Nederlander optimistisch, maar bezorgd over ouderenzorg

Nederlanders maken zich zorgen over grote thema’s als zorg en immigratie. Tegelijk is hun optimisme groot, aldus het Sociaal en Cultureel Planbureau.

Nederlanders hebben volop zorgen over de toekomst van de gezondheidszorg, vooral over hoe de ouderenzorg georganiseerd wordt. Foto Jeroen Jumelet/ANP

Als het aan de Nederlandse burger ligt, moet het nieuwe kabinet vooral aan de slag met gezondheidszorg, immigratie en inkomensverschillen. Dat staat in de jongste Burgerperspectieven, een driemaandelijks onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Nederlanders hebben volop zorgen over de toekomst van de gezondheidszorg, vooral over hoe de ouderenzorg georganiseerd wordt. Bezorgdheid is er daarnaast over de manier van samenleven en immigratie en integratie/ De opvattingen daarover zijn overigens niet structureel veranderd sinds de instroom van grote groepen vluchtelingen in 2015. Verder vinden de ondervraagden dat beter samenleven een verantwoordelijkheid van de mensen zelf is, niet die van de politiek, schrijft het SCP.

Nederlanders zijn ook optimistisch. Vergeleken met andere Europeanen is er meer optimisme over de eigen toekomst en die van het land – al zijn hoogopgeleiden positiever dan laagopgeleiden. Over de economie zijn Nederlanders bovengemiddeld positief: 80 procent geeft de Nederlandse economie een voldoende. Daarmee is het optimisme terug op het niveau van voor de crisis van 2008.

Na 25 jaar somberen is het tijd om de balans op te maken. Het gaat niet slechter, maar over de hele linie beter, schrijft Joshua Livestro. “Zeg mij na: wij kunnen het aan.”

De goede kant op

De verwachtingen over de economie zijn zelfs positiever dan toen: 86 procent van de respondenten denkt niet dat de economische situatie komend jaar verslechtert. Ook vindt 40 procent, meer dan toen, dat het met Nederland de goede kant op gaat. Tegenover hen staat 49 procent die vindt dat het met Nederland „de verkeerde kant op gaat”. Die zorgen betreffen vooral gezondheidszorg en immigratie. Daar moet het kabinet dus werk van maken, aldus het rapport.

Terwijl medisch-ethische thema’s, zoals het vrijwillig levenseinde, en het klimaat splijtzwammen zijn tussen de formerende partijen, vinden Nederlanders dat die onderwerpen amper prioriteit moeten hebben voor de politiek. Slechts 6 procent noemt „natuur en milieu” als belangrijkste prioriteit.

Voor inkomensverschillen geldt het omgekeerde. Waren die tijdens de onderhandelingen tussen VVD en PvdA voor het kabinet-Rutte II heel belangrijk, in de huidige formatie spelen ze veel minder een rol. Nu vindt 11 procent van de ondervraagden dat het nieuwe kabinet vooral daarmee aan de slag moet.