, merken de makers. Woensdag is er een stille tocht naar de plaats van de crash, waar een monument staat, onder meer een wand met de namen van de slachtoffers en teksten die nabestaanden ooit hebben geschreven. „Daar was een zwarte wolk met sterren erin”, bijvoorbeeld, of: „Mijn nicht zou eigenlijk verkering met hem hebben gehad.”

Het monument dat op de rampplek is geplaatst. ANP / Remko de Waal

Is het zinvol zo lang na een ramp nog te herdenken? Klinisch psycholoog Jos de Keijser, hoogleraar complexe rouw in Groningen, kent geen onderzoek naar de langdurige effecten van herdenken. Zijn „persoonlijke indruk” is dat „sommige nabestaanden veel waarde hechten aan herdenkingen en anderen geheel niet”. De Keijser: „Het is te vergelijken met het bezoeken van het graf: sommigen gaan daar vaak en langdurig heen, anderen nooit. De mensen die erheen gaan, doen dat om troost en inspiratie te krijgen of elkaar te treffen. Dat laatste is natuurlijk ook van belang voor de nabestaanden van de Bijlmerramp. Ze zien, spreken en troosten elkaar. Anderen zijn het leed al lang weer vergeten, maar nabestaanden die in de Bijlmer bijvoorbeeld een kind verloren, hebben na 25 jaar behoefte om gelijkgestemden te zien en spreken. Gedeelde smart is halve smart.”