Hoe overleeft een vakantie-romance?

Tip: Probeer je voor te stellen hoe het er uitziet als je de relatie in zou passen in je dagelijks leven

Ik zag hem voor het eerst op het vliegveld van Kangerlussuaq, waar hij stond te flirten met een Groenlandse stewardess. Hij droeg een afzichtelijke muts met marihuanalogo. Een Rus. Samen met dertig anderen zouden we langs West-Groenland zeilen.

Hij heette Misha, was 34 en kwam uit Moskou. Terwijl we het zeilschip betraden vertelde hij me over het aantal landen dat hij had bezocht (104), de auto’s die hij bezat (3) en de flessen champagne in zijn rolkoffer (5).

Misha had alles wat ik niet in een man zocht – inclusief een ex-vrouw en twee dochters. Maar zijn brede lach was oprecht. „You look beautiful, Gemmatsjka”, zei hij. Misha werd mijn vakantieliefde.

Bij een grootschalig internationaal onderzoek in opdracht van datingsite Lexa werd een paar jaar geleden becijferd dat 51 procent van de Nederlanders weleens een vakantieliefde heeft gehad. Andere internationale onderzoeken (vaak in opdracht van reisbureaus of condoomfabrikanten) komen met vergelijkbare percentages.

Die hoge cijfers zijn te verklaren. Zo doe je op vakantie vaak nieuwe, spannende dingen, die in je brein de aanmaak stimuleren van dopamine, een chemische stof die verliefdheidsgevoel kan aanwakkeren. Ook is wetenschappelijk aangetoond dat zon op je huid de zin in seks verhoogt.

Bovendien is er op vakantie sprake van een zogeheten ‘liminale’ periode, waarin grenzen vervagen, blijkt uit onderzoek van Michelle Thomas van de universiteit van Cardiff. De tijd wordt ‘gecomprimeerd’, aldus Thomas, en daardoor voelt een korte flirt sneller serieus.

De gemiddelde vakantieliefde is geen lang leven beschoren. Meer dan de helft van de buitenlandse romances houdt maximaal een week stand. In 17 procent van de gevallen is er na een jaar nog altijd sprake van een relatie, blijkt uit Brits onderzoek.

Hoe zorg je ervoor dat een vakantieliefde uitgroeit tot een duurzame relatie? Wat zijn de do’s & don’ts? Gedraag je zoals je thuis zou doen wanneer je iemand net leert kennen, schrijft Luisa Dillner in haar populair-wetenschappelijke boek Uncovering love by the numbers. Dus niet de hele dag wezenloos in elkaars armen hangen, maar voldoende tijd voor jezelf (en je reisgenoten) reserveren.

Realistische blik

Ook is het belangrijk om al tijdens de vakantie met een realistische blik naar de verstandhouding te kijken. Hoogleraar sociale psychologie Roos Vonk, auteur van het boek Liefde, lust & ellende: „Op vakantie ben je ontspannen en zit je lekker in je vel. Je associeert elkaar met vrijheid en avontuur. Maar wees realistisch en probeer je voor te stellen hoe het er in de praktijk uitziet als je de relatie in zou passen in je dagelijks leven. Spreek die verwachtingen ook uit naar de ander. Houd het wel luchtig, zodat het niet te benauwend wordt: vraag niet meteen wanneer je je schoonouders gaat ontmoeten.”

Ook het maken van concrete plannen is belangrijk, aldus Vonk. „Dan is de kans groter dat ze je gaat uitvoeren. Let er wel op dat er sprake is van wederkerigheid: wil die ander net zo graag als jij dat dit gaat werken?

„Is dat niet zo, dan heeft de romance sowieso al weinig kans van slagen. Dat geldt ook voor een relatie waarbij je partner in het buitenland woont, en je allebei al weet nooit naar het land van de ander te willen verhuizen. Blijven hopen dat je wederhelft alsnog gaat verhuizen voor jou, is als hopen dat je getrouwde minnaar toch zijn vrouw zal verlaten.”

Ikzelf arriveerde in Amsterdam met de marihuanamuts op mijn hoofd. Afscheidscadeautje van Misha. „Visit me in Moscow, Gemmatsjka”, had hij gezegd.

We voerden urenlange Skypegesprekken, bij de bieb leende ik Russisch voor Dummies. Begin september landde ik op Moskou Sheremetyevo. Vijf dagen zou ik blijven.

Eenmaal thuis droeg Misha mijn koffer de trap op, zijn slaapkamer in. Op dat moment werd er aangebeld. Een Russische ballerina beende het appartement in. Misha en zij begonnen druk te praten. Na vijf minuten keerde hij zich naar me toe. „Dit is Nadia. Mijn vriendin. Ik heb gezegd dat je een kennis bent.”

Die nacht lag ik in het stapelbed van de dochtertjes van Misha. De volgende ochtend vertrok ik naar een hotel.

Had ik de wetenschappelijke literatuur maar beter geraadpleegd. Vooral mannen blijken volgens het onderzoek van Thomas soms te ‘vergeten’ dat ze thuis al een vriendin hebben.

Anneke (63, Nederlands) en António Correia (66, Portugees)
Bij elkaar sinds: 1974

António: „We ontmoetten elkaar tijdens een internationaal studentenwerkkamp in Frankrijk.”

Anneke: „Voor mij was het m’n eerste vakantie alleen. Op de eerste dag raakte ik onder de indruk van António vanwege een prachtige muurtekening die hij met houtskool op de witgekalkte muur van zijn slaapruimte maakte, geïnspireerd door de Anjerrevolutie die dat jaar in Portugal had plaatsgevonden. Direct voelden we ons tot elkaar aangetrokken. Binnen de groep ontwikkelde er zich tussen António en mij een band waarvan we ons pas echt bewust werden na onze eerste zoen.”

António : „Toch zagen we totaal geen toekomst in onze relatie. Te grote afstand en cultuurverschillen, te korte kennismaking, het was niet rationeel om door te gaan, alhoewel de gedachte aan een voorgoed afscheid ons allebei diep bedroefd maakte.”

Anneke: „Het keerpunt kwam toen ik me een ochtend niet lekker voelde. Een Tsjecho-Slowaaks meisje, een arts die een oogje had op António, verklaarde dat ik in het ziekenhuis moest worden opgenomen omdat ik een blindedarmontsteking zou hebben. Zo belandde ik voor een week in een kliniek, 15 kilometer verderop. De superbezorgde António bezocht me liftend zo vaak als hij kon.”

António: „Waarschijnlijk was het dit voorval dat ons deed ervaren hoe graag we samen waren.”

Anneke: „Eenmaal thuis hielden we contact door bijna dagelijks te schrijven. Soms stuurden we cassettebandjes en we bezochten elkaar om de zoveel maanden met de trein. Zo baanden we vastberaden een weg naar een plek waar we samen konden zijn. We wonen al 40 jaar in Coimbra, Portugal.”

Marleen Koppert (41, Nederlands) en Vern Yen (50, Australië)
Bij elkaar sinds: 1996

Marleen: „We ontmoetten elkaar in Sarawak, op Maleisisch Borneo. We sliepen in hetzelfde hostel en hadden het zo gezellig dat Vern langer bleef dan gepland.”

Vern: „We hadden een bijna hoorbare ‘klik’ tijdens onze eerste ontmoeting.”

Marleen: „Maar we waren ook realistisch: ik zou teruggaan naar Nederland en hij zou nog backpacken door Centraal-Azië. Uiteindelijk hebben we onze plannen aangepast: we zijn allebei voor een half jaar terug naar huis gegaan om dingen te regelen en daarna hebben we eerst een jaar door Australië gereisd, en daarna nog een jaar door Zuidoost-Azië.”

Vern: „Twee jaar 24/7 samen zijn, is een goede test om te kijken of je de rest van je leven samen kunt delen …”

Marleen: „Na die twee jaar wisten we dat we samen verder wilden en bespraken we de voor- en nadelen van een leven in Nederland of Australië. Australië won. Terwijl ik op een visum wachtte in Nederland hadden we een echte langeafstandsrelatie. Dat was wel een moeilijke tijd. Maar in 2000 zijn we getrouwd, in Sarawak, en inmiddels wonen we alweer jaren aan de oostkust van Australië, met onze twee kinderen.”

Vern: „Voor het onderhouden van een relatie zijn eigenlijk dezelfde ingrediënten nodig als voor reizen: gevoel voor avontuur, enthousiasme, flexibiliteit, humor … En waardering voor wat je hebt, wat je beleeft en wat je samen deelt.”

Marleen: „De digitale middelen helpen wel: het is makkelijker om je leven op afstand met elkaar te delen nu. Maar de succesfactoren zijn in elke relatie hetzelfde, of je elkaar nu ontmoet in een pub of op reis: liefde, toewijding, gemeenschappelijkheid. En maak je niet druk om dingen die er niet toe doen.”

Nicolas Huffels (34, Nederlands) en Iran Raeisy (31, Iraans-Canadees)
Bij elkaar sinds: zomer 2017

Nicolas: „We kwamen in contact via een dating-app, toen ik in april in Iran op reis was. We hadden afgesproken om samen stroopwafels te eten, maar toen moest Iran voor werk plotseling naar San Francisco, dus dat ging niet door.”

Iran: „We hebben veel gezamenlijke interesses en dus hielden we contact via Telegram, een soort WhatsApp. Dagelijks chatten we met elkaar over het nieuws, alledaagse dingen, onze gedachten… Op een gegeven moment vertelde ik dat ik een lang weekend naar Istanbul op vakantie ging. ‘Zal ik ook meekomen?’, vroeg Nicolas toen. Ik zei ja, al dacht ik toen ik mijn koffers pakte: waar ben ik aan begonnen?”

Nicolas: „Maar zodra we elkaar op het vliegveld van Istanbul ontmoetten, verdwenen de zenuwen. Het was 5 minuten awkward, daarna voelde het heel natuurlijk. Sindsdien hebben we een relatie. We houden dagelijks contact met geschreven en gesproken berichtjes en filmpjes en eens in de twee dagen bellen we via Skype.”

Iran: „Wat ook helpt, is dat we, wanneer we elkaar zien, al weten wanneer onze volgende ontmoeting is. Laatst spraken we bijvoorbeeld in Wenen af, en toen wisten we dat we elkaar in oktober weer zien – dan kom ik negen dagen naar Nederland, om samen het land te verkennen en zijn familie en vrienden te ontmoeten. En de eigenaar van de plaatselijke kaaswinkel, want die schijnt ook al over mij gehoord te hebben.”

Nicolas: „Via mijn moeder …”

Iran: „In oktober gaan we het over de toekomst hebben: waar willen we wonen? Waarschijnlijk kom ik naar Nederland. Het zal best wennen zijn om elkaar dag in dag uit te zien, maar op een positieve manier.”