Spanje en Catalonië willen even pas op de plaats maken

Daags na het referendum

Daags na het geweld in Catalonië houden de leiders zich in. Misschien komt er toch een dialoog.

Afgeplakte monden op de Plaza de la Universidad. Duizenden Catalanen protesteerden maandag in Barcelona tegen het geweld van de Spaanse politie. Foto Juan Carlos Cárdenas/EPA

Premier Mariano Rajoy en regiopresident Carles Puigdemont hebben beiden alsnog de deur opengezet om via een dialoog tot een oplossing te komen voor het conflict tussen de Spaanse regering en de autonome regio Catalonië. Het plan van de separatisten om binnen 48 uur na een referendum over afscheiding de republiek Catalonië uit te roepen, is sowieso niet haalbaar. Op dinsdag is er in Catalonië wel een grote staking tegen de ‘Spaanse repressie’.

Daags na één van de zwartste dagen van de Spaanse democratie – waarbij beelden van een hardhandig politieoptreden bij een verboden referendum de hele wereld over gingen – kozen de leiders van Spanje en Catalonië ervoor pas op de plaats te maken. Zowel het nationale als het Catalaanse parlement zal op korte termijn opnieuw de toekomst van de regio in het noordoosten van Spanje bespreken.

Correspondent Koen Greven ging mee met een Catalaanse burgemeester die stembussen afleverde Geweld was het antwoord uit Madrid, zegt burgemeester Garriga

Toen het stof een beetje was neergedaald, koos Puigdemont maandag alsnog voor de ratio. De regiopresident liet doorschemeren dat hij wel voelde voor bemiddeling. Rajoy zal een nationaal overleg met alle partijen voeren als voorlopige oplossing voor de acute crisis tussen ‘Madrid’ en ‘Barcelona’.

Puigdemont riep zijn regering maandagmorgen in spoedzitting bijeen. De leider van de separatisten veroordeelde het politiegeweld, eiste dat de Spaanse agenten zich terugtrekken, stelde nogmaals dat het referendum over de toekomst van Catalonië bindend is en zei zijn plannen door te zullen zetten.

Maar Puigdemont opende ook, enigszins onverwacht, een deur naar een dialoog. „Ja, op dit moment sta ik open voor bemiddeling”, zei hij op een persconferentie in Barcelona. Hij voegde eraan toe dat de Europese Unie een begeleidende rol zou moeten spelen.

Rajoy lijkt na een ontmoeting aan het einde van de middag in Madrid met de oppositieleider Pedro Sánchez (PSOE) in te zien dat het voeren van een dialoog met Puigdemont uiteindelijk een juiste weg zal zijn.

Zo maken Puigdemont en Rajoy voor even een einde aan een zeer onzekere periode van maanden, die zondag eindigde in een dag waarmee Spanje zich internationaal ten schande maakte. En zelfs op de avond van ‘de rampdag’ bleven beide partijen met de beschuldigende vinger naar elkaar wijzen.

Puigdemont en Rajoy leken hun ramkoers voort te willen zetten en schermden openlijk met het zetten van volgende, nog radicalere stappen. De regiopresident zag zich door de uitslag van het referendum – 90 procent van de 2,2 miljoen stemmers had ‘ja’ gestemd – gesterkt binnen 48 uur eenzijdig de onafhankelijkheid uit te roepen. Een wet waarin de transitie van autonome regio naar zelfstandige wordt geregeld, ligt daarvoor al klaar.

Lees hier meer over de einduitslag: 90 procent stemt ja in referendum Catalonië

Rajoy ontkende op televisie simpelweg dat er een referendum in Catalonië had plaatsgevonden. Het optreden van de ordetroepen achtte de premier niet buitensporig. Daarmee maakte hij de woede van vele Catalanen alleen nog maar groter. Rajoy stelde de eenheid van Spanje hoe dan ook te zullen beschermen. Volgens artikel 155 zou de premier de regioregering van Catalonië buitenspel kunnen zetten op het moment dat Puigdemont afscheiding door zou zetten.

Een dag na het referendum was de spanning in de straten van Barcelona zeker niet voorbij. Rond het middaguur verzamelde zich een menigte van duizenden Catalanen op de Plaza de la Universidad. Ze protesteerden in de binnenstad van Barcelona tegen het politiegeweld van een dag eerder en eisten afscheiding van Spanje. Toen een helikopter van de Spaanse politie zich boven het plein begaf, staken honderden Catalanen hun middelvingers op. Spaanse media werden massaal voor „manipulators” uitgemaakt.

Ook op andere plaatsen in Barcelona was het onrustig. Voor het hoofdbureau van de nationale politie eiste een groep van honderden betogers met het gooien van papieren vliegtuigjes vervolging van agenten die te gewelddadig zou hebben opgetreden. Vanuit Madrid kwamen er daarentegen oproepen om juist op te treden tegen de Catalaanse politie, deze zogenoemde Mossos d’Esquadra, zouden te lankmoedig hebben gehandeld.

Ook over het aantal gewonden is onenigheid ontstaan. De Catalaanse overheid stelt dat er negenhonderd mensen behandeld moeten worden, volgens het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn er zo’n vierhonderd gewonden. ‘Madrid’ en ‘Barcelona’ zullen het nooit over alles eens zijn.