35.000 eieren per dag, en ze worden allemaal vernietigd

Eiercrisis

Pluimveehouders op de Veluwe proberen de schade na de fipronil-affaire te verwerken. Nog steeds zit er fipronil in veel eieren. ‘We zijn twee keer belazerd. Eén keer door Chickfriend en de tweede keer door de NVWA.’

Onder: Pluimveeboer Wim ten Ham houdt kippen in koloniehokken, die vervuild zijn met fipronil. Foto’s Bram Petraeus

„Het is een ramp.” Ab Hardeman (57) zit in zijn overall in de kippenstal. Alleen. Naast stapels eieren die te veel fipronil bevatten en met duizenden tegelijk moeten worden weggegooid. „Mensen hebben niet in de gaten hoe zwaar het is”, vertelt hij. „Het is altijd hard werken geweest. Zeven dagen per week. Het ging de afgelopen jaren best goed. Ik dacht het binnenkort wat rustiger aan te kunnen doen. Maar nu? Hoeveel jaar moet ik werken om deze verliezen terug te krijgen? We zijn nu al een paar ton lichter.”

Het bedrijf telt 20.000 vrije uitloopkippen en 16.000 scharrelkippen, goed voor ongeveer 35.000 eieren per dag. Maar: „Ik heb sinds 15 juli geen eiergeld meer gebeurd.”

De pluimveehouder, vader van een zoon en twee dochters, is „optimistisch van aard”, maar wat hem nu overkomt, is te veel. „Je gaat langs de afgrond. Je hebt zorgen over de rekeningen. Het vreet aan je.” Lange dagen maakt hij, in zijn pogingen te redden wat er te redden valt. „Mijn vrouw appte me gisteravond: ‘Waar blijf je nou’. Ik app terug: ‘Komt door een vriend. Door Chickfriend’.”

Hardeman vertelt over zijn zoon. Die is eierhandelaar en komt bij wanhopige boeren thuis. „Mijn zoon is ’s avonds gesloopt door wat hij overdag meemaakt.” Zijn familie leeft intens mee, vertelt hij. En natuurlijk zijn vrouw. „Daar heb ik ontzettend veel steun aan.” Hij begint te huilen. Hij veegt zijn tranen weg en kijkt de stal in. Eigenlijk, vertelt hij, zou een aannemer deze week zijn begonnen met het saneren van asbest. Het geld daarvoor, ruim een ton, was al apart gezet. „Ik heb alles afgezegd.”

Hardeman is „natuurlijk kwaad” op de twee mannen van het bedrijf Chickfriend, die in „mooi opgetuigde kramen op beurzen” stonden, reclame makend voor hun bloedluisbestrijding, die echter de verboden stof fipronil bleek te bevatten. „Als het de marktomstandigheden waren die dit zouden veroorzaken, leg ik me daarbij neer. Maar deze jongens hebben het voor ons verpest.” Hij pakt een werkbon voor de opdracht. Niets verdachts aan te ontdekken. „Die jongens werkten supernetjes. Schoon. Er was veel mond-tot-mondreclame. We zijn er allemaal in getrapt.”

Geestelijke bijstand

Gemeenten op de Veluwe hebben samen met boerenorganisaties een meldpunt ingericht voor pluimveehouders die in de penarie zitten. De meesten melden zich met technisch-inhoudelijke vragen. Ook kunnen ze ‘agrarische coaches’ inschakelen om geestelijke bijstand. Dat is hard nodig, want veel eierboeren in de omgeving van Barneveld slapen slecht. Bedrijven gaan misschien failliet, of moeten worden verkocht.

De ellende is groot, vertelt voorzitter Hennie de Haan van de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders. Ze kent boeren die opnieuw een hypotheek moeten nemen op een woning die al was afbetaald. En boeren die geld dat ze voor de studie van hun kinderen opzij hadden gelegd, nu moeten aanspreken. De Haan: „En dat terwijl er gelukkig helemaal geen gevaar voor de volksgezondheid is. Vanaf het moment dat je zestig kilo weegt, zou je dagelijks 1.742 eieren moeten eten om direct gevaar te lopen.”

Een veterinair toxicoloog van de Gezondheidsdienst voor Dieren, Guillaume Counotte, heeft dit voorbeeld gemaakt voor een besloten bijeenkomst met pluimveehouders. De getallen zijn gebaseerd op cijfers van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

Twee keer belazerd

Boos zijn de boeren ook. Niet alleen op Chickfriend, maar ook op de NVWA, die tips over de kwestie naar hun mening veel te lang heeft laten liggen, en niet verder kijkt dan hun eigen regels. Breed is de verontwaardiging dat de NVWA de indruk heeft gewekt dat het gevaarlijk is om eieren te eten, en dat er lang is gewacht met maatregelen.

Martijn van Veldhuizen (36), kippenboer en pluimveeadviseur van een mengvoederbedrijf: „Ze hadden november vorig jaar al tips over fipronil gekregen. Als het zo gevaarlijk is, waarom hebben ze die jongens van Chickfriend dan zo lang hun gang laten gaan? We zijn twee keer belazerd. Eén keer door Chickfriend en de tweede keer door de NVWA.”

Daar komt nog bij, vinden de boeren, dat de overheid niets doet om ze tegemoet te komen. Van Veldhuizen: „We zitten diep in de problemen, en de overheid neemt geen enkele verantwoordelijkheid.” En waarom eieren vernietigen terwijl de halve wereld honger lijdt? „Meng het door het hondenvoer of zoiets, dan verdunt het, en heeft het nog een functie. Verzin iets. Maar het is alleen maar: nee, nee, nee.”

Van Veldhuizen, vader van drie jonge kinderen, heeft 13.000 biologische legkippen. „Als het straks niet meer goed komt, en daar ziet het naar uit, dan lopen de kosten richting drie ton.” Van Veldhuizen werkt zich „een slag in de rondte” en probeert waar mogelijk zijn gezin te ontzien. „Maar de onzekerheid knaagt.”

Zeven jaar geleden is hij het bedrijf gestart. „We hebben er flink aan moeten trekken om de hut op te zetten. We hebben aardige jaren gehad. En nu dit.” De boeren zijn teleurgesteld in de overheid, die hen naar hun mening liever kwijt is dan rijk. „Wij zijn een grote exportsector. Maar de overheid ziet ons vooral als stinkboeren. Als er elke dag honderd stoppen, vinden ze dat prima.”

Er is een petitie gestart, ter ondersteuning van de boeren. „Naar ons idee laat de regering ze nu in de kou staan”, staat in de petitie van Gea van Maanen, dochter van een getroffen pluimveebedrijf uit Barneveld. „De getroffen boeren kunnen in veel gevallen geestelijk en financieel bijna niet op de been blijven. Het gaat vaak om gezinsbedrijven die nu buiten hun schuld om kapot gemaakt worden.”

Kippen ontgiften

Veel boeren zijn dezer dagen in de weer het gehalte aan fipronil in de eieren te laten dalen. Ze maken hun stallen schoon. Ze zetten hun kippen op rantsoen zodat die hun vetreserves moeten aanspreken om een ei te leggen, vet waarin fipronil is opgeslagen. Dit ontgiften van de kippen, dat ruien wordt genoemd, heeft wisselend succes. Het gehalte aan fipronil in de eieren daalt wel maar veelal nog niet tot onder de norm van 0,005 microgram per kilogram. Pas dan mogen de eieren weer worden verkocht.

„Een martelgang”, noemt Wim ten Ham (62) de weken van onzekerheid. „Dit kost 25.000 euro per week.” Steeds opnieuw, twee keer per week, laat de pluimveehouder uit Ede tien eieren uit de stallen onderzoeken door een laboratorium. Nog steeds zitten zijn eieren niet onder de norm. „We zaten op 0,3 [microgram per kilogram]. Nu zitten we op 0,08.”

Ten Ham heeft een hypermodern bedrijf, met 68.000 kippen in kooien van 3.60 meter bij 1.50 meter, verrijkt met een nestje, een zitstok en een krabplaatje. Tijdens de rondleiding komt er een onderzoeksuitslag binnen. „Een heel klein beetje gezakt”, zegt hij. Niet hoopgevend. „Het zou kunnen dat we nooit lager dan de norm kunnen komen. Die kans bestaat. De kans bestaat dat ik failliet ga, of mijn bedrijf moet verkopen.” Als de eieren onder de norm komen, „ben ik terug bij waar ik vijf jaar geleden was”.

Maar als de eieren niet snel fipronilvrij zijn, dan is de schade nog veel groter. Dan moet hij nieuwe kippen kopen, en daar waarschijnlijk ook nog een half jaar op wachten. „Dat kost me in totaal zes ton. Dat gaat de bank niet bijbetalen.”

Ten Ham heeft al jaren een bedrijf in staalconstructies, en kocht begin jaren negentig de kippenfarm van zijn buurman. Dat bedrijf heeft hij vervolgens langzaam maar zeker vergroot en gemoderniseerd. „Het is mijn levenswerk. Het doet pijn als iets wat je hebt opgebouwd, wordt afgebroken.”

Ook Ten Ham, vader van zes kinderen, heeft het vertrouwen in de overheid verloren. „We worden verondersteld onderdanig te zijn aan de overheid, maar die overheid laat het allemaal gewoon gebeuren. Ze kijken naar hun regeltjes maar niet naar de gevolgen. Waarom hebben ze die norm voor fipronil eerst verlaagd en pas daarna die jongens van Chickfriend aangepakt? Dat zou ik wel eens willen weten. Het lijkt op een overval, maar daar offeren ze wel de hele pluimveesector voor op.” De overheid heeft met de boeren weinig op, vindt hij. „Ze hopen dat veel boeren stoppen, dat gevoel krijg je.”

Verstoorde schepping

Ten Ham denkt niet dat de twee mannen van Chickfriend de eierboeren deze ellende doelbewust hebben willen aandoen. „Als ze dit hadden geweten, hadden ze het niet gedaan.” Laten we niet vergeten dat bloedluis nu eenmaal een „gigantisch probleem” is voor de pluimveehouderij. „Als je niets doet, liggen ze dood, van de bloedarmoede. We proberen al jaren van alles. Cola. Spiritus. Silica. Die jongens waren óók op zoek naar een middel dat werkt. Dat middel werkte. En wij gingen ervan uit dat het geen kwaad kon.” Kom bij Ten Ham niet met verhalen dat ziektes als bloedluis alleen bij grote aantallen dieren voorkomt. „Dat heeft er niets mee te maken. Bloedluis zit ook bij hobbykippen.”

Lees ook het profiel over de twee eigenaren van het bedrijf Chickfriend: De jongens met het wondermiddel

Het is allemaal om woedend van te worden. Je zou „iemand op z’n bakkes willen slaan” als je niet de overtuiging zou hebben dat alles wat er gebeurt, bij God berust. „Dat geeft rust.” Ten Ham is een gelovig mens. „Wat je bezit, kun je niet meenemen als je sterft. Bezit is tijdelijk. Wat je bezit, heb je in beheer. Als je alleen maar kijkt naar wat je wordt afgenomen, dan heb je geen leven meer.”

Hij is ervan overtuigd dat hoe de fipronilaffaire nu wordt afgehandeld, „niet is zoals de Heere het wil”. Ten Ham wijst naar de kippen in hun kooien. „Die kun je toch niet zomaar doden.” En al die eieren weggooien? „Een schande.”

In het algemeen, zegt Ten Ham, is de schepping verstoord. „Ooit konden de leeuw en de beer goed met elkaar overweg. Als de schepping niet zou zijn verstoord, dan zouden de bloedluis en de kip elkaar niet naar het leven staan.” En is er ooit een tijd geweest waarin de schepping niet was verstoord? „Zeker”, zegt Ten Ham. „In het paradijs.”