Hey sunshine!

Als er iets opvalt aan het Canadese warenhuis Hudson’s Bay is het de wellevendheid: een greeter heet je welkom aan de deur en winkelpersoneel treedt je glimlachend tegemoet.

Een cynicus zou brommen: Amerikaanse aanstellerij! Maar voor hetzelfde geld kun je het professionele vriendelijkheid noemen. En dat is toch wel eens verfrissend in een recht-voor-je-raap-stad. Hudson’s Bay, de opvolger van V&D, is een stukje Noord-Amerika in Rotterdam.

De bedrijfsfilosofie: mensen moeten iets ervaren tijdens het winkelen, zich even onderdeel voelen van de HB-familie. De medewerkers hebben daartoe een handjevol buttons in de la, waarvan ze elke werkdag eentje opspelden: van Hey sunshine! tot Happy to help.

Wie een kledingadvies wil, kan bij Click & Collect, zeg maar de klantenservice, een personal shopper inhuren die twee uur de tijd voor je neemt. Zelfs handsfree winkelen is mogelijk dankzij medewerkers die jouw inkopen helpen dragen. En op de dag van de officiële opening, twee weken terug, kon je voor je neus een pannenkoek laten bakken.

Hudson’s Bay zal het vooral van deze winkelbeleving moeten hebben, want het assortiment is inwisselbaar: Boss, Hilfiger en Lauren. Een echt eigen merk kent de Canadese keten niet, tenzij je de spaarzame branded producten zou meetellen met de typerende HB-kleuren, bijvoorbeeld op kussens, mokken en plu’s.

Hudson’s Bay zit een beetje tussen De Bijenkorf en de Hema in: niet te chique en niet te gewoon. Maar er is één groot verschil met alle andere warenhuizen: de royale opzet. Hudson’s Bay is licht en luchtig, je ervaart veel ruimte. En anders dan de Hema heeft de Canadees nog wel aparte jongens- en meisjeskleding. Geen genderneutraliteit aan de Hoogstraat! Wat hetzelfde is gebleven is La Place. Een broodje beenham smaakt er nog altijd voortreffelijk.

Aan klandizie geen gebrek zeggen de medewerkers als je het hun vraagt. Het is evenwel nog afwachten of Hudson’s Bay in Rotterdam zal overleven. De internationale keten maakte vorig jaar en dit jaar miljoenenverliezen, mede door de investeringen in Nederland. Maar de woordvoerster van de Nederlandse tak ziet desgevraagd de toekomst zonnig tegemoet. En ook dat is typisch Amerikaans.