‘In je eentje lukt niet, dan maar sámen een huis kopen’

Woningmarkt

Starters kunnen in Amsterdam geen huis meer kopen of huren. Te duur. En dus wonen ze met zijn drieën of vieren. Het ‘friends-model’ is noodgedwongen. Ze maken er maar het beste van.

Simone Heidenrath: „Het is gezellig. Ik heb superlieve huisgenoten en het is hier netjes. Ik vind dat ik echt waar voor mijn geld krijg.” Remco Koers

Soms komt ze op zondagavond thuis na een druk weekend en wil ze een rustige avond omdat de volgende ochtend om 7 uur de wekker gaat. „En dan tref ik een huis vol feestende vrienden van mijn huisgenoten aan”, vertelt Simone Heidenrath (26). Van de eeuwig bezette wasmachine en de file voor de badkamer ’s ochtends heeft ze ook weleens last. „Dan wacht ik op de douche en dan glipt er net een huisgenoot voor mij naar binnen als de badkamer vrijkomt. Dan maar ongedoucht naar mijn werk”, zegt ze laconiek terwijl ze rondleidt door het ruime, gerenoveerde huis in Bos en Lommer.

Maar de nette woning – „met dank aan de schoonmaker” – is van alle gemakken voorzien: een inbouwkeuken met moderne apparatuur, een ruime woonkamer, een groot dakterras en drie slaapkamers. De kale huur, 2.000 euro per maand, betaalt ze met haar drie huisgenoten.

Starters zonder eigen vermogen komen niet meer aan bod op de Amsterdamse woningmarkt. Door hoge prijzen, aangescherpte hypotheekregels en de flex-arbeidscontracten die financiële onzekerheid geven, is zelfstandig een koop- of huurwoning bemachtigen binnen de ring vrijwel onmogelijk. Veel twintigers nemen hun toevlucht tot het ‘friends-model’, het samenwonen met huisgenoten in huurwoningen in de vrije sector.

Het is gezellig. Ik heb superlieve huisgenoten en het is hier netjes.

Flexcontract

Met een inkomen van tussen de 20.000 en 30.000 euro bruto per jaar komt Simone Heidenrath in aanmerking voor een sociale huurwoning. Maar met een gemiddelde wachttijd in Amsterdam van 14 jaar is dat geen optie. Kopen is voor haar niet weggelegd. Heidenrath werkt met een flexcontract als opleider voor verpleegkundigen in een ziekenhuis. „Een aantal jaar geleden had ik wel een vaste baan en toen heb ik me georiënteerd op een koophuis. Dat bleek zonder een hoop spaargeld toen al niet haalbaar. Ik had destijds mijn ouders nodig om garant te staan. Het is gewoon niet te doen, in je eentje een huis kopen. Bovendien hebben veel van mijn leeftijdgenoten een flexcontract en een studieschuld. Mijn ouders kochten hun eerste huis op hun 22ste. Dat is voor onze generatie niet weggelegd. Dat vind ik zonde.”

Een verhuizing zit er op korte termijn niet in. „Met mijn salaris kan ik in m’n eentje geen vrijesector-huurwoning betalen. Bovendien wil ik binnen de ring blijven wonen. Een paar jaar geleden woonde ik in Slotermeer. Daar werd ik weleens lastiggevallen als ik in m’n eentje naar huis fietste na het stappen.”

Heidenrath ziet ook de voordelen van het ‘friends-model’. „Het is gezellig. Ik heb superlieve huisgenoten en het is hier netjes. Ik vind dat ik echt waar voor mijn geld krijg: ik woon in een mooi huis in een leuke buurt.”

Stijnie Thuijs: „We hebben geen voorraadkast in de keuken en ik heb maar één plankje in de koelkast. Dat betekent iedere dag naar de super.”. Remco Koers

Kans verkeken

Stijnie Thuijs (27) heeft de zoektocht naar een koophuis binnen de ringweg A10 opgegeven. „Het gaat me niet lukken en daar heb ik me bij neergelegd”, vertelt Thuijs in haar kamer van 20 vierkante meter in de Indische Buurt. Keuken en badkamer deelt de online marketeer met een huisgenootje dat ze via via leerde kennen. De kale huur van het tweekamerappartement bedraagt 950 euro.

Delen van woonruimte zorgt voor logistieke uitdagingen „We hebben geen voorraadkast in de keuken en ik heb maar één plankje in de koelkast. Dat betekent iedere dag naar de super. Een dure hobby”, lacht Thuijs. „Ik heb met Pasen mijn familie uitgenodigd en dat was passen en meten met twee kippen in de koelkast en al de visite in mijn kamer.” Thuijs vindt het een prettig en veilig idee dat er nog iemand in huis is. „Mijn huisgenootje heeft toch een speciale plek in mijn leven. Ook al zijn we geen hartsvriendinnen, we kunnen altijd op elkaar rekenen.”

Aan haar salaris ligt het niet: Thuijs verdient tussen de 40.000 en 50.000 euro bruto op jaarbasis. Goed voor een hypotheek van rond de 170.000 euro. „Vijf jaar geleden kon ik een hypotheek van 130.000 euro krijgen. Daar kon ik relatief gezien ‘meer huis’ mee kopen dan nu. De prijzen van de woningen waren lager, er was meer aanbod en de hypotheekregels waren minder streng”, vertelt Thuijs. Maar ze besloot destijds om nog even door te sparen om ook de inrichting en de eventuele opknapkosten van een nieuwe woning te kunnen betalen. Vijf jaar later is de markt drastisch omgeslagen, de prijzen liggen hoger dan voor de crisis en het aanbod daalt.

Grote som eigen geld

Het grootste obstakel voor twintigers vormen de hypotheekregels waardoor een starter over een behoorlijke som eigen geld moet beschikken. Thuijs: „Dat betekent dat ik voor een woning van rond de twee ton al snel 15.000 tot 20.000 euro bij moet leggen, inclusief de inrichting en wat kluswerk. Dat geld heb ik nog niet bij elkaar gespaard. Ik vind het jammer dat mijn kans nu verkeken is om binnen de ring te kopen. Dan was ik bovendien al begonnen met aflossen en had ik op die manier vermogen kunnen opbouwen. Ik heb ervoor gekozen om hier te blijven wonen omdat ik erg van de stad houd. Ik werk in de buurt en met de tram kan ik binnen een paar minuten overal zijn. Ik ben dit huisje nu wat gezelliger aan het inrichten omdat het geen tijdelijke oplossing meer is.”

Gezellig

Merel Laagland: „Ik vind het fijn om samen te wonen met mijn vriend en toch de extra energie in huis te hebben van een huisgenoot. Bovendien zijn mijn woonlasten nu laag terwijl ik wel in een leuke buurt woon.”. Remco Koers

Merel Laagland (24) besloot bij haar partner en een goede vriend van het stel in te trekken. Met z’n drieën wonen zij in een woning van rond de 65 vierkante meter in de Oosterparkbuurt met een kale huur van 950 euro. De ‘learning consultant’ (20-30.000 euro per jaar bruto) woont met haar partner in een ruime kamer aan de voorzijde van het pand. Het stel deelt de keuken en de badkamer met een goede vriend, die in de kamer aan de achterkant woont.

„Het was een experiment om zo te gaan wonen met z’n drieën en het blijkt in de praktijk goed uit te pakken. Het is gezellig. Ik vind het fijn om samen te wonen met mijn vriend en toch de extra energie in huis te hebben van een huisgenoot. Bovendien zijn mijn woonlasten nu laag terwijl ik wel in een leuke buurt woon.” Laagland ziet zich de komende tijd niet verhuizen. „De markt is zo krap. Het is lastig om iets te vinden en dan betaal je al snel 1.200 euro kale huur. Ik werk nog niet zo lang en moet mijn studieschuld ook afbetalen.”