Macron gaat Rutte net iets te snel

Integratie

Voor Nederland hoeft de macht over defensie en financiën niet zo nodig naar Brussel. Rutte: „Het Nederlands belang is leidend.”

Emmanuel Macron hield zijn toespraak over de toekomst van Europa in het amfitheater van de Sorbonne in Parijs. Foto Ludovic Marin/AFP

Visie. Het is een begrip waar premier Rutte van gruwt. Al helemaal als het over de toekomst van de Europese Unie gaat. En daar was dan weer een toespraak vol visie over Europa. Dit keer van de Franse president Macron. Twee weken geleden had voorzitter Juncker van de Europese Commissie in zijn State of the Union voor de leden van het Europees Parlement ook al zo’n visionair verhaal. „Ik ben in de politiek niet zo’n romanticus”, reageerde Rutte toen.

Rustig aan, vooral niet te veel overhoop halen, dat is de Europa-politiek van het huidige demissionaire kabinet. „Wat Macron en Juncker willen is zeker geen pas op de plaats”, zegt Adriaan Schout, hoofd Europese Studies aan Instituut Clingendael in Den Haag. „Dit is een kant die Nederland niet op wil. Wij willen dat eerst alle landen aan de begrotingsnormen voldoen en daarna pas eventueel verder praten over Europese integratie. Maar dat gebeurt niet. Frankrijk en Duitsland gaan compromissen sluiten.”

Het kabinet moet volgens Schout op die ontwikkeling zijn voorbereid, maar dat is door het Frans-Duitse overwicht heel moeilijk. En dat terwijl Nederland toch al in „een lastig parket” zit door het aanstaande vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. De Britten en Nederlanders waren vaak bondgenoten in het op afstand houden van al te rigoureuze integratie, straks zal Nederland meer op zich zelf zijn aangewezen.

Een bondgenoot verliezen

Macron noemde in zijn toespraak een aantal zaken waar Nederland helemaal niets voor voelt. Zo sprak hij van een Europese militaire interventiemacht die over een eigen budget en eigen beslissingsmacht zou moeten beschikken. Volgens Nederland moet de defensiesamenwerking in de Europese unie niet verder gaan dan gezamenlijk aanschaffen van materieel. Maar alles wat in de richting van een Europees leger gaat en afstaan van soevereiniteit is voor Nederland een brug te ver. Militaire samenwerking in de NAVO is voldoende.

Nederland is goede vrienden met Duitsland, schreef columniste Caroline de Gruyter onlangs. Dus als Duitsland en Frankrijk naar elkaar toetrekken, zijn Nederlanders altijd zenuwachtig

Dezelfde weerzin geldt voor Macrons idee voor een gezamenlijke Europese financieel-economische politiek die uiteindelijk weerspiegeld zou worden in een Europese minister van Financiën. Tevens zouden de eurolanden over een eigen budget moeten beschikken om economische schokken op te kunnen vangen. De vrees van Nederland is dat geld van landen die hun boekhouding netjes op orde hebben, wegvloeit naar de op het terrein van belastinggeld uitgeven minder strenge landen.

Tot nu toe trok Den Haag hier altijd samen op met Duitsland. Maar als Duitsland en Frankrijk samen tot een hernieuwd Europees elan willen komen dreigt Nederland een op dit punt trouwe bondgenoot te verliezen. „Er komt een andere balans en Nederland is hier niet op voorbereid”, waarschuwt Europa-kenner Schout.

Scepsis over verdere samenwerking

De vraag is of het kabinet in wording van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie zich assertiever zal tonen. Met Mark Rutte opnieuw aan de leiding zal het bestaande afwachtende Europese beleid waarschijnlijk zoveel mogelijk worden voortgezet. „Het Nederlandse belang is leidend”, zegt Rutte keer op keer. Daarvoor zal Nederland in zijn ogen coalities moeten bouwen met verschillende landen, afhankelijk van het onderwerp. Volop pragmatisch dus.

Van het viertal aanstaande coalitiepartijen is D66 het meest uitgesproken Europees. „Mooie speech Macron. Durft vol te kiezen voor sterke en betere EU”, twitterde Tweede Kamerlid Kees Verhoeven van deze partij dan ook na de toespraak. Daartegenover staan VVD, CDA en ChristenUnie met een gereserveerder houding. Vooral de ChristenUnie staat uiterst sceptisch tegen nadere Europese samenwerking. Zodoende ligt doorgaan op de huidige weg voor de hand.