Recensie

Aidsprotest als kwestie van leven en dood

Drama

In ‘120 BPM’ maakt regisseur Campillo zijn eigen verleden als aidsactivist in de jaren 90 invoelbaar, toen de ziekte ook in het Westen nog een doodvonnis was.

Nathan (Arnaud Valois) heeft zijn eigen redenen om actie te voeren in 120 BPM.

Was dat wel zo slim, vragen de realisten zich af: die functionaris met nepbloed bekogelen en daarna in de handboeien slaan? Dat helpt de dialoog niet: zelfs de linkse pers noemt de actie grof en kinderachtig. Maar we hebben nu wel hun aandacht, antwoorden de radicalen.

We bevinden ons in een Parijse collegezaal, begin jaren negentig. Franse activisten van Act Up debatteren over slogans of strategie. Naar die zaal keren we regelmatig terug in 120 BPM, waarin regisseur Robin Campillo (Eastern Boys) zijn eigen verleden als aidsactivist sluipenderwijs invoelbaar maakt: de film won in Cannes de Grand Prix (zeg maar: tweede prijs).

Lees ook het interview met regisseur Robin Campillo: ‘Soms speelden we boosheid. Heerlijk.’

Het na 1987 uit Amerika overgewaaide Act Up voerde radicale actie om bewustzijn van, preventie tegen en medisch onderzoek naar het aids-virus te stimuleren. 120 BPM is zo’n film die je plompverloren in dat zeer specifieke milieu werpt. Pas gaandeweg besef je wat het verhaal is en wie de helden zijn: aidspatiënt Sean, een pezige heethoofd, en diens kalme minnaar, de niet besmette Nathan, die zijn eigen redenen heeft om actie te voeren.

Je leert ze kennen, begrijpen en ten slotte liefhebben terwijl ze heftig discussiëren, condooms uitdelen in klaslokalen, gek doen op de Gay Pride en door retrovirus en latex bezwaard neuken: seks is geen intermezzo, maar essentieel in 120 BPM. Al dansen ze ook natuurlijk. Op Bronski Beat. Op de 120 ‘beats per minute’ van deep house. Op de rand van de vulkaan: soms vloeit de dansvloer over in een dreigende microkosmos van T-cellen en retrovirussen.

Eerst neig je er misschien toe het weg te wuiven, dat oeverloos steggelen over virusremmers, procedures en of bureaucratische afkortingen – AIDES, ANRS, AFSL – vriend of vijand zijn. Schept de farmaceutische industrie kunstmatig tekorten? Moet je de ‘zieke broeders’ bij straatprotesten op de eerste rij zetten, zoals in Amerika? Of wordt dat aapjes kijken? Hamer je op het schandaal rond besmette bloedbanken dat ‘normale’ hemofiliepatiënten en hetero’s trof om aidsonderzoek te stimuleren? Of moffel je zo de ‘echte slachtoffers’ weg: homoseksuelen, drugsgebruikers en prostituees?

Het lijken sektarische kwesties, 21 jaar nadat combinatietherapie van hiv in het Westen een chronische ziekte heeft gemaakt. Maar Robin Campillo weet in 120 BPM met retroviraal geduld je weerstand uit te schakelen terwijl je diep in zijn wereld verdwijnt. Je begrijpt de hartstocht dan. Dit zijn geen beroepsactivisten met tunnelvisie, dit is politiek op zijn persoonlijkst. Over leven of dood.