Hartpatiënten kunnen hun aspirientje beter slikken

Hart- en vaatziekten Mensen die een hartaanval overleefden slikken meestal aspirine. Stoppen verhoogt de kans op weer een hartaanval met 50 procent.

Aspirine (salicylzuur) Foto Getty Images/iStockphoto

Mensen die na een hartaanval of een herseninfarct van hun arts een lage dosis aspirine voorgeschreven krijgen kunnen daar beter niet mee stoppen. Stoppen verhoogt de kans op een tweede hartaanval of beroerte met 50 procent.

Dat schrijven Zweedse onderzoekers op basis van een nationale studie naar aspirinegebruik bij meer dan 600.000 mensen met een vaatziekte of een verhoogd risico daarop. De resultaten stonden maandag in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift Circulation.

Aspirine (acetylsalicylzuur) werkt behalve pijnstillend en koortsverlagend ook als middel tegen stolselvorming in het bloed. Het kan bloedpropvorming in beschadigde kransslagaders van het hart of bloedvaten in de hersenen tegengaan, en daarmee een nieuwe hartaanval of beroerte voorkomen. Nadeel van aspirine is dat dit het risico op (maag-)bloedingen verhoogt.

De consensus is echter dat dit risico bij mensen die al eens een hart- of herseninfarct overleefden opweegt tegen de bescherming die aspirine biedt tegen een tweede infarct. Zo staat het ook in de Nederlandse richtlijnen. Dat heet secundaire preventie. Primaire preventie (aspirine slikken door mensen die nog géén hartaanval of beroerte hebben gehad) wordt in Nederland niet aanbevolen. Ook niet aan mensen met een hoog risico op hartziekten.

In het Zweedse onderzoek waren er wel mensen die aspirine slikten als primaire preventie, maar het grootste beschermende effect zagen de onderzoekers bij mensen die aspirine slikten als secundaire preventie. Het risico van gemiddeld 42 cardiovasculaire incidenten per duizend persoonsjaren liep bij de ‘stoppers’ op tot 70 cardiovasculaire incidenten per duizend persoonsjaren.

De onderzoekers denken dat er sprake is van een ‘rebound effect’. Door het wegvallen van de stollingsremmende invloed van aspirine kan de stollingsneiging van het bloed juist toenemen. Dat is waarschijnlijk een klein effect, maar omdat vaatpatiënten massaal aspirine gaan slikken en weer stoppen, is dat kleine effect meetbaar.

Dit was geen gerandomiseerd onderzoek, maar het laat, in zijn massaliteit met 600.000 mensen, zien wat er in de praktijk gebeurt. Er is niet gecorrigeerd voor roken en bewegen. Er bestaat bovendien een kans dat het resultaat beïnvloed is doordat ernstig zieke mensen stoppen met aspirine slikken.

Correctie: in een eerdere versie van dit verhaal stond salicylzuur als stofnaam voor aspirine. Dat moet acetylsalicylzuur zijn.