Commentaar

Heethoofden Madrid en Barcelona moeten afkoelen en praten

In Spanje tekent zich een gevaarlijke confrontatie af. De autonome regio Catalonië is vastberaden zondag een referendum te houden over onafhankelijkheid. De centrumrechtse regering van Mariano Rajoy in Madrid is vast van plan die volksraadpleging te verhinderen. Aan de zuidflank van de Europese Unie zou een langdurig politiek geschil binnen enkele dagen zomaar kunnen ontaarden in handgemeen of erger.

De Catalaanse regering zegt dat ze de wil van het volk uitvoert. De regering in Madrid zegt dat ze nationale wetgeving respecteert en weet zich gesteund door het Constitutionele Hof dat een onmiddellijke opschorting van het referendum gelastte. De Catalaanse separatisten zijn van dat argument niet onder de indruk omdat ze het Hof zien als een politiek orgaan met door Madrid benoemde rechters. Onderhandeld wordt er al lang niet meer.

De spanning loopt op. Het centrale gezag heeft Catalaanse politici gearresteerd die banden zouden hebben met de organisatie van het referendum, waarop duizenden de straat opgingen om tegen Madrid te protesteren. In drukkerijen werd gezocht naar stembiljetten. Het openbaar ministerie doet onderzoek naar honderden burgemeesters die zeggen dat ze het referendum steunen. Madrid brengt intussen de in Catalonië impopulaire Guardia Civil in stelling.

Catalonië heeft een eigen culturele traditie en een eigen taal, die gedurende de Franco-dictatuur (1939-1975) werd onderdrukt. Daarnaast vindt de economische succesvolle regio al decennia dat het te veel moet bijdragen aan de zwakkere regio’s.

De huidige confrontatie heeft een lange voorgeschiedenis. Het lukte Catalonië keer op keer om meer autonomie te vergaren, in ruil voor politieke steun aan de centrale regering. In 2010 annuleerde het Constitutionele Hof een politiek pact dat Catalonië de status van natie binnen Spanje gaf. Daarna gingen de Catalanen zich militanter opstellen. Harde economische maatregelen die Madrid na de crisis van 2008 nam, deden de verhoudingen verder verzuren.

Spanje heeft bij een afscheiding van Catalonië heel wat te verliezen. De regio beslaat slechts 6 procent van het land, maar huisvest met bijna 7,5 miljoen inwoners 16 procent van de bevolking en is goed voor 19 procent van het bruto nationaal product.

Een grote meerderheid van de Catalanen is voor een legaal, erkend referendum, maar de bevolking is verdeeld over onafhankelijkheid. In 2014 hielden de Catalanen een informeel referendum. Een ruime meerderheid stemde toen voor onafhankelijkheid, maar de opkomst was lager dan vijftig procent. In 2015 behaalden politici die voor onafhankelijkheid zijn een nipte meerderheid van de zetels bij regioverkiezingen.

Hoe het Catalonië buiten Spanje zou vergaan is ongewis. Geen internationale organisatie heeft onafhankelijkheid aangemoedigd. De EU heeft gezegd dat voor Catalonië dezelfde toetredingsprocedure geldt als voor andere landen, waarbij Spanje het recht heeft toetreding met een veto tegen te houden.

De harde, legalistische opstelling van Madrid is onverstandig. Catalaanse twijfelaars worden door het machtsvertoon van Madrid in de armen van de afscheidingsbeweging gedreven. Bovendien dreigt er in Catalonië de komende dagen een riskante situatie te ontstaan. De Guardia Civil is niet het antwoord.

De Catalaanse president Carles Puigdemont moet zich afvragen wat hij bij een gemankeerd referendum heeft te winnen. De oplossing kan alleen gevonden worden in pragmatisme aan de onderhandelingstafel. Hier ligt mogelijk een taak én een kans voor koning Felipe. Zijn vader lukte het in 1981 een staatsgreep te ontzenuwen en de Spaanse democratie te redden.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.