VS bombarderen IS-kamp Libië

Het is de eerste luchtaanval sinds de inauguratie van president Donald Trump.

Libiërs bezoeken een begrafenis na een aanslag van IS in augustus 2017 Foto AFP/Stringer

De Verenigde Staten hebben een grote luchtaanval uitgevoerd in Libië. De aanval was gericht op een kamp van terreurgroep Islamitische Staat (IS), zo’n 250 kilometer ten zuidoosten van Sirte, het voormalige Afrikaanse hoofdkwartier van de organisatie. Er kwamen bij de aanval zeventien personen om het leven, volgens het U.S. Africa Command gaat het om strijders van IS.

Het is de eerste luchtaanval die de VS uitvoeren sinds de inauguratie van president Trump. Volgens het U.S. Africa Command werd het woestijnkamp gebruikt om strijders in en uit het land te verplaatsen en ter opslag van wapens en andere uitrustingen. Ook zouden terroristische aanslagen vanuit het kamp worden voorbereid. “IS en al-Qaeda maken gebruik van de delen van Libië waar geen overheid aanwezig is, om terroristische aanvallen voor te bereiden in buurlanden en Europa,” zegt het commando in een persbericht.

Sirte

De Verenigde Staten zijn sinds augustus 2016 militair actief in Libië, waar zij strijden tegen IS. Voormalig president Barack Obama gaf destijds persoonlijk toestemming voor de luchtaanvallen. De laatste Amerikaanse luchtaanval in Libië was nog tijdens zijn ambtsperiode, namelijk op de dag voor de inauguratie van Donald Trump.

Terreurgroep IS nam begin 2015 Sirte over, waarna het de belangrijkste basis van de organisatie werd buiten het Midden-Oosten. Na maandenlange gevechten door troepen van de eenheidsregering werd Sirte in december 2016 heroverd. Hierna hebben kleinere milities van IS zich verspreid over het land.