Column

Doorbreek het immigratietaboe

Het immigratietaboe gaat onvermijdelijk sneuvelen. Sinds het jaar 2000 is het in Nederland een geloofsartikel dat immigratie slecht is, en veel immigratie heel slecht. Maar hoe lang is dit idee nog houdbaar? De werkloosheid neemt in rap tempo af, zo snel zelfs dat volledige werkgelegenheid in zicht komt. In veel sectoren is er allang een tekort aan geschikte werknemers. Zelfs beroepsgroepen die bij toetreding van de Oost-Europese lidstaten zeiden de ‘oneerlijke concurrentie’ van goedkope buitenlandse arbeidskrachten te vrezen (van vrachtwagenchauffeurs tot schilders) hebben inmiddels te maken met een krappe arbeidsmarkt.

Begin dit jaar luidde Randstad-CEO Jacques van den Broek in een interview met het Financieele Dagblad de noodklok: „Als land moet je ervoor zorgen dat er mensen zijn voor de banen. Dat is nu niet het geval. Door economische groei, vergrijzing en kloof tussen arbeidsmarkt en opleidingen neemt de krapte op de arbeidsmarkt snel toe.” Zijn onorthodoxe oplossing was om jaarlijks 80.000 immigranten binnen te laten om de gaten in de arbeidsmarkt op te vullen – het equivalent van 1 procent van de beroepsbevolking.

Van den Broeks pleidooi stuitte op voorspelbare kritiek: „onnodig”, „niet haalbaar”. Toch zal hij vermoedelijk niet lang een roepende in de woestijn blijven. Het punt waarop we praktisch gezien met volledige werkgelegenheid te maken hebben, nadert met rasse schreden. De kans is groot dat Den Haag vervolgens onder druk van de omstandigheden alsnog voor arbeidsmigratie zal kiezen.

Ook dan zal ongetwijfeld weer het „onnodig” en „niet haalbaar” klinken. Sommigen zullen inbrengen dat we het probleem gewoon binnen onze landsgrenzen moeten oplossen door het inzetten van het leger van ‘economisch inactieven’. Een nobel idee, maar hoe realistisch is het? Nederland hoort qua arbeidsparticipatiegraad nu al bij de koplopers binnen de OESO. Veel rek zit er niet meer in. Er zijn goede redenen waarom de participatiegraad onder bijvoorbeeld gedeeltelijk arbeidsongeschikten hardnekkig laag blijft. Voor deze mensen passende arbeid vinden is verre van eenvoudig. Het zou te veel van ze vragen om nu opeens alle gaten in de arbeidsmarkt te helpen dichten.

Anderen zullen hun kaarten zetten op de robotisering. Maar robots zullen pas op middellange termijn een deel van de bestaande vacatures kunnen helpen invullen. Het is bovendien verre van duidelijk of het inzetten van robots überhaupt tot dalende werkgelegenheid zal leiden. De oude wetmatigheid dat elke nieuwe technologische golf meer banen creëert dan hij vernietigt geldt ook voor robots. Wall Street Journal-commentator Greg Ip toonde dat onlangs met onderzoekscijfers aan. Zo schetste hij bijvoorbeeld dat de invoering van geldautomaten in de VS juist was samengegaan met opening van méér bankfilialen en per saldo ook méér personeel dat zich bezighoudt met klantzaken.

Het lijkt al met al onvermijdelijk dat het immigratietaboe op de schop zal gaan. Zo ging het al eerder in het voormalige anti-immigratieland Japan. De vergrijzing zorgde er voor een gierend tekort aan (vooral lageropgeleide) werknemers. Dus ging de Japanse regering overstag: de afgelopen tien jaar is de arbeidsmigratiestroom verdubbeld. Er wordt zelfs gesproken over introductie van speciale ‘gastarbeiderprogramma’s’ om tekorten aan werknemers te ondervangen. Inderdaad, dezelfde term die wij ook kennen uit de jaren zestig. Ook toen hadden we te maken met vrijwel volledige werkgelegenheid. Ook toen sneuvelde de loonmatiging. En ook toen kwam de arbeidsmigratie op gang. Zo gaat dat soms in de politiek: het ene moment is iets nog onbespreekbaar, het volgende moment was iedereen altijd al voor.

Joshua Livestro is hoofdredacteur van opiniesite Jalta.nl. Hij studeerde politicologie en filosofie.