Eeuwig jonge playboy in satijnen pyjama

Hugh Hefner (1926-2017),

Hefner stond bekend om zijn extravagante levensstijl en de wilde feesten die hij in de jaren zeventig gaf. Zijn Playboy verkoopt nu producten in 180 landen.

Hugh Hefner in zijn villa, The Playboy Mansion in Los Angeles, 2006. Foto Hector Mata / AFP

De pasja is niet meer. De oprichter en het boegbeeld van het mannenblad Playboy, Hugh Hefner, overleed woensdag in zijn villa, The Playboy Mansion in Los Angeles. Dat heeft Playboy Enterprises woensdag bekendgemaakt. Hefner is 91 jaar geworden.

De miljonair, die als negenjarige al buurkrantjes maakte, richtte het blootblad Playboy op in 1953. Het groeide snel uit tot een icoon van de seksuele revolutie. Zo droeg Hefner bij aan het doorsnijden van de puriteinse wortels van de VS en bood hij mannen een welkome ontsnapping aan de rigide verplichtingen van de grijze jaren vijftig. Hefner kreeg zelf een strenge opvoeding en begon aan een reguliere carrière als copywriter. Maar al snel koos hij voor zichzelf. „Ik denk dat ik al vroeg ontsnapte in de droomwereld van de film en de muziek uit die tijd”, zei hij in 2008 tegen The New York Times.

Door de populariteit van het blad verwierf ook Hefner wereldwijde bekendheid als belichaming van het Playboy-merk en van het twintigste-eeuwse droombeeld van wat een man toekwam. Hij liet zich, gehuld in zwart zijden pyjama en rood satijnen smokingjasje, voor de camera’s omringen door een harem van mooie en schaarsgeklede vrouwen. Hij cultiveerde zijn hedonistische imago onder meer met de beruchte feesten die hij op zijn landgoed gaf. Tegen CNN zei hij eens: „Ik ga nooit volwassen worden. Jong blijven, daar draait het om in het leven. Lang geleden besloot ik al dat leeftijd er niet toe doet, zolang ik vrouwen om me heen heb.”

‘Goede interviews’

Hefner was zijn tijd vooruit als het ging om merkextensie en personal branding. Zijn imperium met het bekende konijntje-met-smokingstrikje als logo wist iedere maatschappelijke vernieuwing te doorstaan, van het heftiger bloot in bladen als Penthouse in de jaren tachtig tot de komst van internet. Hefner deed in clubs en casino’s, in reality-tv en merchandise. Momenteel is Playboy Enterprises vooral een licentiebedrijf; in meer dan 180 landen zijn producten van Playboy te koop. De onderneming wordt al jaren gerund door zijn kinderen Christie, David en Cooper. De laatste besloot in 2015 geen blootfoto’s meer te publiceren in het blad, maar kwam daar snel van terug. Toen Hefner in 2016 zijn landgoed te koop zette, beschreven verslaggevers met graagte de vergane glorie van de Mansion – metafoor voor een afgebladderd merk. Een derde van het geld werd inmiddels verdiend in China, waar men op blootfoto’s geen prijs stelt, maar wel op producten met een konijntje erop die de echo van westerse luxe dragen.

Lees meer over de invloed van Playboy: Playboy koppelde seks aan een stijlvol leven

Onschuldig universum

Hefner claimde altijd niets dan een onschuldig universum te willen scheppen van eeuwige adolescentie en speels genot. Maar als het moest verdedigde hij dat met venijn. In 1963 kwam ene Marie Catherine Ochs als ‘bunny’ werken in een club van Hefner in New York. Het bleek de latere feministe Gloria Steinem die een vernietigend stuk publiceerde over de magere beloning en de verdere exploitatie van de bunny’s – de seksuele bevrijding van Playboy had de tweede sekse niet bereikt. Toch gingen vele beroemde vrouwen voor het blad uit de kleren, onder wie Drew Barrymore en Madonna. Nog voordat ze faam verwierven, werkten Lauren Hutton en Deborah Harry (Blondie) als Playboybunny in een van de Playboyclubs van Hefner.

Voor ‘Hef’ was Playboy eerder een levenstijl dan een seksblad. Dat uitte zich in interviews met historische figuren als Fidel Castro, Martin Luther King Jr., Malcolm X en John Lennon. Literaire grootheden als Saul Bellow, James Baldwin en Kurt Vonnegut publiceerden erin. De sandwichformule leidde tot de geijkte grap dat je Playboy kocht ‘voor de interviews’.

Jaren geleden bezocht Bas Heijne de Playboy Mansion. Lees hier zijn reportage terug: Geloof, hoop en film

Hefner kocht in 2009 het graf naast Marilyn Monroe en zei dat hij daar begraven wil worden. Zij stond op de cover van de eerste Playboy van december 1953. „Er waren in mijn jeugd veel platinablonde meisjes in films”, zei Hefner in 2008 tegen The New York Times. „Daar ben ik altijd van blijven houden.”

Correctie (29 september 2017): In een eerdere versie van dit artikel stond Laura Hutton in plaats van Lauren Hutton. In die eerste versie stond ook dat Lauren Hutton en Deborah Harry uit de kleren gingen. Dat klopt niet. Zij waren Playboybunny in een van de Playboyclubs van Hefner.