Column

Genderneutraal

Mijn eigen Hema-ahamoment: een aantal jaren geleden liep ik door een geheel verbouwd filiaal in Amsterdam, waar het moderne design van afspatte – alles uitgekiend smaakvol, licht en helder, met de allure van veel duurdere winkels. Zo, dat is erop vooruit gegaan, dacht ik, en net toen ik me vergaapte aan vijf soorten olijfolie die in ranke flessen stonden uitgestald, hoorde ik achter me een doorrookte vrouwenstem op z’n Amsterdams zeggen: ‘Sinds de verbouwing vind ik er niks meer aan.’

Op het moment dat ik dit schrijf is #genderneutraal trending op Twitter – dat gaat over de beslissing van de Hema om kinderkleren voortaan zonder aanduiding van geslacht in de schappen te leggen. Met die beslissing lijkt me niks mis. Wat gepast is voor wie, mag de klant zelf uitmaken.

Maar dat genderneutraal, daar is wel iets mis mee.

Eerst gender – dat woord is vanuit de universiteit in de bloedstroom van de samenleving terechtgekomen, dat wil zeggen, in de bovenste lagen. Het maakt deel uit van een hip jargon. Tegenwoordig behoor ik zelf tot de LHBTQIA-gemeenschap. Begripvolle hetero’s die graag aan de goede kant van de geschiedenis staan, noemen zichzelf cisgenders, omdat ze geen boodschap hebben aan heteronormativiteit. ’s Nachts dromen ze van intersectionaliteit.

Zelf heb ik weinig behoefte aan zo’n energielabel op mijn seksualiteit – een etiket, hoe goed bedoeld ook, blijft een etiket. Verder vind ik het allemaal best. Het is onmiskenbaar dat oude categorieën aan het verschuiven zijn, dat mannen van nu niet lijken op mannen van toen – en bij vrouwen is dat verschil nog veel groter. En het feminisme is weer springlevend, mooi. Dat zorgt voor weerstand en een hoop gescheld, zoals altijd.

De Hema is geen politieke arena, wel een publieke

Eind negentiende eeuw vlogen mannen massaal tegen het plafond omdat de eerste zelfstandige vrouwen zich aandienden, de zogenaamde New Women. Geen paniek groter dan de paniek van bedreigde mannelijkheid. De huidige wereldpolitiek wordt erdoor beheerst.

Maar dat gender – wat zou die vrouw achter me in de Hema daarvan vinden? Veel hedendaags activisme staat in het teken van bewustwording – van mechanismes, structuren, machtsverhoudingen. Maar gek genoeg wordt de eigen positie zelden benoemd – de sociale positie van waaruit dit soort analyses op de samenleving worden losgelaten. Het is een blinde vlek van nogal wat hoogopgeleide progressieven. Je wil de maatschappij veranderen, maar je draait rond in een klein kringetje van gelijkgestemden. Je zegt van alles over de samenleving, je ziet niet hoe de samenleving naar jou kijkt.

Afgelopen week nam ik deel aan een discussie aan de Amsterdamse VU, waarbij dit soort onderwerpen langskwamen. Een student maakte een opmerking: wij gebruiken hier achteloos woorden als diversiteit en gender, enzovoort, zei zij, maar ik ben een eerstegeneratiestudent en ik moet echt niet met zulke woorden aankomen bij mijn vrienden. Daarna was het even stil.

En dan neutraal. Echt een rotwoord, met associaties van angstvalligheid, iedereen te vriend houden, uit de wind blijven, nergens je vingers aan willen branden. Voor critici die moord en brand schreeuwden toen het besluit van de Hema bekend werd, was het dan ook vrij schieten. Ja, daar was PVV’er Martin Bosma alweer voor de camera van Powned. De man is zichtbaar moe van zijn eigen sarcasme, zo vaak heeft hij voor hetzelfde publiek mogen schamperen dat Nederlands cultuurgoed verkwanseld wordt door een zichzelf progressief wanende elite, neem paaseitjes – de rest weet u. Geen verschil meer tussen jongens en meisjes, maar wel de hoofddoek propageren!

Dat is precies het probleem. Het gaat helemaal niet om neutraliteit, het gaat om diversiteit. Diversiteit is waar de samenleving aan moet wennen, verschillen in smaak, kleur, afkomst, geloof, voorkeur, houding, opvatting – ik zeg, leve de rapper met nagellak. Zo’n samenleving is vaak genoeg een strijdperk en dan krijgt het begrip neutraliteit al snel iets lafs. De Amerikaanse politiek filosoof Michael Sandel: „We zijn het met elkaar oneens. […] We vragen daarom aan burgers om hun ethische en spirituele overtuigingen achter zich te laten wanneer ze de politieke arena betreden. We denken dat dit zal leiden tot een publiek debat zonder al te veel risico’s, want het debat is dan niet zo beladen met meningsverschillen waarvan we weten dat ze er zijn.”

De Hema is geen politieke arena, wel een publieke. Ophef over jumpertjes zonder geslachtsaanduiding, who cares. Maar de cultuurstrijd die erachter schuil gaat is reëel genoeg. Daarbij zou ik zowel gender als neutraal voortaan mijden als de pest. Wie wil er in godsnaam genderneutraal zijn?

Bas Heijne schrijft elke week een column op deze plek.