Column

Nog een Sagan? Graag

Wat goed is komt snel, zo wordt gezegd. Het is niet altijd waar. In het wielrennen komt wat goed is soms veel te vroeg. Zoals elk jaar volgde ik de wereldkampioenschappen voor junioren met grote belangstelling. De individuele tijdrit werd gewonnen door de Brit Tom Pidcock, de wegwedstrijd door de uit de kluiten gewassen Deen Julius Johansen. En nu is het afwachten of die knullen van achttien later bij de professionals nog iets waard blijken te zijn.

In 2001 schreef ik op deze plaats over ene Alexandr Kvatsjoek. De Oekraïner soleerde dat jaar met groot machtsvertoon naar de wereldtitel in Lissabon. Het was werkelijk vernietigend, maar ik vroeg me af of er nog rek zat op dat reeds volgroeide lichaam. Sommige van zijn concurrenten waren niet eens van de jeugdpuistjes verlost.

Ik zag de jonge garde vrij en roekeloos koersen in Bergen en moest opeens denken aan deze geweldenaar. Waar was hij gebleven? De zoekmachine leerde me dat hij inderdaad professional is geworden. De uitslagenlijst is niet bepaald indrukwekkend. Ik kon me ook niet herinneren hem ooit in beeld te hebben gezien. In een van zijn laatste koersen, de Tour Tinutului Secuiesc van 2014, werd hij negende in het eindklassement. Dat dan weer wel.

Dus, wat gaat er gebeuren met Tom Pidcock en Julius Johansen? Stomen ze door, of wacht hen het lot van Kvatsjoek?

Wereldkampioen wielrennen worden op je achttiende, welke jeugdrenner droomt er niet van. Maar dan begint het. Hoe in godsnaam kun je jezelf nog overtreffen? En hoe kun je de verwachtingen van de supporters nog overtreffen?

Het kan. In de uitslagenlijsten van de kampioenschappen voor junioren kom ik een Kwiatkowsky tegen die in 2008 excelleerde op de individuele tijdrit. In 2010 kom ik op hetzelfde nummer een gouden Bob Jungels tegen die op dit moment nog lang niet zijn professionele plafond heeft bereikt. Niet alle jonge wereldkampioenen leunen achterover alsof hun carrière er al op zit.

De nieuwe wereldkampioen tijdrijden Tom Pidcock deed me glimlachen. Niet omdat hij op het podium werd geflankeerd door een Italiaan en Pool die elk een kop groter waren dan hij, maar omdat hij niet van plan was geweest de tijdrit te winnen. Pidcock schijnt een uitzonderlijk talent te zijn. De nieuwe Sagan wordt hij genoemd om zijn onverschilligheid. Eigenlijk was hij in voorbereiding op het veldritseizoen. Als veldrijder was hij al wereldkampioen.

Nog een Sagan? Graag.

Peter Winnen is oud-profwielrenner en schrijver. Dit is zijn laatste column. Vanaf 2001 schreef hij columns voor NRC.