Recensie

De Koude Oorlog werkt nog steeds door

Koude Oorlog

De huidige ontwrichting van de westerse samenlevingen is in hoge mate te danken aan het einde van de Koude Oorlog. Dat toont de Noorse historicus Odd Arne Westad overtuigend aan.

Moermansk: een Russische basis voor onderzeeërs met ballistische raketten. Foto Gueorgui Pinkhassov/Magnum Photo

Tien jaar voor zijn dood publiceerde NRC-commentator J.L. Heldring (1917-2013) een bundel columns met als titel Heel ons fundament kraakt. Hij stelde vast dat de oude orde van de Koude Oorlog – de combinatie van Atlantische samenwerking, Europese integratie, verzorgingsstaat en een stevig politiek centrum – aan slijtage onderhevig was. De ineenstorting van het Sovjetimperium in 1989 had het Westen van een tegenstander beroofd die een bindende en disciplinerende werking had. Het verdwijnen daarvan stemde Heldring tot pessimisme over de toekomst.

Hoe belangrijk dit westerse bestel tijdens de Koude Oorlog was, maakt de Noor Odd Arne Westad, hoogleraar geschiedenis aan Harvard, duidelijk in The Cold War. A World History. Het is een gedegen boek van een historicus met een nuchtere en scherpe blik. Westad laat zien dat Stalin het grootste aandeel had in de vorming van een blok dat Amerikanen en West-Europeanen samenbracht.

Het ontstaan van de Koude Oorlog was volgens de Noorse historicus zo goed als onvermijdelijk, doordat in 1945 het Sovjetleger halverwege Europa stond. De verleiding om in de bezette gebieden een dictatoriaal systeem volgens bolsjewistisch model te vestigen was simpelweg te groot voor Stalin, die iets dergelijks eerder in eigen land uit de grond had gestampt, met groot profijt voor zijn eigen machtspositie.

De Amerikanen waren verontwaardigd en de West-Europeanen vreesden voor nog meer expansie van de Sovjet-Unie, die op dat moment een groot overwicht in vliegtuigen, tanks en soldaten had, wat de oorzaak van de Koude Oorlog was. Zo ontstond er een westers blok op grondslag van democratie en een markteconomie met sociale correcties. Het keerde zich tegen een Oostblok dat politieke dictatuur combineerde met economisch dirigisme.

De Koude Oorlog begon op het Europese continent en leidde er tot een patstelling tussen twee nucleair bewapende mogendheden. De vrede was broos, maar een oorlog te riskant. Er stond te veel op het spel en een militaire confrontatie bleef dan ook uit. Maar, aldus Westad, het conflict waaierde uit over andere continenten, waar het aanzienlijk minder vreedzaam verliep. De grootste crisis (Cuba, 1962) en de gewelddadigste confrontaties (Korea, Vietnam, Afghanistan) speelden zich af in wat toen de Derde Wereld heette. Het resultaat, inclusief de slachtpartijen in onder meer China en Cambodja, bestond uit tientallen miljoenen doden. In Europa werd geen schot gelost, maar in mondiaal opzicht was de Koude Oorlog zeker niet de periode van stabiliteit waar nostalgisch op kan worden teruggekeken.

Ondanks de vele slachtoffers in de Derde Wereld was de strijd in die contreien niet beslissend. De Koude Oorlog begon niet alleen in Europa, maar eindigde daar ook, in 1989. Dat die afloop zich, net als het Europese verloop van het Oost-Westconflict, op vreedzame wijze voltrok, wordt door Westad op het conto van Gorbatsjov geschreven. In 1985 aangesteld als leider introduceerde hij het spectaculaire idee dat het communisme kon worden hervormd door het een dosis vrijheid toe te dienen. Dat bleek een vergissing, maar hij had de verdienste zijn fout niet te corrigeren met een gewelddadige ingreep.

Expansiedrang

Een sleutelrol toekennen aan Stalin en Gorbatsjov, dat hebben we in de geschiedschrijving van de Koude Oorlog vaker gezien. Maar Westad komt in zijn boek ook met een paar nieuwigheden. Het minst geslaagd is zijn pleidooi om van de Koude Oorlog een honderdjarig conflict te maken. Eind negentiende eeuw raakten volgens hem Amerika en Rusland al in de greep van de expansiedrang die hen later lijnrecht tegenover elkaar zou plaatsen. Maar Amerika brak met deze ambitie door in de jaren twintig en dertig vast te houden aan politiek isolationisme. Rusland was eind negentiende eeuw te zwak om als aspirant-grootmacht in aanmerking te komen. Westad schrijft terecht dat bipolariteit het meest opvallende en historisch bijna unieke kenmerk was van de Koude Oorlog. De twee blokken onder een sterke leiding kregen pas na 1945 duidelijke contouren.

De nageschiedenis komt bij Westad beter uit de verf dan de voorgeschiedenis. Overtuigend beschrijft hij hoe ontwikkelingen die tijdens de Koude Oorlog op gang kwamen nog altijd doorwerken. Het Westen heeft dit conflict gewonnen doordat het politiek en sociaal-economisch een superieur bestel had. Begin jaren tachtig kwam de Sovjet-Unie volgens Westad onder verhoogde druk te staan, als gevolg van de neoliberale mondialisering die de westerse economieën een nieuwe dynamiek gaf. Hervormingen in de Sovjet-Unie, concludeerde Gorbatsjov, werden nu onontkoombaar.

Met veel gevoel voor dialectiek laat Westad zien dat dezelfde transformaties die bijdroegen aan de ondergang van het communisme in de daaropvolgende decennia ook het westerse bestel ondermijnden. Met het verdwijnen van de gemeenschappelijke vijand werden de samenbindende krachten aangetast. Duizelig van succes koos het Westen voor een vlucht naar voren in de neoliberale revolutie van deregulering, open markten en een mondialisering, die in het computertijdperk mogelijk werd.

De gevolgen zijn ontwrichtend. De verzorgingsstaat ligt onder vuur van de marktwerking, de open grenzen hebben in Europa en Amerika tot een populistische opstand geleid, de IT-revolutie ondersteunt een mondiale handel in financiële diensten die ongrijpbaar is geworden en die fungeert als motor van een almaar doordenderende schuldeneconomie. De grootste profiteur van de open markten is niet het Westen, maar China, dat Europa en Amerika inmiddels in economische productie bijna heeft gepasseerd. Deze opkomende mogendheid, die massaal Amerikaanse overheidsobligaties opkoopt, is als kredietverlener voor het Westen onmisbaar geworden.

Heldring had gelijk: heel ons fundament kraakt. Westad toont dat de overwinning van het Westen in de Koude Oorlog deels was toe te schrijven aan dezelfde ontwikkelingen die sindsdien het westerse bestel doen wankelen.