Klimaat

Hoe het klimaat tot conflict leidt… in de wetenschap

Zodra er een wetenschappelijk artikel verschijnt waarin een link wordt gelegd tussen een conflict en klimaatverandering, volgt er een artikel waarin die visie onderuit wordt gehaald. Ingrid Boas pleit voor een beetje nuancering.

Groenteverkoper in Idlib (december 2016) Foto AFP

Er is weer eens een stevig debat gaande over klimaatverandering en conflict. Ditmaal gaat het over Syrië. Het brak los met een artikel in een gerenommeerd tijdschrift van Collin Kelley en vier andere wetenschappers dat aangaf bewijs te hebben dat klimaatverandering tot een ernstige droogte had geleid in Syrië.

Door de droogte zouden 1.5 miljoen mensen uit agrarische gebieden naar de stad zijn getrokken om werk te vinden. De daaropvolgende drukte en competitie om banen in de steden zou tot onrust hebben geleid en het conflict hebben aangewakkerd.

De media smulden ervan, maar kritiek vanuit de wetenschap kwam al snel. Veel klimaatmigratiewetenschappers, inclusief ikzelf, waren verbaasd en verontwaardigd toen dit artikel uitkwam. Sinds een aantal jaar is er veel aandacht voor de complexe realiteit van migratie en de gevolgen en oorzaken ervan. Dit artikel walste daar overheen met de simpele mededeling dat de droogte-migratie in Syrië een katalyserende factor is geweest in het aanwakkeren van het conflict.

Geen betrouwbaar bewijs

Als reactie op dit stuk is er nu een artikel uitgekomen van Jan Salby en drie andere collega’s van verschillende universiteiten, waaronder de gerenommeerde klimaatwetenschapper Mike Hulme. Zij proberen de klimaatconflict/migratie thesis van Syrië totaal onderuit te schoppen, gericht op de artikelen die de stelling de wereld hebben gebracht.

Hun kernargument is dat er tot dusver geen betrouwbaar bewijs is dat klimaatverandering een factor was in het veroorzaken van de droogte in noordoost Syrië, en de droogte trof niet geheel Syrië en duurde minder lang dan vaak is gesuggereerd.

Daarnaast laten ze zien dat de schatting van 1.5 miljoen is gebaseerd op verkeerde statistieken, en er veel minder mensen dan aangegeven waren vertrokken door de droogte. Bovendien geven ze aan dat het niet waarschijnlijk is dat de droogte-migratie heeft bijgedragen aan de start van de burgeroorlog.

Dit laatste beargumenteren ze door middel van 32 interviews met Syrische vluchtelingen uit de Syrische stad Dara’a. Deze interviews geven aan dat de migranten uit het platteland geen actieve rol hadden in de protesten.

Hoera! – had ik verwacht dat ik zou denken toen ik begon met lezen. Ik was blij met het tegengeluid. Maar naar mijn mening vliegen ook zij een beetje uit de bocht. Door zo stellig de andere kant op te gaan polariseren ze het debat, zonder dat ze meer inzicht geven in wat er dan wel is gebeurd. Hebben de voorstanders van het klimaat-migratie-conflict thesis dan alles uit hun duim gezogen?

Ergens had ik gehoopt op meer debat, interactie tussen de twee invalshoeken, inzicht in de verschillende oorzaken en gevolgen van de migratie. Geen welles – nietes spel. Ze hebben bijvoorbeeld de plattelands-migranten zelf niet gesproken. Dat de migranten zelf niet mee deden aan de protesten weerlegt niet dat het een bron van onrust kan zijn geweest. Zonder interviews met deze groep zelf is er weinig inzicht in wat deze migranten hebben ervaren.

Rituele dans

Het is een soort rituele dans. Al sinds de jaren ’90 krijgt de relatie tussen oorlog en milieu veel aandacht in de wetenschap. Elke keer wanneer er weer een mogelijke casus langskomt laait de discussie weer op, zonder dat deze opgelost wordt.

Zo was dat een aantal jaren geleden rondom het conflict in Darfur. De Verenigde Naties vonden dit een conflict door droogte. Als reactie is er een enorme hoeveelheid artikelen gepubliceerd. De één met de titel ‘Warming increases the risk of civil war in Africa’, en als reactie de ander met: ‘Climate not to blame for African civil wars’.

Dat het ook anders kan, bewijst Francesca de Châtel. Ze plaatst de droogte in Syrië in een bredere context: van economische liberalisering en de daaropvolgende armoede (bijv. een abrupte stop van brandstofsubsidies heeft dramatische gevolgen gehad voor boeren), langdurige wanbeleid rondom natuurbronnen, en het falen van het regime om hier mee om te gaan. Ze analyseert deze factoren en hun relaties in detail, en brengt daarmee verdieping in het debat in plaats van te polariseren.

Dit artikel van Francesca de Châtel kwam al uit in 2014, maar kreeg bij lange na niet zoveel aandacht in de media en erbuiten als de bovengenoemde stukken. Maar goed, verdieping is blijkbaar minder spannend dan absolute statements.

Blogger

Ingrid Boas

Ingrid Boas is universitair docent en Veni-onderzoeker aan de onderzoeksgroep milieubeleid aan Universiteit Wageningen. Ze onderzoekt milieu-gerelateerde migratie in het digitale tijdperk (NWO, Veni-beurs) en is auteur van meerdere publicaties op het gebied van klimaat, migratie en veiligheid.