Recensie

Jong is niet langer de norm bij genomineerden Turner Prize

Beeldende kunst

De prestigieuze Britse Turner Prize is dit jaar opengesteld voor kunstenaars van alle leeftijden. Esthetiek en ambacht lijken het weer te winnen van meer conceptuele kunst.

Lubaina Himid, Swallow Hard: The Lancaster Dinner Service, 2007. Verf op porselein. Foto Erick Slobbe

Jong, nieuw en veelbelovend. Lang waren dat in de kunstwereld de magische woorden waarmee galeries, musea en biënnales – altijd op zoek naar onontdekt talent – hun kunstenaars aanprezen. Zeker in Engeland, waar de Young British Artists van jong zijn een handelsmerk hebben gemaakt. Maar het tij lijkt te keren. Jong is niet langer de norm – de YBA’s zijn intussen zelf ook vijftigers. Je kunt als kunstenaar ook oud en onontdekt zijn, zo bleek afgelopen zomer op de Biënnale van Venetië en de Documenta, waar diverse tachtigplussers hun doorbraak beleefden.

De Turner Prize, de belangrijkste Britse kunstprijs, sluit aan bij die trend en heeft dit jaar zijn leeftijdsgrens afgeschaft. Sinds 1991, niet toevallig het jaar dat de YBA’s opkwamen, konden alleen kunstenaars tot vijftig jaar meedingen naar de prijs van 25.000 pond. Nu is de Turner weer opengesteld voor alle leeftijden. De vier genomineerden van dit jaar, Rosalind Nashashibi, Andrea Büttner, Hurvin Anderson en Lubaina Himid, zijn respectievelijk 44, 45, 52 en 63 jaar oud.

Esthetiek en ambacht

Zo zijn er meer trends af te lezen aan de shortlist van deze 33ste editie. Met deelnemers die roots hebben in Zanzibar, Jamaica, Palestina en Duitsland is dit de meest internationale Turner-aflevering tot nu toe. Die selectie reflecteert de globalisering van de kunstwereld en de zoektocht naar kunstenaars die voorheen over het hoofd werden gezien. Twee van de vier kunstenaars zijn zwart, drie van de vier vrouw en op een filmmaakster na maken ze allemaal gebruik van traditionele media als schilderkunst en grafiek. Deze Turner Prize volgt daarmee de huidige tijdsgeest, waarin esthetiek en ambacht het weer lijken te winnen van meer conceptuele kunst.

In de statige tentoonstellingszalen van de Ferens Art Gallery in Hull – dit jaar de culturele hoofdstad van Groot-Brittannië – hebben de vier genomineerden kleine retrospectiefjes ingericht met niet alleen kersvers maar vooral ook ouder werk. Hurvin Anderson toont een overzicht van tien jaar schilderkunst, met onder meer drie werken uit zijn ‘Barber Shop’-serie (2008-2009). Daarin zitten eenzame figuren in kale ruimtes op kappersstoelen, op een manier die doet denken aan het werk van Francis Bacon, maar dan minder beklemmend.

Hurvin Anderson, Is it OK To Be Black?, 2016. Olieverf op doek, 250 x 208 cm.

Foto Thomas Dane Gallery
Hurvin Anderson, Flat Top, 2008. Olieverf op doek, 250 x 208 cm.

Foto Thomas Dane Gallery

Zwarte identiteit

Anderson, een zwarte man met Jamaicaanse ouders, put voor zijn schilderijen zowel uit zijn Caribische roots als zijn Britse geboortegrond. Tropische palmbomen smelten samen met typisch Engelse bosjes. Het zijn prachtige doeken, die met hun overdadige groen dezelfde romantische sfeer ademen als de schilderijen van zijn leermeester Peter Doig. Origineler is een recent schilderij als Is It Okay to be Black? (2016), een compositie met portretten van zwarte iconen als Malcolm X, Nelson Mandela en Martin Luther King. Hun nageschilderde foto’s zitten als krantenknipsels tegen een spiegel aangeplakt en vormen zo een fraaie collage van zwarte identiteit.

Lubaina Himid, Negative Positives: The Guardian Archive, 2007-2015. Acryl en potlood op krantenpapier, 47 x 31 cm. Foto Erick Slobbe

De manier waarop zwarte mannen en vrouwen door de media worden afgebeeld, is ook een rode draad in het werk van de in Tanzania geboren Lubaina Himid. In Hull toont ze haar serie Negative Positives (2007-2016), een reeks beschilderde krantenpagina’s uit The Guardian. Door foto’s van zwarte profvoetballers of fotomodellen uit te lichten, laat ze zien hoe karikaturaal zij vaak worden afgebeeld – zelfs in een liberale krant als The Guardian. Chelsea-speler Didier Drogba bijvoorbeeld, oogt op de sportpagina als een ‘blackface’. Onbewuste stereotypering, noemt Himid dat, want de fotoredactie had ook kunnen kiezen voor een minder beladen beeld.

Als docent aan de universiteit van Central Lancashire, als tentoonstellingsmaker en als lid van de British Black Art Movement heeft Himid zich haar hele carrière hard gemaakt voor onderbelichte zwarte kunstenaars. In haar eigen werk snijdt ze vooral koloniale thema’s aan. Een mooi werk is Swallow Hard: the Lancaster Dinner Service (2007), waarbij ze de gezichten van slaven heeft geschilderd op Brits porselein dat ze vond in kringloopwinkels. De truttige bloemetjes op kannen en kruiken vult ze aan met slavenschepen – om te laten zien dat „er gaten in de geschiedenis zijn die moeten worden opgevuld”. Maar ze doet het met humor, en dat maakt deze oudste kandidaat de grootste favoriet voor de Turner Prize – ook bij de bookmakers.

Vingerafdrukken

Andrea Büttner, Beggar, 2016 (detail). Serie van 9 houtsnedes, 174 x 1280 cm. Foto Erick Slobbe

De presentatie van Andrea Büttner is nogal wisselvallig en uiteenlopend. De Duitse kunstenaar combineert hedendaagse thema’s met aloude technieken als houtsnedes en gravures. Het grappigst zijn de kleurrijke etsen die ze maakte van de vegen van haar vette vingers op het scherm van haar iPhone. De uitvergrote vingerafdrukken zien eruit als abstract-expressionistische schildergebaren, maar zijn de spontane restanten van haar surfsessies op internet.

Rosalind Nashashibi toont twee korte, poëtische 16mm-films, waaronder Vivian’s Garden (2017), een werk dat ook op de Documenta te zien was. De film volgt kunstenaar Vivian Suter en haar moeder Elisabeth Wild, die samen in de jungle van Guatemala wonen en gestaag doorwerken aan hun schilderijen en collages. Creativiteit houdt niet op als je ouder wordt, zo laat deze film zien. Suter en Wild, 68 en 95 jaar oud, beleefden deze zomer hun debuut op de Documenta. Vivian’s Garden is een ode aan de kracht van oude kunstenaars. Alleen daarom al verdient dit werk de Turner Prize.