Ditmaal was de hoofdrol wél voor haar weggelegd

Wegwedstrijd vrouwen

Ondanks een val behaalde Chantal Blaak de wereldtitel. Haar opofferingsgezindheid is bekend, maar nu cijferden haar teamgenoten zich weg.

Chantal Blaak kwam tijdens de wegwedstrijd in het Noorse Bergen ten val maar werd alsnog wereldkampioen. Foto Jerry Lampen/ANP

Toen Chantal Blaak afgelopen juli als 42ste bovenkwam op de iconische Col d’Izoard, op ruim negen minuten van winnares Annemiek van Vleuten, toonde ze zich een tevreden mens. Ze was voor niet meer dan een bijrol naar Frankrijk gevlogen en plaatste zich niet voor het vervolg van La Course in Marseille, maar dat mocht de pret niet drukken. „Ik ben gewoon blij met mijn wedstrijd”, zei ze, uithijgend op meer dan twee kilometer hoogte, wetend dat zo’n klim haar terrein niet is. Zij moet het hebben van de power, de macht in de benen. Maar ze genoot evengoed. „Ik heb veel op kop gereden en ben van waarde geweest voor mijn ploeg.” Het tekende haar opofferingsgezindheid. „Chantal kan zich als geen ander wegcijferen”, zei Lucinda Brand over haar trainingsmaatje.

Lees ook de column van Wilfried de Jong: Een regenboogtrui als boezemvriendin

Lange tijd leek die rol ook zaterdag Blaak weer het best te passen, tijdens de wegwedstrijd voor vrouwen op deze WK wielrennen, zeker toen ze na bijna 90 kilometer wedstrijd tegen het asfalt schoof, samen met nog een dozijn wielrensters. Ze bleef even verdwaasd over haar frame gebogen staan, trekkebeende naar haar fiets en vervolgde haar weg met eenzelfde enthousiasme als waarmee ze die middag in Bergen opgestapt was. Op haar rechter bovenbeen was een wond zichtbaar ter grootte van een bierviltje, haar schouder was gebutst, maar binnen tien kilometer was ze weer aangesloten bij het peloton. Bondscoach Thorwald Veneberg wist niet wat hij zag toen hij Blaak tussen de ploegleidersauto’s voorbij zag knallen. Aan niets bleek dat haar moraal geknakt was, maar zelf had ze zich al neergelegd bij opnieuw een bijrol. „Ik dacht dat mijn wedstrijd over was”, zou ze later tegen de NOS zeggen. „Ik probeerde terug te komen om te kijken wat ik nog kon doen voor mijn ploeggenoten, maar nooit met het plan om hier te gaan winnen.”

Op haar werd niet gelet

De koers ontbrandde aanvankelijk dan ook zonder haar. De andere Nederlandse vrouwen kleurden de wedstrijd met een spervuur van aanvallen, maar ze werden telkens ingerekend. De concurrentie wist heel goed dat ze de olympisch kampioene van Rio (Anna van der Breggen) en de kersverse wereldkampioene tijdrijden (Van Vleuten) geen meter te veel ruimte moesten geven. Op Blaak werd niet gelet, een scenario waar bondscoach Veneberg op had gehoopt. Hij was met „twee spitsen” naar Bergen afgereisd. Maar, zei hij: „Middenvelders kunnen ook scoren”. In feite konden alle acht vrouwen in het oranje voor de wereldtitel gaan, zoveel beter zijn ze dan de rest. Van die situatie profiteerde Blaak met een demarrage vlak voor het ingaan van de laatste ronde. Ze kreeg een Britse en een Française mee.

Daarachter werd gerekend. Als de situatie zo bleef, was de kans op een wereldtitel 1 op 3. Normaliter heel aardig, maar niet als je zo dominant bent. Veneberg wilde geen enkel risico nemen. Blaak was immers al tegen de grond gegaan en had daarna een enorme inspanning moeten leveren om terug te keren. Bergop hoort ze bovendien niet bij de besten, en Salmon Hill, een heuvel van 1,5 kilometer van 6 procent, moest nog een laatste keer bedwongen worden. Via het communicatiesysteem gaf hij Van Vleuten en Van der Breggen groen licht om het gat naar hun landgenote dicht te rijden. Na de hergroepering waren de kansen op de titel gestegen naar 3 op 7.

Maar op de laatste klim kwamen de twee topfavorieten niet weg. Wat ze ook probeerden, hun inspanningen werden gecounterd. Toen het parcours wat afvlakte, zag Blaak haar kans schoon: acht kilometer vlakke weg lag nog voor haar wielen, het was nu of nooit voor de 27-jarige Rotterdamse. Tegen de NOS: „Ik dacht: ‘Dit is de enige kans in mijn leven dat ik wereldkampioen kan worden’.”

Dat hadden haar landgenotes ook gezien. Achter Blaak hielden uitgerekend de topfavorieten hun benen stil, zodat van een achtervolging geen moment meer sprake was. Ze offerden zich op omdat ze wisten dat Chantal Blaak hetzelfde voor hen zou hebben gedaan.