‘Chirurg word je niet meer om het geld’

Verdienen en uitgeven Rozemarije Holewijn (30) is neurochirurg in opleiding en werkt in het AMC en VUmc in Amsterdam. Daar leert ze over aandoeningen in de hersenen en het zenuwstelsel. Met haar vriendin woont ze in een koophuis.

Foto Bob van der Vlist

IN

‘Je moet geen medisch specialist worden om het geld, althans niet in deze tijd. Vroeger kon je misschien hoge salarissen verwachten, maar tegenwoordig is dat veel meer aan banden gelegd. Niet dat het voor mij relevant is hoe hoog mijn inkomen is, zolang ik maar werk kan doen waar ik plezier uit haal en genoeg verdien om van rond te komen. Als derdejaars arts-assistent in opleiding tot specialist, werk ik en leer ik daarnaast alles over hersenoperaties. Het was financieel wel even wennen, de overgang van coschappen naar een vaste baan. Tijdens mijn coschappen verdiende ik geen geld, nu ontvang ik gewoon een salaris. Ik werkte destijds in de avonden en weekenden in de thuiszorg om toch nog wat bij te verdienen.

„Aanvankelijk ging ik medische natuurwetenschappen studeren, dat was een brede studie en de exacte vakken die ik op de middelbare school leuk vond, kreeg ik daar ook. Pas toen ik neurowetenschappelijke vakken kreeg, ging ik me er meer voor interesseren en omdat ik graag iets met mijn handen doe, leek een opleiding tot neurochirurg me wel interessant. Als ik over drie jaar klaar ben hoop ik in een academisch ziekenhuis een baan te vinden. Als ik niet direct werk kan vinden – die kans is natuurlijk aanwezig – dan lijkt het me een goede gelegenheid om nog een fellowship in het buitenland te doen, om me meer te verdiepen in andere operatietechnieken.”

UIT

‘Mijn vriendin en ik zijn beiden arts in opleiding en we maken lange werkweken. Ik werk al snel zo’n 55 tot 60 uur per week en na zo’n lange dag heb ik niet altijd zin om nog te koken. Daarom gaan we regelmatig uit eten of bestellen we wat. Bovendien vind ik het ook wel gezellig om buiten de deur te eten, dat doen we daarom al snel een keer per week. Ik let er dan niet op hoeveel we uitgeven.

„Een maandelijkse kostenpost – met 20 euro weliswaar niet zo’n grote – is mijn Cinevillepas. Daarmee kan ik onbeperkt naar alle filmhuizen in het land. Bij ons in de buurt zitten drie bioscopen, dus we kijken zo drie tot vier keer per maand een film buitenshuis. Dat doe ik liever dan thuis op de bank, in een mooi oud theater als The Movies krijg je toch de echte bioscoopervaring mee.

„Mijn laatste grote uitgave was onze reis naar Cambodja, daar heb ik in augustus tweeënhalve week rondgereisd met mijn vriendin. Ik was nog nooit in Azië geweest en veel kennissen adviseerden ons naar dit land te gaan. Het is cultureel en historisch interessant, ik heb op school weinig meegekregen van die geschiedenis dus het was erg leerzaam. En aan de kust heb je mooie witte stranden om lekker bij te komen, dus het was een fantastische reis.”