Macron krijgt zijn pot geld voor de eurozone niet zomaar

Toekomstdebat euro De Franse president wil met een eurobegroting economische schokken opvangen. Het geld moet komen uit belastingen. Gaat dit lukken?

De Franse president Emmanuel Macron tijdens zijn speech over de Europese Unie op de Parijse universiteit Sorbonne, afgelopen dinsdag. Foto Ludovic Marin/AFP

Het is 2024 en een nieuwe financiële crisis treft de eurozone. Paniek op de wereldwijde obligatiemarkten raakt met name Italië en het recent van Spanje afgescheiden Catalonië. Een recessie begint.

Maar gelukkig heeft de eurozone een nieuwe schokdemper: een eigen pot geld, met daarin 300 miljard euro. De eurolanden doen daar een flinke greep uit om de recessie te bedwingen. Ze investeren in Italiaanse en Catalaanse infrastructuur.

Zo ongeveer moet zich Emmanuel Macron, de Franse president, zijn „gemeenschappelijke begroting” voor de eurozone voorstellen. Nu heeft alleen de EU als geheel een begroting, die relatief klein is: ongeveer 1 procent van het bruto binnenlands product van de EU (ter vergelijking: de Nederlandse rijksbegroting bedraagt 37 procent van het bbp).

Ambitieuze voorstellen

De eurozone vormt „het hart” van de Europese Unie, zei Macron dinsdag in zijn grote Europese rede. Dus moet de muntunie, in Macrons Europa van verschillende snelheden, het allersnelst gaan. De speciale eurobegroting moet „meerdere procenten” van het bbp van de eurozone omvatten, zei Macron eerder, wat neerkomt op enkele honderden miljarden euro’s. De eurobegroting moet onder „sterke leiding” staan van een minister van Financiën van de eurozone. Die moet worden gecontroleerd door een parlement voor de eurozone.

Het zijn even ambitieuze als politiek gevoelige voorstellen, omdat ze gaan over de dingen die eurolanden bij uitstek graag voor zichzelf willen houden: geld en macht. Of Macrons plannen van de grond zullen komen, valt nog maar te bezien. Donderdagavond zouden de leiders van de EU-landen Macrons visie bespreken tijdens een top in Tallinn.

Ook econoom Thomas Piketty vindt dat de eurozone een eigen parlement moet krijgen. Lees ook het recente interview met hem: ‘Zonder democratie gaat de euro kapot’

Begrotingsunie

Macron beoogt met de eurobegroting twee dingen. Ten eerste, het gezamenlijk opvangen van economische schokken. Nu eurolanden niet meer elk een eigen monetair beleid kunnen voeren, kunnen ze ook niet meer in hun eentje „het hoofd bieden aan een crisis”, zei hij dinsdag. En ten tweede, het doen van langetermijninvesteringen in, bijvoorbeeld, de energietransitie.

De Franse president is zeker niet de eerste die een aparte begroting van de eurozone bepleit. Al jaren zeggen economen, in Europa maar ook in de Verenigde Staten, dat de monetaire unie niet kan overleven als zij niet ook een ‘begrotingsunie’ is. De stabiliteit van de muntunie mag niet langer afhangen van het falen of slagen van individuele landen. De VS, waar arme en rijke staten samen een ‘dollarunie’ vormen, hebben een grote federale begroting.

Kritisch opiniestuk

Toch vindt lang niet iedereen dat de eurozone zomaar de VS moet kopiëren. Een groep van vijftien Franse en Duitse topeconomen stelde deze week in een opiniestuk dat zo’n eurobegroting weliswaar „behulpzaam” kan zijn, maar dat er veel logischer methoden zijn om financieel-economische risico’s te spreiden in de muntunie. Ze noemen onder meer een Europees depositogarantiestelsel (waarover onderhandelingen zijn gestagneerd) en meer integratie van kapitaalmarkten, zodat beleggers klappen kunnen opvangen.

Opvallend is dat ook enkele economische adviseurs van Macron, onder wie Jean Pisani-Ferry, meeschreven aan het stuk. Dat duidt op scepsis in het kamp-Macron over de eigen vergezichten. Nog even afgezien van de het ongemak in Duitsland en Nederland over zo’n eurobegroting, die kan uitdraaien op permanente geldstromen naar armere eurolanden.

De grootste hindernis bij een eurobegroting is de financiering ervan. Want hoe kom je tot een budget van „enkele procenten” van het bbp van de eurozone? In augustus nog zei Macron daarover dat het geld „geleidelijk” moet worden opgebouwd uit „bijdragen” uit nationale begrotingen.

Dinsdag klonk het dat het geld moest komen uit belastingen: uit nieuwe belastingen op CO2 en op techbedrijven en uit de bestaande vennootschapsbelasting. Het probleem is alleen: beslissingen over belastingen worden in de EU genomen op basis van unanimiteit. Alle negentien eurolanden hierin mee krijgen is een wel érg lastige opgave.

Andere Europese leiders zijn sceptisch over Macrons plannen. Lees ook: Macron gaat Rutte net iets te snel en Merkel houdt de boot af bij Macrons plannen voor de euro

Nieuw ‘slechtweerfonds’

Dat betekent niet dat er in de eurozone niets nieuws van de grond zal komen. Zo sprak Klaus Regling, de Duitse topman van het bestaande reddingsfonds ESM (leencapaciteit 500 miljard euro) laatst over een nieuw „fonds voor slecht weer”, ofwel, voor economische tegenslag. Zo’n slechtweerfonds zou onder de hoede van het ESM kunnen komen. Het ESM komt nu alleen in actie bij begrotingsproblemen, een nieuw fonds zou al kunnen uitkeren bij een puur economische schok.

Dit idee komt in de buurt van wat Macron bepleit, maar dan in een realistischer vorm. Binnen het ESM heeft elk land een veto, wat met name Duitsland aanspreekt. En, nog belangrijker: het ESM zorgt al jaren met succes voor zijn eigen financiering, via de kapitaalmarkten. Dat betekent: géén nieuwe euro-belastingen.

Macrons integrale speech: